Eerste Minister + Ministerraad: Audit
Datum: 2026-03-28 Lijn: Eerste Minister + Ministerraad. Maximaal 15 ministers Categorie: Federale Regering Status: 🟠 Hervormd
Fase 1: Diepteonderzoek
1A. Wat is het precies?
De Ministerraad (Conseil des Ministres) is het hoogste uitvoerende orgaan van de Belgische federale overheid. De juridische basis is vastgelegd in de Belgische Grondwet, met name Artikel 99, dat twee cruciale regels stelt:
- Maximum 15 ministers in de Ministerraad (inclusief de Eerste Minister).
- Taalpariteit: evenveel Nederlandstalige als Franstalige ministers, met mogelijke uitzondering van de Eerste Minister.
Staatssecretarissen maken deel uit van de federale regering maar niet van de Ministerraad (artikel 104). Hun aantal is grondwettelijk niet begrensd.
Historiek:
- Het systeem van taalpariteit werd ingevoerd bij de grondwetsherziening van 1970, als onderdeel van de eerste staatshervorming.
- De limiet van 15 ministers werd ingevoerd bij de grondwetsherziening van 1993 (Sint-Michielsakkoord).
- Vóór 1993 kon de ministerraad aanzienlijk groter zijn. De nationale regering die in mei 1988 aantrad, telde bijvoorbeeld 19 ministers (premier inbegrepen) en 13 staatssecretarissen.
Samenstelling van de federale regering die op 3 februari 2025 de eed aflegde:
- 15 ministers, geen staatssecretarissen
- Coalitie van 5 partijen
- 8 Nederlandstaligen, onder wie de premier, en 7 Franstaligen
- 5 vicepremiers
Ministeriële kabinetten: Naast de ministers zelf beschikt elke minister over een ministerieel kabinet: een team van politieke medewerkers dat beleidsvoorstellen voorbereidt, onderhandelt en coördineert. Het is een Belgisch, eigenlijk Frans systeem dat in de meeste Noord-Europese landen niet bestaat.
- 2020: 838 kabinetsmedewerkers voor 15 ministers en 5 staatssecretarissen (gemiddeld ~42 per kabinet)
- 2025: 594 kabinetsmedewerkers voor 15 ministers, zonder staatssecretarissen (gemiddeld ~40 per kabinet)
- Kabinetsgrootte in 2025: van 25 tot 64 medewerkers; de grootste kabinetten tellen 51 tot 64 leden
- Totale jaarlijkse kost alle Belgische kabinetten (2018): €197,64 miljoen, naar schatting €200 miljoen per jaar
- Federaal alleen: €86,78 miljoen per jaar (2018, toen de federale kabinetten groter waren)
- Over een volledige legislatuur van vijf jaar, alle regeringen samen: bijna €1 miljard
Profiel kabinetsmedewerkers (onderzoek bij de kabinetsleden van de federale en regionale regeringen, legislatuur 2014-2019, VRT NWS, 2020): slechts 1 op 5 heeft geen partijkaart, meer dan de helft is vrijwilliger in de partij van de minister, 66% heeft een universitair diploma, een derde heeft meer dan tien jaar ervaring bij de overheid. Slechts een zesde heeft meer dan tien jaar ervaring in de privésector.
1B. Wat doet het in de praktijk?
Kerntaken Ministerraad:
- Beraadslagen over wetsontwerpen en koninklijke besluiten
- Begrotingsbeslissingen
- Benoemingen op hoge functies
- Coördinatie tussen ministers en beleidsdomeinen
- Deelname aan het Overlegcomité met de deelstaten
Kerntaken ministeriële kabinetten:
- Beleidsvoorbereiding (in de meeste landen een taak van ambtenaren)
- Politieke onderhandelingen tussen coalitiepartners
- Contacten met parlement, pers, en partij
- Toezicht op de administratie
Problemen in de praktijk:
- Particratie: kabinetten zijn de facto verlengstukken van partijhoofdkwartieren. Ze sturen de administratie aan in plaats van andersom.
- Kennisverlies: bij elke regeringswissel vertrekken alle kabinetsleden. Opgebouwde expertise verdwijnt. Ambtenaren die 20-30 jaar werken zouden continuïteit garanderen.
- Dubbel werk: kabinetten doen werk dat de administratie (FOD's) zou moeten doen, wat leidt tot ondermijning van het ambtenarenkorps.
- Transparantie: federale kabinetten vallen pas sinds 15 juli 2024 onder de openbaarheid van bestuur (wet van 12 mei 2024); sindsdien publiceren de federale ministers de namen en functies van hun kabinetsleden. Wat kabinetsleden precies doen en hoeveel ze kosten, blijft moeilijk te achterhalen.
1C. Internationale vergelijking
| Land | Ministers | Politieke staf per minister | Kabinettensysteem | Totale polit. benoemingen |
|---|---|---|---|---|
| België | 15 (federaal) | ~40 (2025) | Ja (groot) | 594 (federaal, 2025) |
| Nederland | 18 + 10 st.secr. (2026) | 1 politiek adviseur (2 voor premier en vicepremiers) | Nee | ~30 politiek adviseurs (2026) |
| Duitsland | Kanselier + 17 | Beperkt | Nee (Beamtenstaat) | n.b. |
| Zweden | 24 (premier inbegrepen, 2026) | Geen vast aantal | Nee (Regeringskansliet) | 215 op ~4.850 medewerkers (2025), ministers inbegrepen |
| Zwitserland | 7 | Minimaal | Nee (collegiaal) | n.b. |
| Denemarken | 21 (juni 2026) | In de regel 1 | Nee | ~40 politiek adviseurs (februari 2026) |
Nederland, het meest relevante referentiemodel:
- Ministers worden ondersteund door ambtenaren, niet door politieke kabinetten.
- Elke minister of staatssecretaris heeft één politiek adviseur, de premier en de vicepremiers twee. Woordvoerders, communicatie en secretariaat zijn ambtenaren, die blijven als de regering wisselt.
- Aan de top van de ambtelijke beleidsvoorbereiding staat de Algemene Bestuursdienst (ABD): sinds 1995 een professioneel korps van topambtenaren, eind 2025 goed voor 2.087 managementfuncties.
- Een Nederlandse bestuurskundige zei het in VRT NWS (2020) zo: "In politiek opzicht is de grens tussen Noord- en Zuid-Europa die tussen Nederland en Vlaanderen."
Zweden, het Regeringskansliet:
- Alle ministeries zijn samengevoegd in één organisatie: het Regeringskansliet (gemiddeld 4.848 medewerkers in 2025).
- Daarvan zijn er 215 politiek aangesteld, ministers en staatssecretarissen inbegrepen. De rest zijn professionele ambtenaren.
- Strikte scheiding tussen politiek en uitvoering (agentschappen zijn onafhankelijk).
Zwitserland, het collegiale model:
- Slechts 7 ministers (Bundesräte) besturen het hele land.
- Geen premier. Het voorzitterschap rouleert jaarlijks.
- Beslissingen worden collegiaal genomen. Ministers verdedigen publiek alle besluiten, ook als ze persoonlijk anders stemden.
- Extreem efficiënt: 9,1 miljoen inwoners (eind 2025), 7 ministers, 4 talen.
1D. Knelpunten en kritiek
Wereldrecord zonder regering: na de verkiezingen van 13 juni 2010 duurde het 541 dagen tot een nieuwe federale regering de eed aflegde (6 december 2011), een Guinness World Record. De formatie na de verkiezingen van 2019 duurde 494 dagen, die na de verkiezingen van 2024 239 dagen.
Rekenhof-audit kabinetten: Het Rekenhof onderzocht de afslanking van de kabinetten van de Vlaamse Regering en stelde in 2011 vast dat het personeelskader sinds 2008 met meer dan een derde was gedaald, maar dat de daling vooral uitvoerend en aanvullend personeel betrof, minder de stafleden zelf.
Detacheringen: In 2023 kondigde de federale regering een wetsontwerp aan dat detacheringen vanuit beursgenoteerde overheidsbedrijven zoals bpost en Proximus naar ministeriële kabinetten verbiedt, na controverse over kabinetsmedewerkers die op de loonlijst van bpost stonden. Niet-beursgenoteerde overheidsbedrijven, zoals de NMBS, vallen er niet onder.
OESO-evaluatie: België scoort onder het OESO-gemiddelde op de Digital Government Index: 0,54 tegenover 0,61 (editie 2023) en 0,61 tegenover 0,70 (editie 2025). Het vertrouwen in de federale regering (47% in 2023) ligt boven het OESO-gemiddelde (39%), maar de efficiëntie van beleid wordt gehinderd door de complexe bestuursstructuur.
Totaal ministers in België: Alle Belgische regeringen samen (federaal + Vlaams + Waals + Brussels + FWB + Duitstalige Gemeenschap) tellen 50 ministers en staatssecretarissen (2026) voor een land van 11,9 miljoen inwoners. Ter vergelijking: Duitsland heeft een kanselier en 17 ministers voor 83,5 miljoen inwoners.
Fase 2: Toetsing aan de 9 Principes
| # | Principe | Oordeel | Onderbouwing |
|---|---|---|---|
| 1 | Subsidiariteit | ⚠️ | De federale regering is het juiste niveau voor federale bevoegdheden, maar de overlap met 5 andere regeringen creëert een wirwar van gedeelde en concurrerende bevoegdheden zonder heldere hiërarchie. |
| 2 | Transparantie | ❌ | Federale kabinetten vallen pas sinds 2024 onder de openbaarheid van bestuur. De burger ziet sindsdien wie er werkt, maar niet wat ze verdienen of welke belangen ze vertegenwoordigen. Slechts 1 op 5 kabinetsleden heeft geen partijkaart. Dit is niet transparant. |
| 3 | Verantwoordelijkheid = Financiering | ⚠️ | De federale regering int het gros van de belastingen maar draagt grote bedragen over aan deelstaten via de bijzondere financieringswet. Een groot deel van wat de deelstaten uitgeven, innen ze niet zelf. |
| 4 | Eenvoud | ❌ | 15 ministers + kabinetten van gemiddeld ~40 personen + 11 FOD's + tientallen parastatalen = een onbegrijpelijk systeem. De gemiddelde burger kan niet uitleggen wie waarvoor bevoegd is. |
| 5 | Schaalgrootte | ⚠️ | 15 ministers voor 11,9 miljoen inwoners is op zich niet buitensporig, maar het totaal van 50 ministers en staatssecretarissen over alle regeringen (2026) is absurd. Zwitserland bestuurt 9,1 miljoen mensen met 7 ministers. |
| 6 | Concurrerende bevoegdheden | ❌ | België kent exclusieve bevoegdheden per niveau, wat leidt tot blokkering bij conflicten. Er is geen hiërarchie der normen tussen federaal en deelstaatniveau (behalve de grondwet). Het Duits model van Konkurrierende Gesetzgebung ontbreekt. |
| 7 | Resultaatgericht | ❌ | Er zijn geen systematische KPI's voor ministers of kabinetten. Het Rekenhof controleert begrotingen achteraf, maar er is geen ex-ante resultaatmeting. Kabinetten worden niet geëvalueerd op prestaties. |
| 8 | Digitaal-eerst | ⚠️ | België scoort onder het gemiddelde op de OESO Digital Government Index (0,61 tegenover 0,70 in de editie 2025). De federale overheid heeft vooruitgang geboekt (eHealth, Itsme, CSAM), maar de digitalisering wordt gehinderd door de verkokering tussen kabinetten en administratie. |
| 9 | Internationaal bewezen | ❌ | Het Belgische kabinettenmodel is een uitzondering in West-Europa. Nederland, Duitsland, Zweden, Denemarken, Finland, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk werken allemaal met professionele ambtenaren in plaats van politieke kabinetten. België volgt het Zuid-Europese/Franse model. |
Synthese: 0 × ✅, 4 × ⚠️, 5 × ❌
De grootste winst is te boeken op transparantie (kabinetten openbaar maken of afschaffen), resultaatgerichtheid (KPI's voor beleid), en internationaal bewezen modellen (overstap naar het Nederlandse/Scandinavische model zonder kabinetten).
Fase 3: HART-voorstel
3A. Classificatie
🟠 Hervormd. De Ministerraad blijft bestaan als hoogste uitvoerend orgaan, maar wordt fundamenteel anders ingericht.
3B. Concreet voorstel
1. Kleinere Ministerraad: hoogstens 13 ministers, de eerste minister inbegrepen
- De HART-grondwet legt het vast: de federale regering telt hoogstens dertien ministers, de eerste minister inbegrepen, en er zijn geen staatssecretarissen (art. 39 §1).
- Door de herschikking van bevoegdheden in het HART-model (twaalf deelstaten, concurrerende bevoegdheden) zijn er minder federale bevoegdheden en dus minder ministers nodig.
- Geen taalpariteit: de taalgebieden en de landsdelen zijn gepast vertegenwoordigd in de regering (art. 39 §3), zoals in de Zwitserse Bondsraad.
2. Afschaffing ministeriële kabinetten. Nederlands model
- Beleidsvoorbereiding wordt de taak van professionele ambtenaren, niet van politieke benoemden.
- Elke minister, de premier inbegrepen, behoudt een klein politiek secretariaat van hoogstens 5 personen (art. 40 HART-grondwet): kabinetschef, woordvoerder, parlementair adviseur en twee beleidsadviseurs. Federaal gaat het van 594 kabinetsmedewerkers (2025) naar hoogstens 65 (13 ministers × 5).
- Oprichting van een Belgische Algemene Bestuursdienst (ABD) naar Nederlands model, onder de kamer bestuur van het Onafhankelijk Benoemingsorgaan, dat topambtenaren selecteert op basis van competentie, niet partijkleur (art. 38 HART-grondwet). De ABD bouwt eerst twee tot drie jaar capaciteit op in vijf FOD's; pas daarna worden de kabinetten afgebouwd.
- Afkoelperiode van 3 jaar voor ministers en topambtenaren die naar de privésector overstappen in een domein waar ze beslissingsbevoegdheid hadden.
3. Resultaatsverantwoording
- Elke minister presenteert bij aantreden een beleidsnota met meetbare doelstellingen (KPI's).
- Jaarlijks rapporteert elke minister publiek over de voortgang. Getoetst door het versterkt Planbureau (Belgisch CPB).
- Permanente digitale verantwoording: een live dashboard per minister, automatische rode vlaggen naar de bevoegde Kamercommissie, en de Kamer kan op elk moment per beleidsprogramma een verantwoordingsdebat en stemming houden.
4. Collegialiteit versterken
- Niet naar het Zwitserse model (dat vereist een totale mentaliteitswijziging), maar wel: ministers verdedigen publiek alle regeringsbeslissingen.
- Einde aan de praktijk waarbij vicepremiers via de pers hun eigen coalitielijn verdedigen tegen de regering.
Referentiemodel: Nederland (ABD + klein politiek secretariaat) + Zweden (Regeringskansliet als geïntegreerde organisatie)
Geschatte besparing (HART-raming, op kruissnelheid):
- Afbouw federale kabinetten: deel van de besparing op alle kabinetten samen (hooguit ongeveer €165 miljoen per jaar, zie audit Ministeriële kabinetten), daar één keer geteld; niet apart becijferd. De federale kabinetten kostten €86,78 miljoen in 2018; met 594 medewerkers (2025) in plaats van 769 (bij de start van de federale regering in 2014) komt dat neer op ongeveer €67 miljoen (prijzen 2018). Federaal gaat het naar hoogstens 65 politieke medewerkers (13 ministers met elk hoogstens 5).
- Minder ministers (15 → 13): beperkt, hooguit ongeveer €0,7 miljoen/jaar (wedden en toelagen van twee ministers, twee derde van ongeveer €1 miljoen voor drie; hun politieke staf zit al in de kabinetsbesparing).
- Efficiëntiewinst door professionalisering administratie: niet direct becijferbaar, maar het Nederlandse model toont aan dat beleid sneller en consistenter wordt voorbereid.
- Totaal: hooguit ongeveer €0,7 miljoen per jaar federaal (twee ministers minder); de afbouw van de federale kabinetten telt mee in de besparing op alle kabinetten samen (audit Ministeriële kabinetten) en is hier niet apart becijferd
Implementatiepad:
- Jaar 1: Wet op de Algemene Bestuursdienst. Oprichting ABD, selectieprocedure topambtenaren
- Jaar 1-3: ABD-pilot in vijf FOD's
- Jaar 3-5: Geleidelijke afbouw kabinetten (bij elke ministerwissel wordt het kabinet niet meer aangevuld)
- Grondslag: art. 39 en 40 van de HART-grondwet (hoogstens dertien ministers, de eerste minister inbegrepen, geen staatssecretarissen, geen taalpariteit, hoogstens vijf politieke medewerkers per minister)
- Uiterlijk jaar 5 na de start: volledige uitrol nieuw systeem
Fase 4: Partijpunt (website-klare tekst)
Deel A: Het partijpunt
Eerste Minister + Ministerraad. Hervormd Hoogstens 13 ministers, de eerste minister inbegrepen, in plaats van 15 leden, ministeriële kabinetten afgeschaft en vervangen door professionele ambtenaren zoals in Nederland. Besparing: deel van de besparing op alle kabinetten samen (hooguit ongeveer €165 miljoen per jaar).
Deel B: De uitleg
Hoe het nu werkt
De federale ministerraad telt maximaal 15 leden, de premier inbegrepen, met evenveel Nederlands- als Franstalige ministers (Grondwet, artikel 99). Staatssecretarissen vallen daarbuiten en hun aantal is niet begrensd. Elke minister beschikt over een ministerieel kabinet: een team van gemiddeld ongeveer 40 politieke medewerkers dat beleidsvoorstellen voorbereidt en onderhandelt (594 federaal in 2025). De federale kabinetten kostten €86,78 miljoen in 2018. Over alle Belgische regeringen heen bedragen de kosten naar schatting €200 miljoen per jaar.
Wat er mis gaat
Het Belgische systeem van ministeriële kabinetten is een uitzondering in West-Europa. In Nederland, Duitsland, Zweden, Denemarken en Zwitserland bereiden ambtenaren het beleid voor, niet politieke medewerkers. Het verschil is fundamenteel: ambtenaren werken vaak 20 tot 30 jaar op hetzelfde domein en bouwen expertise op. Kabinetsleden vertrekken na elke regeringswissel, en nemen hun kennis mee. VRT NWS telde in 2020 838 federale kabinetsmedewerkers; volgens onderzoek bij kabinetsleden had slechts 1 op 5 geen partijkaart. Federale kabinetten vallen pas sinds 2024 onder de openbaarheid van bestuur, en wat kabinetsleden precies doen, blijft voor de burger moeilijk te achterhalen.
Het resultaat is een systeem van particratie waarbij partijhoofdkwartieren via kabinetten de administratie aansturen, in plaats van een professioneel ambtenarenkorps dat op basis van expertise adviseert. In 2023 bleek dat kabinetsmedewerkers op de loonlijst van bpost stonden, waarna de federale regering een wetsontwerp aankondigde om detacheringen vanuit beursgenoteerde overheidsbedrijven naar kabinetten te verbieden.
België heeft bovendien het wereldrecord regeringsformatie: 541 dagen tussen de verkiezingen van 2010 en de eedaflegging van de federale regering in december 2011 (Guinness World Record). De complexe coalitievorming, met altijd minstens 4 tot 7 partijen, is een direct gevolg van het systeem met 6 regeringen en verplichte pariteiten.
Hoe het elders werkt
Nederland is het meest vergelijkbare referentiemodel. Een Nederlandse minister of staatssecretaris heeft één politiek adviseur, de premier en de vicepremiers twee; woordvoerders en secretariaat zijn ambtenaren die blijven als de regering wisselt. De beleidsvoorbereiding gebeurt door ambtenaren, met aan de top de Algemene Bestuursdienst (ABD): een professioneel korps van topambtenaren dat op competentie wordt geselecteerd, niet op partijkleur.
Zweden integreert alle ministeries in één organisatie, het Regeringskansliet, met gemiddeld 4.848 medewerkers in 2025, van wie 215 politiek aangesteld, ministers inbegrepen. De rest zijn professionele ambtenaren. Zwitserland bestuurt een land van 9,1 miljoen inwoners met slechts 7 ministers in een collegiaal systeem, zonder premier.
Wat HART voorstelt
Eén: breng de ministerraad terug naar hoogstens 13 ministers, de eerste minister inbegrepen, zonder staatssecretarissen (art. 39 HART-grondwet). Door de herschikking van bevoegdheden in het HART-model (twaalf deelstaten met concurrerende bevoegdheden) zijn er minder federale portefeuilles nodig. Geen taalpariteit meer: de taalgebieden en de landsdelen zijn gepast vertegenwoordigd, zoals in Zwitserland.
Twee: schaf de ministeriële kabinetten af. Elke minister behoudt een klein politiek secretariaat van hoogstens 5 personen (kabinetschef, woordvoerder, parlementair adviseur, twee beleidsadviseurs). Federaal gaat het van 594 naar hoogstens 65 kabinetsmedewerkers. Alle beleidsvoorbereiding verschuift naar een nieuw op te richten Belgische Algemene Bestuursdienst (ABD), onder de kamer bestuur van het Onafhankelijk Benoemingsorgaan, waar topambtenaren op basis van competentie worden geselecteerd. De ABD draait eerst twee tot drie jaar in vijf FOD's, pas daarna worden de kabinetten afgebouwd.
Drie: voer permanente digitale verantwoording in. Elke minister presenteert bij aantreden een beleidsnota met meetbare doelstellingen en legt daarna doorlopend verantwoording af via een live dashboard. Afwijkingen komen automatisch op de agenda van de bevoegde Kamercommissie, en de resultaten worden getoetst door het versterkt Planbureau.
Wat het oplevert
De afbouw van de federale kabinetten, van 594 naar hoogstens 65 politieke medewerkers, is deel van de besparing op alle kabinetten samen: hooguit ongeveer €165 miljoen per jaar, één keer geteld in de audit Ministeriële kabinetten. Maar de echte winst zit elders: continuïteit van beleid (ambtenaren die blijven vs. kabinetsleden die vertrekken), transparantie (de burger ziet wie het beleid voorbereidt), en professionaliteit (aanstelling op competentie in plaats van partijkleur).
Het Nederlandse model bewijst dat het kan: een vergelijkbaar land, met een vergelijkbare economie, dat zijn overheid runt zonder politieke kabinetten. De grens tussen Noord- en Zuid-Europa loopt, zoals een Nederlandse bestuurskundige het in VRT NWS formuleerde, precies tussen Nederland en Vlaanderen. Het is tijd om die grens te verleggen.
Fase 5: Bronnenlijst
| # | Bron | URL | Gebruikt voor |
|---|---|---|---|
| 1 | Belgische Grondwet, artikelen 99 en 104 (Senaat, gecoördineerde tekst) | https://www.senate.be/doc/const_nl.html | Maximum 15 leden van de Ministerraad, taalpariteit; staatssecretarissen buiten de Ministerraad |
| 2 | Wikipedia. Regering-Martens VIII | https://nl.wikipedia.org/wiki/Regering-Martens_VIII | Regering van 1988: 19 ministers (premier inbegrepen) en 13 staatssecretarissen |
| 3 | FOD BOSA / belgium.be. Verdeling vrouwen en mannen in de beleidsorganen van de federale regeringsleden (telling 2025) | https://www.belgium.be/sites/default/files/resources/publication/files/CompoCab_GenderCount_v202504xx_0.pdf | 594 federale kabinetsmedewerkers voor 15 regeringsleden, 25 tot 64 per kabinet (2025) |
| 4 | VRT NWS. "Heeft de federale regering echt 838 kabinetsmedewerkers nodig? Of kan het ook zoals in Nederland?" (2020) | https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2020/10/14/hebben-we-echt-838-kabinetsmedewerkers-nodig-of-kan-het-ook-zoa/ | 838 medewerkers (2020), 769 bij de start van de regering in 2014, kost 2018 (€197,64 mln, federaal €86,78 mln), ~€1 mld per legislatuur, profiel kabinetsleden (UGent-onderzoek), citaat Nederland-Vlaanderen |
| 5 | Rekenhof. Personeelsuitgaven van de ministeriële kabinetten en de bestuurlijke gevolgen van hun afslanking (Vlaamse Regering, 4 augustus 2011) | https://www.ccrek.be/nl/publicatie/personeelsuitgaven-van-de-ministeriele-kabinetten-en-de | Personeelskader Vlaamse kabinetten sinds 2008 met meer dan een derde gedaald, vooral uitvoerend en aanvullend personeel |
| 6 | Wikipedia. Regeringsformaties België 2024-2025 | https://nl.wikipedia.org/wiki/Regeringsformaties_Belgi%C3%AB_2024-2025 | Formatie 2024-2025: 239 dagen (9 juni 2024 tot 3 februari 2025) |
| 7 | Belgium.be. Samenstelling federale regering | https://www.belgium.be/en/about_belgium/government/federal_authorities/federal_government/composition_government | Officiële samenstelling: premier, 5 vicepremiers, 9 ministers, geen staatssecretarissen |
| 8 | Bundesregierung. Bundeskabinett | https://www.bundesregierung.de/breg-de/bundesregierung/bundeskabinett | Duitsland: bondskanselier en 17 bondsministers |
| 9 | Government.nl. Jetten government sworn in (23 februari 2026) | https://www.government.nl/latest/news/2026/02/23/jetten-government-sworn-in | Nederland: 18 ministers en 10 staatssecretarissen |
| 10 | Rijksoverheid. Handboek voor bewindspersonen, paragraaf 6.3 Politiek adviseurs | https://www.rijksoverheid.nl/documenten/2026/02/23/handboek-voor-bewindspersonen | Nederland: één politiek adviseur per bewindspersoon, twee voor premier en vicepremiers |
| 11 | Schweizerische Bundeskanzlei. Der Bundesrat | https://www.admin.ch/gov/de/start/bundesrat.html | Collegiaal systeem, 7 leden, jaarlijks wisselend voorzitterschap |
| 12 | Regeringskansliet. Regeringskansliets årsbok 2025 | https://www.regeringen.se/contentassets/86e56e6d9125400d84e7ceb01591073e/regeringskansliet-arsbok-2025.pdf | Zweden: 215 politiek aangestelden op gemiddeld 4.848 medewerkers (2025) |
| 13 | Statsministeriet. Regeringen Mette Frederiksen III (3 juni 2026) | https://stm.dk/presse/pressemeddelelser/2026/regeringen-mette-frederiksen-iii/ | Denemarken: 21 ministers |
| 14 | Medarbejder- og Kompetencestyrelsen. Lønoversigt for særlige rådgivere | https://medst.dk/media/22knt2nu/loenoversigt-for-saerlige-raadgivere.pdf | Denemarken: een veertigtal politieke adviseurs (februari 2026) |
| 15 | Guinness World Records. Longest time without government | https://www.guinnessworldrecords.com/world-records/96893-longest-time-without-a-government-in-peacetime | Officieel record: 541 dagen (13 juni 2010 tot 6 december 2011) |
| 16 | OESO. Government at a Glance 2025: Belgium (landennota) | https://www.oecd.org/content/dam/oecd/en/publications/reports/2025/06/government-at-a-glance-2025-country-notes_9de36e82/belgium_6e64e385/52bf90a7-en.pdf | Digital Government Index 0,54 tegenover 0,61 (editie 2023), vertrouwen in de nationale regering 47% tegenover 39% (2023) |
| 17 | VRT NWS. "Na de controverse: federale regering verbiedt detacheringen vanuit Bpost en Proximus" (2023) | https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2023/05/31/federale-regering-wil-detacheringen-naar-ministeriele-kabinetten/ | Wetsontwerp tegen detacheringen vanuit beursgenoteerde overheidsbedrijven, niet voor de NMBS |
| 18 | Algemene Bestuursdienst. Jaarverslag 2025, "De Algemene Bestuursdienst in cijfers" | https://www.algemenebestuursdienst.nl/actueel/magazines/abd-jaarverslag/2025/01/de-algemene-bestuursdienst-in-cijfers | ABD: 2.087 managementfuncties (eind 2025) |
| 19 | Sampol. "Waarom we kabinetten niet moeten afschaffen" (2023) | https://www.sampol.be/2023/11/waarom-we-kabinetten-niet-moeten-afschaffen | Tegenargumenten (voor evenwicht) |
| 20 | OESO. Digital Government Index and Open, Useful and Re-usable Data Index: 2025 Results and Key Findings | https://www.oecd.org/content/dam/oecd/en/publications/reports/2026/02/digital-government-index-and-open-useful-and-re-usable-data-index_dbe102ed/6347ec74-en.pdf | Digital Government Index editie 2025: België 0,61, OESO-gemiddelde 0,70 |
| 21 | Statbel. België telde 11.867.634 inwoners op 1 januari 2026 | https://statbel.fgov.be/nl/nieuws/belgie-telde-11867634-inwoners-op-1-januari-2026 | Bevolking België |
| 22 | Bundesamt für Statistik. Bevölkerung | https://www.bfs.admin.ch/bfs/de/home/statistiken/bevoelkerung.html | Bevolking Zwitserland: 9,1 miljoen (eind 2025) |
| 23 | Destatis. Persbericht bevolking eind 2025 | https://www.destatis.de/DE/Presse/Pressemitteilungen/2026/06/PD26_203_124.html | Bevolking Duitsland: 83,5 miljoen (eind 2025) |
| 24 | Kmo promoties. "Wat verdienen ministers in de federale regering" (mei 2025) | https://kmopromoties.be/artikels/wat_verdienen_ministers_in_de_federale_regering | Wedde federale minister (orde van grootte voor de besparing 15 → 13 ministers) |
| 25 | Forbes België. "Ministers, parlementsleden, burgemeesters: hoeveel verdienen uw verkozenen?" | https://www.forbes.be/nl/ministers-parlementsleden-burgemeesters-hoeveel-verdienen-uw-verkozenen/ | Alle federale regeringsleden krijgen hetzelfde basissalaris; premier en vijf vicepremiers |
| 26 | Wet van 12 mei 2024 tot wijziging van de wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van bestuur | https://etaamb.openjustice.be/nl/document-van-12-mei-2024_n2024005354.html | Federale beleidsorganen (kabinetten) onder de openbaarheid van bestuur sinds 15 juli 2024; publicatie van naam en functie van de kabinetsleden |
- Geschatte besparing: hooguit ongeveer €0,7 miljoen per jaar federaal (twee ministers minder); de afbouw van de federale kabinetten is deel van de besparing op alle kabinetten samen (hooguit ongeveer €165 miljoen per jaar), daar één keer geteld (audit Ministeriële kabinetten); niet apart becijferd
- Herzien: 2026-09-27 (factcheck: cijfers, bronnen, tijdloze formulering)