FNRS (Fonds de la Recherche Scientifique): Audit
Datum: 2026-03-31 Categorie: FWB Instellingen. Herverdeeld Status: 🟠 Hervormd: Fusie tot nationaal wetenschapsfonds met deelstaatpijlers
Fase 1: Diepteonderzoek
1A. Wat is het precies?
Het F.R.S.-FNRS (Fonds de la Recherche Scientifique) is de centrale financieringsinstelling voor fundamenteel wetenschappelijk onderzoek in de Fédération Wallonie-Bruxelles (FWB). Het is de Franstalige tegenhanger van het Vlaamse FWO (Fonds Wetenschappelijk Onderzoek).
Historiek: Het oorspronkelijke Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek (NFWO) werd opgericht op 2 juni 1928 door koning Albert I, op initiatief van Émile Francqui. Het was een unitair Belgisch fonds dat decennialang het fundament vormde van de Belgische wetenschapsfinanciering. In 1992 werden nieuwe statuten opgesteld die het fonds de facto in twee autonome entiteiten splitsten. Een Nederlandstalige (FWO) en een Franstalige (FNRS). De definitieve juridische splitsing volgde in 2005.
Juridische basis: Het FNRS is een stichting van openbaar nut, gefinancierd door de FWB. Sinds de communautarisering van het wetenschapsbeleid valt het onder de bevoegdheid van de minister van Wetenschappelijk Onderzoek van de FWB.
Budget (2024):
- Totale uitgaven: €270,2 miljoen
- Totale inkomsten: €262,2 miljoen
- Overheidsubsidies (FWB): €241,8 miljoen (meer dan 90% van de inkomsten)
- Subsidie FWB specifiek voor FNRS: ~€174 miljoen (2024)
- Télévie (jaarlijkse inzamelactie kankeronderzoek): €13,35 miljoen (record 2025)
Verdeling uitgaven (2024):
- Bezoldiging onderzoekers (doctoraatsstudenten, postdocs, permanente mandatarissen) + werkingskredieten: €152,9 miljoen
- Projecten, kredieten en andere instrumenten: €93,3 miljoen
- Internationaal onderzoek en mobiliteit: €10,9 miljoen
- Administratie en logistiek: €15,3 miljoen
Personeel:
- Administratie: 72 medewerkers
- Onderzoekers met FNRS-mandaat (sept. 2024): ~1.196 doctoraatsbursalen (Aspiranten, FRIA- en FRESH-bursalen, Télévie-doctorandi)
- Daarnaast: postdoctorale onderzoekers, chercheurs qualifiés, maîtres de recherches, directeurs de recherches
Aansturing: Raad van Bestuur, met rectorenoverleg en wetenschappelijke commissies. De Secrétaire Général leidt de dagelijkse werking.
1B. Wat doet het in de praktijk?
Kerntaken:
- Financiering van individueel fundamenteel onderzoek via mandaten (doctoraat, postdoc, permanent)
- Financiering van onderzoeksprojecten en -kredieten
- Internationale onderzoekssamenwerking en mobiliteit
- Beheer van 8 "fonds associés" (geassocieerde fondsen) voor strategisch onderzoek in specifieke sectoren
- FRIA (Fonds pour la formation à la Recherche dans l'Industrie et l'Agriculture): industrieel/landbouwonderzoek (sinds 1994)
- FRESH. Onderzoek in menswetenschappen
- Télévie. Publieke inzamelactie voor kankeronderzoek (sinds 1989, totaal €209 miljoen opgehaald)
Overlap met andere instellingen:
- BELSPO (federaal wetenschapsbeleid): financiert ook onderzoek, maar gericht op federale bevoegdheden. Overlapping in internationale samenwerking.
- FWO (Vlaanderen): doet exact hetzelfde, maar voor de Vlaamse Gemeenschap. Geen structurele samenwerking behalve via het EOS-programma (Excellence of Science), het enige cross-community instrument.
- Regionale innovatie-agentschappen (VLAIO, SPW Recherche): overlap bij toegepast onderzoek en valorisatie.
Prestatie: Het FNRS publiceert jaarverslagen met cijfers over slaagpercentages, bibliometrische indicatoren en internationale rankings van Franstalige universiteiten. De exacte impact-KPI's zijn echter minder gestructureerd dan bij het FWO, dat door de Vlaamse overheid systematisch geëvalueerd wordt (laatste evaluatie 2023).
1C. Internationale vergelijking
| Land | Instelling | Budget | Personeel/mandaten | Structuur |
|---|---|---|---|---|
| België (Fr.) | FNRS | €270M (2024) | ~1.200 doctorandi + permanenten | Gemeenschapsfonds, 1 taalgemeenschap |
| België (Nl.) | FWO | ~€400-450M (schatting op basis van projectbudgetten) | Vergelijkbaar | Gemeenschapsfonds, 1 taalgemeenschap |
| Nederland | NWO | ~€1 miljard/jaar | 17,5 miljoen inwoners | Nationaal, 4 domeinen |
| Duitsland | DFG | €3,9 miljard (2024) | 30.940 projecten | Nationaal, 70% federaal + 29% Länder |
| Zwitserland | SNSF | CHF 1,3 mld (~€1,35 mld) | 8,8 miljoen inwoners | Nationaal, meertalig |
| Denemarken | IRFD | ~€300M+ | ~400 grants/jaar | Nationaal, 5 raden |
Cruciale observatie: België is het enige land in deze vergelijking dat zijn wetenschapsfonds heeft gesplitst langs taalgrenzen. Nederland (vergelijkbaar qua omvang) heeft één NWO. Zwitserland. Vierttalig en federaal. Heeft één SNSF. Duitsland. 16 Länder. Heeft één DFG. De Belgische splitsing is internationaal uniek en leidt tot schaalnadelen.
Concrete gevolgen van de splitsing:
- Het FNRS bedient ~4,5 miljoen Franstaligen; het FWO ~6,5 miljoen Nederlandstaligen. Samen zouden ze een fonds vormen van ~€670-720 miljoen. Vergelijkbaar met het Deense en dichter bij het Zwitserse model.
- Peer review: beide fondsen moeten afzonderlijk internationale panels samenstellen. Dubbel werk, dubbele administratie.
- Internationale zichtbaarheid: België heeft geen "single voice" in Europese onderzoeksnetwerken. FNRS en FWO treden apart op.
- EOS-programma: het enige gezamenlijke instrument (opgericht 2016): een doekje voor het bloeden.
1D. Knelpunten en kritiek
Budgettaire druk FWB: De FWB kampt met een structureel begrotingstekort (€350 miljoen onverwacht gat in 2024). De jaarlijkse subsidie aan het FNRS is al verlaagd en deze verlaging wordt doorgetrokken tot 2029. Dit bedreigt de onderzoekscapaciteit.
Schaalnadeel door splitsing: Het FNRS is te klein om internationaal zwaar te wegen. Met €270 miljoen is het budget een fractie van vergelijkbare nationale fondsen (NWO: €1 mld, DFG: €3,9 mld, SNSF: CHF 1,3 mld).
Geen structurele samenwerking met FWO: Behalve het EOS-programma bestaat er geen structurele samenwerking. Dit is in een klein land als België absurd. Onderzoekers aan ULB en VUB (dezelfde campus!) moeten bij verschillende fondsen aanvragen.
Afhankelijkheid van één bestuursniveau: 90%+ van de inkomsten komt van de FWB. Als de FWB structureel bespaart (wat nu gebeurt), wordt het FNRS onevenredig geraakt. Er is geen buffer of diversificatie.
OESO-kritiek op fragmentatie: De OESO heeft herhaaldelijk gewezen op de fragmentatie van het Belgische wetenschapsbeleid over federaal, gemeenschaps- en gewestniveau. De coördinatie via de Interministeriële Conferentie voor Wetenschapsbeleid (IMCSP) is onvoldoende.
Overlap met BELSPO en regionale agentschappen: Er is geen heldere afbakening tussen fundamenteel onderzoek (FNRS/FWO), federaal wetenschapsbeleid (BELSPO) en regionaal innovatiebeleid (VLAIO, SPW). Onderzoekers navigeren een doolhof.
Evaluatiecultuur: Het FWO wordt systematisch geëvalueerd door de Vlaamse overheid (laatste evaluatie 2023). Voor het FNRS is er geen vergelijkbare externe evaluatiecyclus vanuit de FWB.
Fase 2: Toetsing aan de 9 Principes
| # | Principe | Oordeel | Onderbouwing |
|---|---|---|---|
| 1 | Subsidiariteit | ⚠️ | Fundamenteel onderzoek heeft geen taalgrens. Het is per definitie internationaal. Organisatie op gemeenschapsniveau is een mismatch. |
| 2 | Transparantie | ⚠️ | Het FNRS publiceert jaarverslagen, maar er is geen gestructureerde externe evaluatie zoals bij het FWO. De burger weet niet wat €270M oplevert. |
| 3 | Verantwoordelijkheid = Financiering | ❌ | De FWB beslist over het budget maar draagt geen fiscale verantwoordelijkheid. Ze leeft van dotaties. De fiscal gap is maximaal. |
| 4 | Eenvoud | ❌ | Een Belgische onderzoeker moet navigeren tussen FNRS/FWO, BELSPO, VLAIO/SPW, EU-programma's, en 8 geassocieerde FNRS-fondsen. Kafkaiaans. |
| 5 | Schaalgrootte | ❌ | €270M voor 4,5 miljoen inwoners. Vergelijk: NWO €1 mld voor 17,5M, SNSF CHF 1,3 mld voor 8,8M. Te klein voor critical mass. |
| 6 | Concurrerende bevoegdheden | ⚠️ | Niet van toepassing in het huidige model. De bevoegdheid is exclusief gemeenschap. Maar juist hier zou een nationaal kader met regionale differentiatie beter werken. |
| 7 | Resultaatgericht | ⚠️ | Er zijn bibliometrische gegevens, maar geen systematische KPI's of externe evaluatiecycli. Geen "what works"-cultuur. |
| 8 | Digitaal-eerst | ⚠️ | Aanvragen verlopen digitaal, maar de systemen van FNRS en FWO zijn gescheiden. Geen geïntegreerd Belgisch onderzoeksportaal. |
| 9 | Internationaal bewezen | ❌ | Elk vergelijkbaar land (NL, DE, CH, DK, AT, SE, FI) heeft een nationaal wetenschapsfonds. België is de uitzondering. |
Synthese: Het FNRS faalt op schaalgrootte (te klein door de splitsing), eenvoud (te veel overlappende structuren), verantwoordelijkheid=financiering (FWB heeft geen eigen fiscaliteit) en internationaal bewezen (geen enkel vergelijkbaar land heeft dit model). De grootste winst zit in herfusie tot een nationaal fonds.
Fase 3: HART-voorstel
3A. Classificatie
🟠 Hervormd Het FNRS wordt samen met het FWO en de onderzoeksfinanciering van BELSPO samengevoegd tot een nieuw Belgisch Nationaal Wetenschapsfonds (BNWF), naar Zwitsers model (SNSF).
3B. Concreet voorstel
Wat verandert er:
FNRS + FWO + BELSPO-onderzoeksbudgetten → Belgisch Nationaal Wetenschapsfonds (BNWF)
- Eén fonds, twee werktalen (NL/FR/EN voor evaluatie), naar SNSF-model
- Gecombineerd budget: ~€670-720 miljoen (FNRS €270M + FWO ~€400M + deel BELSPO)
- Dat brengt België in de range van Zwitserland (CHF 1,3 mld) en dichter bij Nederland (€1 mld)
Structuur:
- Nationale Onderzoeksraad (naar DFG/SNSF-model): onafhankelijk bestuursorgaan met wetenschappers uit alle universiteiten
- 4 domeinen (naar NWO-model): Exacte wetenschappen, Levenswetenschappen, Mens- & maatschappijwetenschappen, Technologie & Innovatie
- Eén peer-review systeem: internationale panels, geen dubbel werk
- Eén digitaal portaal: onderzoekers dienen eenmaal in, ongeacht universiteit of taal
Deelstaatpijlers:
- Elke deelstaat (Vlaanderen, Wallonië, Brussel, Ostbelgien) kan aanvullende thematische programma's financieren via het BNWF
- Naar Duits model (DFG): het nationale fonds beheert, de deelstaten kunnen co-financieren
- Dit behoudt regionale accenten zonder de schaalvoordelen op te geven
Télévie: wordt een aparte fondsenwerving-entiteit die projecten financiert via het BNWF. Geen structuurwijziging nodig.
Internationaal model: Zwitserland (SNSF): meertalig, federaal, één fonds. Aangevuld met elementen van DFG (co-financiering Länder) en NWO (domeinstructuur).
Geschatte efficiëntiewinst:
- Eliminatie dubbele administratie (2× panels, 2× IT-systemen, 2× internationale vertegenwoordiging): €10-15 miljoen/jaar
- Betere internationale positionering → meer EU-Horizon-middelen binnengehaald
- Grotere beoordelingspools → hogere kwaliteit peer review
- Eén aanspreekpunt voor bedrijven die met universiteiten willen samenwerken
Implementatiepad:
- Bijzondere wet nodig (wetenschapsbeleid is gemeenschapsbevoegdheid)
- Overgangsperiode 3-5 jaar voor harmonisatie reglementen
- Bestaand personeel FNRS + FWO wordt geïntegreerd
- EOS-programma wordt de standaard, niet de uitzondering
Fase 4: Partijpunt (website-klare tekst)
Deel A: Het partijpunt
FNRS (Fonds de la Recherche Scientifique): Hervormd Het FNRS wordt samen met het FWO en de onderzoeksmiddelen van BELSPO samengevoegd tot één Belgisch Nationaal Wetenschapsfonds. België is het enige land ter wereld dat zijn wetenschapsfinanciering langs taalgrenzen heeft gesplitst. Dat maakt ons kleiner en duurder dan nodig.
Deel B: De uitleg
Hoe het nu werkt
Het FNRS is het wetenschapsfonds van de Fédération Wallonie-Bruxelles. Het financiert fundamenteel onderzoek aan Franstalige universiteiten: doctoraatsbeurzen, postdocmandaten, onderzoeksprojecten en internationale samenwerking. Budget: €270 miljoen per jaar (2024), waarvan meer dan 90% uit overheidsubsidies van de FWB. De Vlaamse tegenhanger is het FWO, met een geschat budget van €400-450 miljoen. Samen geven ze ~€670-720 miljoen uit aan wetenschapsfinanciering. Maar via twee volledig gescheiden organisaties.
Wat er mis gaat
België is het enige land in Europa dat zijn wetenschapsfonds heeft gesplitst langs taalgrenzen. Nederland heeft één NWO (€1 miljard). Zwitserland. Vierttalig en federaal. Heeft één SNSF (CHF 1,3 miljard). Duitsland. 16 Länder. Heeft één DFG (€3,9 miljard). De gevolgen zijn concreet:
- Dubbele administratie: twee aparte organisaties met elk hun eigen IT-systemen, evaluatiecommissies, internationale vertegenwoordiging en reglementen. Dat kost €10-15 miljoen per jaar aan vermijdbare overhead.
- Te kleine schaal: met €270 miljoen is het FNRS te klein om internationaal zwaar te wegen. Onderzoekers aan Franstalige universiteiten hebben minder middelen dan collega's in vergelijkbare landen.
- Geen samenwerking: onderzoekers aan ULB en VUB. Letterlijk dezelfde campus in Brussel. Moeten bij verschillende fondsen aanvragen. Het enige gezamenlijke programma (EOS, opgericht 2016) is het doekje voor het bloeden.
- Budgettaire kwetsbaarheid: het FNRS is voor 90%+ afhankelijk van de FWB, die kampt met een structureel begrotingstekort. De subsidie is al verlaagd en die verlaging loopt door tot 2029. Wetenschap wordt gijzelaar van een falend bestuursniveau.
De OESO heeft herhaaldelijk gewezen op de fragmentatie van het Belgische wetenschapsbeleid. De coördinatie tussen federaal, gemeenschaps- en gewestniveau is onvoldoende.
Hoe het elders werkt
Zwitserland is het beste referentiemodel: een federaal, meertalig land met één nationaal wetenschapsfonds (SNSF). Het SNSF beheert CHF 1,3 miljard per jaar, financiert onderzoek in alle talen (Duits, Frans, Italiaans, Reto-Romaans) en heeft één evaluatiesysteem met internationale panels. Het resultaat: Zwitserland scoort structureel in de top-3 van de Global Innovation Index. De taal van de onderzoeker speelt geen rol. De kwaliteit van het onderzoek wel.
Duitsland toont hoe co-financiering werkt: de DFG (€3,9 miljard) wordt voor 70% federaal en 29% door de Länder gefinancierd. De Länder behouden hun accenten, maar het fonds is nationaal. Nederland (NWO, €1 miljard) laat zien hoe een domeinstructuur werkt: vier wetenschappelijke domeinen, elk met eigen raad, maar onder één dak.
Wat HART voorstelt
- Eén Belgisch Nationaal Wetenschapsfonds (BNWF): samenvoeging van FNRS, FWO en de onderzoeksmiddelen van BELSPO. Gecombineerd budget: ~€700 miljoen. Werktalen: Nederlands, Frans en Engels (voor internationale evaluatie).
- Vier wetenschappelijke domeinen (naar NWO-model): exacte wetenschappen, levenswetenschappen, mens- & maatschappijwetenschappen, technologie & innovatie. Elk domein met een onafhankelijke raad van topwetenschappers.
- Eén peer-review systeem: internationale evaluatiepanels, geen dubbel werk meer. Kwaliteit als enig criterium, niet taal of herkomst.
- Deelstaatpijlers: elke deelstaat kan aanvullende thematische programma's financieren via het BNWF. Naar Duits model. Dit behoudt regionale accenten zonder de schaalvoordelen op te geven.
- Eén digitaal onderzoeksportaal: onderzoekers dienen eenmaal in, ongeacht universiteit of taal. Once-only-principe.
Wat het oplevert
- €10-15 miljoen/jaar bespaard op dubbele administratie, IT en overhead
- Grotere internationale slagkracht: één Belgisch fonds dat meespeelt met NWO, DFG en SNSF in plaats van twee kleine fondsen die apart opereren
- Meer EU-middelen: betere coördinatie betekent meer succes in Horizon Europe-aanvragen
- Betere peer review: grotere beoordelingspools, minder risico op belangenconflicten in een klein land
- Budgettaire stabiliteit: financiering via federaal niveau + deelstaten spreidt het risico. Niet langer afhankelijk van één kwetsbaar bestuursniveau (FWB)
- Eenvoud voor onderzoekers: één loket, één reglement, één portaal. Wetenschap doen in plaats van administratie navigeren.