Audit: OCMW's (Openbare Centra voor Maatschappelijk Welzijn)
Datum: 2026-04-01 Lijn: OCMW's. VL geïntegreerd, WL/BXL apart Categorie: Gemeenten Status-voorstel: 🟠 Hervormd: Volledige integratie in gemeente in alle regio's, met wettelijk beschermd Bijzonder Comité Sociale Dienst
Fase 1: Diepteonderzoek
1A. Wat is het precies?
Het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW), in het Frans Centre Public d'Action Sociale (CPAS), is een openbare instelling met rechtspersoonlijkheid die elke Belgische gemeente bedient. De kernopdracht: ervoor zorgen dat elke persoon een leven kan leiden dat beantwoordt aan de menselijke waardigheid.
Juridische basis:
- Organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. De oorspronkelijke federale wetgeving die de OCMW's creëerde als opvolger van de Commissies voor Openbare Onderstand (COO, opgericht in 1925).
- Wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie. Regelt het leefloon en de integratiedienstverlening.
- Het welzijnsbeleid, met inbegrip van de organieke regels van de OCMW's (structuur, werking), is een bevoegdheid van de gemeenschappen (artikel 5 van de bijzondere wet van 8 augustus 1980, zoals gewijzigd in 1993). In het Franse taalgebied oefent het Waals Gewest die bevoegdheid uit, in Brussel de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC). De federale overheid blijft bevoegd voor het leefloon (bedrag, voorwaarden, financiering) en voor de basisbepalingen van de organieke wet.
Regionale regelgeving:
- Vlaanderen: Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 (in werking sinds 1 januari 2019): maximale integratie van het OCMW in de gemeente. De OCMW-raad valt samen met de gemeenteraad, het vast bureau met het college van burgemeester en schepenen. Het OCMW blijft een afzonderlijke rechtspersoon, maar de organen zijn samengesmolten.
- Wallonië: de organieke wet van 1976, zoals gewijzigd door Waalse decreten. Het CPAS blijft een volledig afzonderlijke instelling met eigen raad, eigen personeel en eigen budget. De Waalse regering keurde in april 2025 een oriëntatienota goed voor een geïntegreerd lokaal bestuur (gemeente en CPAS), met een horizon na de lokale verkiezingen van 2030. De Unie van Waalse Steden en Gemeenten en de Federatie van de CPAS's pleiten voor een vrijwillige, stapsgewijze aanpak met behoud van de aparte rechtspersoon (advies van april 2026). In de negen gemeenten van de Duitstalige Gemeenschap bestaan de ÖSHZ eveneens als aparte instellingen.
- Brussel: de organieke wet van 1976, zoals gewijzigd door ordonnanties van de GGC. De 19 OCMW's blijven volledig apart van de 19 Brusselse gemeenten, met eigen raden en eigen budgetten.
Kerncijfers:
- Aantal OCMW's: 565, één per gemeente (sinds 1 januari 2025; 581 tot eind 2024).
- Personeel: De lokale en provinciale besturen tellen samen 360.891 werknemers (eerste kwartaal 2025). Het OCMW-personeel vormt daar een groot deel van, zeker waar OCMW's woonzorgcentra, thuiszorg en sociale diensten zelf beheren. Een afzonderlijk nationaal cijfer voor de OCMW's is niet eenvoudig beschikbaar.
- Begunstigden leefloon: gemiddeld 168.694 leefloners per maand in 2025 (166.238 in 2024); 250.620 verschillende personen kregen in 2025 minstens één keer een leefloon. Na de beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd steeg het maandcijfer tot ruim 200.000 in het voorjaar van 2026 (voorlopige cijfers). Het maandgemiddelde verdubbelde ruim tussen 2007 (ongeveer 80.500) en 2025, terwijl de bevolking van 18 tot 64 jaar in dezelfde periode met ongeveer 8% groeide.
- Regionale verdeling leefloon: Brussel ongeveer 37 leefloners per 1.000 inwoners, Wallonië 21, Vlaanderen 7 (maandgemiddelde 2025 tegenover de bevolking op 1 januari 2025).
- Budget: De federale overheid betaalt 55% van het leefloon terug, 65% aan OCMW's met gemiddeld minstens 500 leefloners en 70% vanaf 1.000 leefloners. De rest en alle bijkomende maatschappelijke dienstverlening dragen de gemeente en het OCMW. Het CPAS van de stad Brussel alleen al heeft een budget van €461,6 miljoen (2025).
1B. Wat doet het in de praktijk?
Kerntaken:
- Leefloon uitkeren: wettelijk minimuminkomen voor personen zonder voldoende bestaansmiddelen (samenwonend €911,56, alleenstaand €1.367,34, met gezinslast €1.847,89 per maand, bedragen vanaf 1 september 2026).
- Maatschappelijke dienstverlening: financiële steun (huurwaarborg, energiefacturen, medische kosten), budgetbeheer, schuldbemiddeling, juridische bijstand.
- Tewerkstellingsprojecten (artikel 60, §7): het OCMW treedt op als werkgever om uitkeringsgerechtigden werkervaring te bieden.
- Collectieve diensten: woonzorgcentra, serviceflats, thuiszorg, maaltijdbezorging (vooral in Wallonië en Brussel nog rechtstreeks beheerd door het OCMW).
- Opvang en begeleiding: daklozenopvang, noodwoningen, begeleiding van asielzoekers en vluchtelingen.
- Dringende medische hulp voor personen zonder wettig verblijf.
Overlap en fragmentatie:
- In Wallonië en Brussel functioneren de OCMW's van de 261 Waalse gemeenten (waarvan 9 in de Duitstalige Gemeenschap) en de 19 Brusselse gemeenten als volledig parallelle structuren naast de gemeente: eigen HR-afdeling, eigen IT, eigen boekhouding, eigen algemeen directeur, eigen financieel directeur. Dit leidt tot dubbele overhead in elke gemeente.
- Het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst (BCSD) bestaat in alle regio's maar heeft in Vlaanderen een sterkere rol gekregen als beschermer van het sociale beroepsgeheim.
- Door de beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd (maximaal 24 maanden, in golven vanaf 1 januari 2026) stromen duizenden extra dossiers in bij de OCMW's: tot en met juni 2026 bereikten 99.144 personen het einde van hun recht, en tussen januari en juli 2026 kregen 55.512 personen een leefloon na het einde van hun werkloosheids- of inschakelingsuitkering. In Antwerpen vroeg ongeveer de helft van de eerste golf een leefloon aan; ongeveer één op vier kreeg het ook. In een bevraging van Vlaams ABVV en ACOD LRB bij ruim 200 OCMW-medewerkers zei 81,7% dat hun dienst niet klaar is voor de extra instroom.
- Financiële spanning: de federale compensatieregeling (ministerraad van september 2025) voorzag €300 miljoen in 2026, oplopend tot €342,6 miljoen in 2029, via een tijdelijk hogere terugbetaling van het leefloon (100% voor wie in de eerste helft van 2026 instroomde, aflopend naar 75% vanaf 2029) en een verdubbelde personeelstoelage per dossier. De VVSG vindt de compensatie onvoldoende, onder meer omdat ze niet geldt voor jongeren na het einde van hun inschakelingsuitkering; de Federatie van de CPAS's noemt de middelen beperkt tot onvoldoende.
Prestatie-indicatoren:
- Er bestaat geen uniform systeem van KPI's voor OCMW-dienstverlening in België.
- De POD Maatschappelijke Integratie publiceert maandelijkse statistieken (Barometer voor Maatschappelijke Integratie) over het aantal leefloongerechtigden, maar dit meet enkel volume, niet kwaliteit of doorstroom.
- Audit Vlaanderen voert organisatie-audits uit bij lokale besturen (inclusief OCMW's), maar de resultaten worden niet systematisch vergeleken.
1C. Internationale vergelijking
| Land | Structuur sociale bijstand | Aantal gemeenten | Opmerkelijk |
|---|---|---|---|
| België | 565 OCMW's, drie verschillende regimes (VL geïntegreerd, WL/BXL apart) | 565 | Dubbele overhead in WL/BXL; geen uniforme KPI's |
| Nederland | Sociale dienst volledig geïntegreerd in gemeente; Wmo 2015 + Participatiewet + Jeugdwet | 342 | Eén loket, één budget, gemeente volledig verantwoordelijk. Drievoudige decentralisatie van 2015 bracht de taken samen, maar met budgetkortingen en resultaten onder de verwachtingen |
| Denemarken | Sociale dienst volledig geïntegreerd in kommune; Serviceloven als kaderwet | 98 | Meest geïntegreerde model. Kommune verantwoordelijk voor alles: bijstand, jeugdzorg, ouderenzorg, arbeidsactivering. Minimumschaal van 20.000 inwoners (of verplichte samenwerking) voor professionele diensten |
| Duitsland | Jobcenter (Bundesagentur für Arbeit en gemeente samen) voor werkzoekenden + Sozialamt (gemeentelijk) voor niet-werkenden | ~10.800 | Tweeledige structuur, maar met duidelijke taakafbakening |
| Zwitserland | Sozialdienst volledig gemeentelijk, grote kantonale verschillen | 2.110 | Kleine schaal maar sterke intercommunale samenwerking |
Wat werkt beter:
- Het Deense model is de gouden standaard: door de gemeentehervorming van 2007 (271 naar 98 gemeenten, minimumschaal van 20.000 inwoners; de zeven kleinere gemeenten, waarvan vijf eilanden, gingen een bindend samenwerkingsverband aan met een buurgemeente) zijn alle sociale diensten volledig geïntegreerd. Eén aanspreekpunt, één budget, één verantwoordelijke. De schaalgrootte garandeert professionele teams.
- Het Nederlandse model (Wmo 2015) bracht bijstand, maatschappelijke ondersteuning en jeugdzorg samen bij de gemeente, zodat die diensten kan combineren (bijstand, schuldhulp, participatie). De evaluatie van het Sociaal en Cultureel Planbureau na vijf jaar (2020) toont ook de keerzijde: de budgetten werden bij de overheveling meteen gekort en de resultaten bleven achter bij de verwachtingen. Integratie werkt dus alleen met voldoende middelen.
- In de vergeleken landen is de sociale dienst een onderdeel van het gemeentebestuur. Aparte gemeentelijke sociale instellingen bestaan elders wel (in Frankrijk het CCAS, verplicht vanaf 1.500 inwoners), maar België is het enige land in deze vergelijking waar de sociale dienst in delen van het land naast de gemeente functioneert, en waar drie verschillende regimes naast elkaar bestaan.
1D. Knelpunten en kritiek
1. Drieledige structuur is uniek en inefficiënt België heeft drie parallelle regimes voor de lokale sociale dienst: geïntegreerd (Vlaanderen), apart (Wallonië), apart (Brussel), elk met eigen regels. Geen van de vergeleken landen werkt zo. Dit maakt federale coördinatie complex en vergelijking vrijwel onmogelijk.
2. Dubbele overhead in Wallonië en Brussel Elke Waalse en Brusselse gemeente heeft twee parallelle administraties: gemeente en CPAS, elk met eigen directeur, eigen boekhouding, eigen personeelsdienst, eigen IT. Bij kleine gemeenten is dit bijzonder inefficiënt: 148 van de 261 Waalse gemeenten tellen minder dan 10.000 inwoners (1 januari 2025).
3. Vlaamse integratie: gemengde resultaten Onderzoek van het Steunpunt Bestuurlijke Vernieuwing (2024) bij 30 gemeenten toont:
- Cultuurverschillen tussen gemeente- en OCMW-personeel bestaan nog 5 jaar na integratie.
- Efficiëntiewinsten treden vooral op bij gemeenten die het traject planmatig aanpakten, met veranderingsmanagement of externe ondersteuning.
- De raad voor maatschappelijk welzijn besteedt minder aandacht aan sociaal beleid dan de vroegere OCMW-raad; een deel van die thema's verschuift naar de gemeenteraad en het college. Het risico op "verdrinking" van het sociale in het gemeentelijke.
- Positief: waar de samenwerking goed is, stijgt de kwaliteit van de dienstverlening doordat sociale diensten beter gekoppeld worden aan huisvesting, werk, onderwijs.
4. De tijdsbeperking van de werkloosheidsuitkering als stresstest De beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd (in golven vanaf 1 januari 2026) brengt duizenden extra dossiers bij de OCMW's. In de bevraging van Vlaams ABVV en ACOD LRB bij ruim 200 OCMW-medewerkers:
- zegt 81,7% dat hun dienst niet klaar is;
- ervaart 86% hoge werkdruk en noemt 23,5% die onhoudbaar;
- krijgt 49,5% maandelijks te maken met agressie van cliënten. De federale compensatie is tijdelijk en aflopend; de VVSG en de Federatie van de CPAS's vinden ze ontoereikend.
5. Geen uniforme KPI's of benchmarking Er bestaat geen nationaal systeem om de effectiviteit van OCMW-dienstverlening te meten. Hoeveel mensen stromen door naar werk? Hoe snel worden dossiers behandeld? Hoeveel terugkerende gevallen? Niemand weet het op geaggregeerd niveau.
6. Leefloonexplosie zonder structurele analyse Het gemiddeld aantal leefloners per maand verdubbelde ruim tussen 2007 en 2025 (van ongeveer 80.500 naar 168.694), terwijl de bevolking van 18 tot 64 jaar met ongeveer 8% groeide. Er is geen structurele analyse waarom het leefloon zo stijgt en wat de doorstroomcijfers naar duurzame tewerkstelling zijn.
Fase 2: Toetsing aan de 9 Principes
| # | Principe | Oordeel | Onderbouwing |
|---|---|---|---|
| 1 | Subsidiariteit | ⚠️ | De sociale bijstand zit logisch op lokaal niveau, maar in veel gemeenten is de schaal te klein voor professionele dienstverlening. De federale overheid bepaalt het materiële recht (leefloon), de organieke regelgeving verschilt per deelstaat. Die verdeling werkt op zich. |
| 2 | Transparantie | ❌ | De burger kan niet zien wie verantwoordelijk is. Is het de gemeente? Het OCMW? De federale overheid (leefloon)? De deelstaat (organieke regels)? In Wallonië en Brussel bestaan twee parallelle structuren die de ondoorzichtigheid vergroten. |
| 3 | Verantwoordelijkheid = Financiering | ❌ | Klassieke fiscal gap: de federale overheid bepaalt het leefloon en de voorwaarden, maar de gemeente en het OCMW dragen 30 tot 45% van de kost plus alle bijkomende dienstverlening. Door de tijdsbeperking van de werkloosheidsuitkering stijgen de kosten lokaal, terwijl de beslissing federaal viel en de federale compensatie tijdelijk en aflopend is. |
| 4 | Eenvoud | ❌ | Drie verschillende regimes in één land. In Wallonië en Brussel twee parallelle instellingen (gemeente + CPAS) met elk eigen organen. Het Bijzonder Comité, de OCMW-raad, het vast bureau: een 16-jarige kan dit niet uitleggen. |
| 5 | Schaalgrootte | ❌ | 148 van de 261 Waalse gemeenten hebben minder dan 10.000 inwoners (2025) en moeten elk een apart CPAS besturen met eigen directeur en personeel. Dat is niet professioneel houdbaar. Zelfs in Vlaanderen worstelen kleine gemeenten met voldoende specialisatie in het sociaal werk. |
| 6 | Concurrerende bevoegdheden | ⚠️ | De bevoegdheid van de deelstaten over de organieke wetgeving creëert in theorie ruimte voor innovatie (Vlaanderen integreerde, Wallonië niet). Maar het gebrek aan evaluatie maakt dat er geen leercyclus is. |
| 7 | Resultaatgericht | ❌ | Geen uniforme KPI's. Geen benchmarking. Geen doorstroomcijfers. De POD MI meet enkel het volume (hoeveel leeflonen), niet de effectiviteit (hoeveel mensen stromen door naar werk, hoeveel komen terug). |
| 8 | Digitaal-eerst | ❌ | Elke gemeente/OCMW heeft eigen digitale systemen. Er is geen nationaal platform voor leefloonaanvragen. De burger moet fysiek naar het OCMW voor intake. In Wallonië en Brussel zijn de digitale systemen van gemeente en CPAS niet eens geïntegreerd. Het once-only-principe wordt massaal geschonden. |
| 9 | Internationaal bewezen | ❌ | In Denemarken en Nederland zit de sociale dienst volledig in het gemeentebestuur, in Duitsland is het Sozialamt een gemeentelijke dienst. Geen van de vergeleken landen heeft drie regimes naast elkaar, met in een deel van het land een aparte instelling naast de gemeente. |
Synthese: 0 ✅, 2 ⚠️, 7 ❌. De OCMW-structuur faalt op vrijwel alle principes. De grootste winst is te boeken op Eenvoud (drie regimes → één), Digitaal-eerst (nationaal platform), en Resultaatgericht (uniforme KPI's + doorstroommonitoring).
Fase 3: HART-voorstel
3A. Classificatie
🟠 Hervormd: het OCMW als afzonderlijke instelling wordt in alle regio's geïntegreerd in de gemeente. De sociale opdracht wordt wettelijk beschermd via een verplicht Bijzonder Comité Sociale Dienst met beroepsgeheim.
3B. Concreet voorstel
Wat verandert er:
Volledige integratie in alle regio's. Wat Vlaanderen in 2019 deed, wordt uitgebreid naar Wallonië en Brussel, en HART gaat een stap verder: het OCMW/CPAS als afzonderlijke rechtspersoon verdwijnt overal, ook in Vlaanderen. Eén bestuur, één budget, één personeelsbestand. In Brussel, waar HART de 19 gemeenten samenvoegt tot één stad met verkozen districten, wordt de sociale dienst een dienst van die stad met een loket per district.
Wettelijk beschermd Bijzonder Comité Sociale Dienst (BCSD). Dit comité, samengesteld uit gemeenteraadsleden, vergadert verplicht achter gesloten deuren en beslist over individuele steundossiers. Het beroepsgeheim en de privacy van hulpvragers worden wettelijk gegarandeerd, net als in het Vlaamse model.
Minimale schaalgrootte van 25.000 inwoners. De sociale dienst krijgt de schaal van de gefuseerde gemeente: elke gemeente telt minstens 25.000 inwoners (zie de audit 565 gemeenteraden + colleges), boven het Deense richtgetal van 20.000. Dit garandeert voldoende specialisatie (schuldhulpverleners, tewerkstellingscoaches, juridische bijstand).
Nationaal digitaal platform voor sociale bijstand. Leefloon en maatschappelijke dienstverlening worden digitaal aangevraagd via het ene nationale overheidsportaal, gebouwd op het once-only-principe (koppeling KSZ, rijksregister, fiscale gegevens via de Belgische X-Road). Waar de gekende gegevens volstaan, kent het systeem het recht automatisch toe en bevestigt de burger alleen; anders doet hij één aanvraag en controleert het systeem automatisch de voorwaarden. Fysieke intake blijft beschikbaar als vangnet.
Uniforme KPI's en doorstroommonitoring. Federaal opgelegde indicatoren:
- Doorstroompercentage naar werk na 12 en 24 maanden
- Gemiddelde behandeltijd leefloonaanvraag
- Terugkeerpercentage (hernieuwde aanvraag binnen 2 jaar)
- Cliënttevredenheid
- Jaarlijkse benchmarking per gemeente, openbaar beschikbaar
Correcte financiering: wie beslist, betaalt. De federale overheid vergoedt 70% van het leefloon aan elke gemeente (tegenover een basis van 55% en 65 tot 70% alleen voor OCMW's met minstens 500 of 1.000 leefloners), in ruil voor strikte naleving van activeringsverplichtingen. Wie de toegang tot een uitkering beperkt, zoals bij de tijdsbeperking van de werkloosheidsuitkering, draagt de volle meerkost die daardoor lokaal ontstaat, niet alleen tijdelijk.
Internationaal model: Denemarken (volledige integratie in de kommune, minimumschaal van 20.000 inwoners) en Nederland (Wmo 2015: één gemeente, één budget, maatwerk, met de les dat integratie voldoende middelen vraagt).
Geschatte besparing (HART-raming):
- Afschaffing van de dubbele overhead in de 280 gemeenten van Wallonië en Brussel (261 Waalse, waarvan 9 in de Duitstalige Gemeenschap, en 19 Brusselse): geschat €80-120 miljoen/jaar aan bestuurskosten (dubbele directies, HR, IT, boekhouding), gemiddeld ongeveer €290.000 tot €430.000 per gemeente. Het Brusselse deel (ongeveer €10 miljoen) telt in de audit 19 Brusselse gemeenten, omdat de fusie tot één stad de 19 OCMW's meeneemt: in deze audit netto €70-110 miljoen/jaar.
- Efficiëntiewinst door digitaal platform en schaalvergroting: telt niet mee. De schaalwinst overlapt met de gemeentefusies, de platformwinst met de digitale overheid, en het platform vraagt zelf een structurele werkingskost.
- Betere doorstroom naar werk: structurele besparing op leefloonuitgaven. Gaat 10% van de leefloners (ongeveer 17.000 mensen, op basis van 2025) duurzaam aan het werk, dan scheelt dat tot ongeveer €185 à 275 miljoen per jaar aan leefloon (volledig leefloon van €10.900 tot €16.400 per jaar, bedragen van september 2026), plus extra belastingen en bijdragen. Dit bedrag telt niet mee in de geschatte besparing.
Implementatiepad:
- Jaar 1: federale kaderwet die de integratie in alle deelstaten verplicht (welzijn is een concurrerende bevoegdheid, art. 28 HART-grondwet), aangenomen met instemming van de Raad van de Deelstaten (art. 35), met een overgangsperiode van drie jaar.
- Jaar 2: start van het digitaal platform (eerste versie), pilootprojecten in 20 gemeenten.
- Jaar 3: Wallonië en Brussel voltooien de integratie.
- Jaar 4: volledige uitrol van het digitaal platform en eerste nationale benchmarking.
Fase 4: Partijpunt (Website-klare tekst)
Deel A: Het partijpunt
OCMW's. Hervormd Het OCMW als aparte instelling verdwijnt. De sociale dienstverlening wordt volledig geïntegreerd in de gemeente, met een wettelijk beschermd comité dat over individuele dossiers beslist achter gesloten deuren. Eén bestuur, één budget, één aanspreekpunt. Zoals Nederland en Denemarken al doen.
Deel B: De uitleg
Hoe het werkt
België telt 565 OCMW's, één per gemeente. Ze staan in voor het leefloon, sociale bijstand, schuldhulp, tewerkstellingsprojecten en soms ook woonzorgcentra en thuiszorg. In 2025 kregen gemiddeld 168.694 mensen per maand een leefloon; over het hele jaar waren het er 250.620.
In Vlaanderen zijn de OCMW's sinds 2019 bestuurlijk geïntegreerd in de gemeente: de gemeenteraad fungeert als OCMW-raad, het schepencollege als vast bureau. In de 261 Waalse gemeenten (waarvan 9 in de Duitstalige Gemeenschap) en de 19 Brusselse gemeenten functioneren ze nog als volledig aparte instellingen, elk met een eigen raad, een eigen directeur, eigen personeel, eigen boekhouding en eigen IT-systemen.
Wat er mis gaat
Geen van de landen waarmee we ons vergelijken, heeft in een deel van het land een aparte instelling voor sociale bijstand naast de gemeente, en in een ander deel niet. In Wallonië en Brussel betekent dat: twee directeurs, twee HR-afdelingen, twee boekhoudingen, twee IT-systemen, in elke gemeente. Bij kleine gemeenten is dat bijzonder inefficiënt, en 148 van de 261 Waalse gemeenten tellen minder dan 10.000 inwoners.
Ondertussen stijgt het aantal leefloners sinds 2007 veel sneller dan de bevolking: het maandgemiddelde verdubbelde ruim tussen 2007 en 2025, terwijl de bevolking van 18 tot 64 jaar met ongeveer 8% groeide. Maar er is geen nationaal systeem dat meet hoeveel mensen doorstromen naar werk, hoe snel dossiers worden behandeld, of hoe vaak mensen terugkeren. Niemand kan zeggen of het systeem werkt, want niemand meet het.
De beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd, die HART steunt, maakt het probleem acuut. Tot en met juni 2026 bereikten bijna 100.000 mensen het einde van hun recht, en tussen januari en juli 2026 kregen 55.512 mensen na het einde van hun uitkering een leefloon bij het OCMW. In een vakbondsbevraging zegt meer dan 80% van de OCMW-medewerkers dat hun dienst niet klaar is voor de extra instroom, en bijna de helft krijgt maandelijks te maken met agressie van cliënten. Wie activeert, moet ook zorgen dat het laatste vangnet sterk genoeg is.
Hoe het elders werkt
In Denemarken is alle sociale bijstand volledig geïntegreerd in de kommune. Na de grote gemeentehervorming van 2007 (van 271 naar 98 gemeenten, met een minimumschaal van 20.000 inwoners of verplichte samenwerking) heeft elke gemeente één geïntegreerde sociale dienst die bijstand, jeugdzorg, ouderenzorg en arbeidsactivering combineert. Eén aanspreekpunt, één budget, één verantwoordelijke.
Nederland deed iets vergelijkbaars in 2015 met de drievoudige decentralisatie: de Participatiewet, de Wmo en de Jeugdwet werden overgeheveld naar de gemeenten (342 in 2026). De gemeente is sindsdien volledig verantwoordelijk voor sociale bijstand, maatschappelijke ondersteuning én jeugdzorg. De evaluatie na vijf jaar leert wel een les: de budgetten werden bij de overheveling meteen gekort en de resultaten bleven achter bij de verwachtingen. Integratie werkt, maar alleen met voldoende middelen.
Wat HART voorstelt
Eén model voor het hele land: de sociale dienst is een onderdeel van de gemeente, niet een instelling ernaast. Concreet:
Stap 1: een federale kaderwet, met instemming van de Raad van de Deelstaten, verplicht alle deelstaten om het OCMW volledig te integreren in de gemeente. Zoals Vlaanderen al deed, maar dan met de lessen geleerd en zonder aparte rechtspersoon. In Brussel wordt de sociale dienst een dienst van de ene stad, met een loket in elk district. Het Bijzonder Comité Sociale Dienst, dat over individuele dossiers beslist achter gesloten deuren, wordt wettelijk verankerd in alle regio's. Het beroepsgeheim is gegarandeerd.
Stap 2: de sociale dienst krijgt de schaal van de gefuseerde gemeente, met minstens 25.000 inwoners. Een professionele sociale dienst heeft specialisten nodig: schuldhulpverleners, tewerkstellingscoaches, juristen. En die kun je niet betalen met een team van drie.
Stap 3: een nationaal digitaal platform voor leefloon en maatschappelijke dienstverlening, in het ene overheidsportaal. Het systeem haalt automatisch de gegevens op die het nodig heeft (inkomen, gezinssamenstelling, eigendom) via bestaande databanken. Waar die gegevens volstaan, kent het het recht zelf toe en bevestigt de burger alleen. Geen papierwinkel, geen vijf keer dezelfde documenten binnenbrengen. Fysieke hulp blijft beschikbaar voor wie dat nodig heeft.
Stap 4: uniforme prestatie-indicatoren voor alle gemeenten. Hoeveel mensen stromen door naar werk? Hoe snel wordt een aanvraag behandeld? Hoeveel mensen komen terug? Die cijfers worden jaarlijks gepubliceerd en vergeleken. Gemeenten die het goed doen, worden beloond. Gemeenten die achterblijven, krijgen ondersteuning.
Stap 5: eerlijke financiering. De federale overheid betaalt elke gemeente 70% van het leefloon terug, niet alleen de grote. Wie de toegang tot een uitkering beperkt, zoals bij de tijdsbeperking van de werkloosheidsuitkering, draagt ook de volle meerkost die daardoor bij de gemeenten terechtkomt, en niet alleen tijdelijk. Wie beslist, betaalt.
Wat het oplevert
De afschaffing van de dubbele bestuursstructuur in 280 Waalse en Brusselse gemeenten bespaart naar schatting €80 tot 120 miljoen per jaar aan overhead, waarvan €70 tot 110 miljoen in Wallonië; het Brusselse deel zit in de fusie van de 19 Brusselse gemeenten. Een nationaal digitaal platform en schaalvergroting van sociale diensten leveren extra efficiëntie op, maar die rekent HART bij de gemeentefusies en de digitale overheid. Maar de echte winst zit in betere doorstroom: gaat zelfs maar 10% van de leefloners duurzaam aan het werk, ongeveer 17.000 mensen, dan scheelt dat tot ongeveer €185 à 275 miljoen per jaar aan leefloon én levert het hogere belastinginkomsten op.
De burger krijgt wat hij verdient: één aanspreekpunt, snellere behandeling, minder bureaucratie, en een overheid die meet of haar hulp ook echt helpt.
Fase 5: Bronnenlijst
| Bron | URL | Gebruikt voor |
|---|---|---|
| Organieke wet 8 juli 1976. Belgisch Staatsblad | http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/change_lg.pl?language=nl&la=N&table_name=wet&cn=1976070837 | Juridische basis OCMW (art. 1 en 2: rechtspersoonlijkheid, één OCMW per gemeente) |
| Bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, art. 5, §1, II, 2° | https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/change_lg.pl?language=nl&la=N&cn=1980080830&table_name=wet | Bevoegdheidsverdeling: organieke regels OCMW bij de gemeenschappen, leefloon federaal |
| Wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie | https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/change_lg.pl?language=nl&la=N&cn=2002052647&table_name=wet | Leefloon en integratiedienstverlening |
| Wikipedia. OCMW | https://nl.wikipedia.org/wiki/Openbaar_Centrum_voor_Maatschappelijk_Welzijn | Historiek (Commissies van Openbare Onderstand, 1925), structuur, taken |
| Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017. Codex Vlaanderen | https://codex.vlaanderen.be/PrintDocument.ashx?id=1029017 | Vlaamse integratie juridisch kader |
| Statbel. Aantal gemeenten | https://statbel.fgov.be/nl/over-statbel/methodologie/classificaties/geografie | 565 gemeenten en OCMW's sinds 1 januari 2025 (261 Waals Gewest, 19 Brussel) |
| Statbel. Bevolking per gemeente op 1 januari 2025 (open data) | https://statbel.fgov.be/sites/default/files/files/opendata/bevolking%20naar%20woonplaats%2C%20nationaliteit%20burgelijke%20staat%20%2C%20leeftijd%20en%20geslacht/TF_SOC_POP_STRUCT_2025.zip | 148 Waalse gemeenten onder 10.000 inwoners; bevolking 18-64 jaar; leefloners per 1.000 inwoners |
| RSZ. Arbeidsmarktanalyse en snelle ramingen van de tewerkstelling | https://www.rsz.be/stats/arbeidsmarktanalyse-interactieve-statistieken-en-snelle-ramingen-van-de-tewerkstelling | Personeel lokale en provinciale besturen (360.891, eerste kwartaal 2025) |
| VIEWZ. Evaluatie integratie gemeente-OCMW | https://www.viewzconnect.be/nieuws/nieuwsbericht/720858527752527083 | Evaluatie Vlaamse integratie (Steunpunt Bestuurlijke Vernieuwing, 30 gemeenten) |
| Sociaal.net. Integratie OCMW in gemeente (2015) | https://sociaal.net/achtergrond/integratie-van-het-ocmw-in-de-gemeente/ | Achtergrondanalyse integratie |
| Sociaal.net. Armoede na inkanteling (2016) | https://sociaal.net/achtergrond/inkanteling-van-ocmw-in-gemeente/ | Voorwaarden voor armoedebestrijding na de integratie (onderzoek Welzijnszorg) |
| POD MI. Barometer voor maatschappelijke integratie (leefloon) | https://stat.mi-is.be/nl/dashboard/leefloon_klassieken?menu=linecharts | Aantal leefloners per maand en per gewest (2007-2026) |
| POD MI. Primabook, bedragen leefloon | https://primabook.mi-is.be/nl/recht-op-maatschappelijke-integratie/bedragen-leefloon | Bedragen leefloon (september 2026) |
| POD MI. Primabook, staatstoelagen | https://primabook.mi-is.be/nl/recht-op-maatschappelijke-integratie/staatstoelagen | Federale terugbetaling leefloon (55%, 65%, 70%) |
| VVSG. Leefloon | https://www.vvsg.be/kennis/databank/leefloon | Bedragen leefloon (september 2026) |
| UVCW. CPAS pivot des politiques sociales (december 2025) | https://www.uvcw.be/insertion/communiques-presse/art-9891 | Waalse CPAS-situatie en financiering |
| Waals minister van Plaatselijke Besturen. Un service public local optimisé | https://desquesnes.wallonie.be/home/communiques-de-presse/presses/un-service-public-local-optimise-co-construit-avec-les-acteurs-de-terrain.html | Waalse oriëntatienota integratie gemeente-CPAS (april 2025) |
| UVCW. Intégration commune-CPAS: démarche volontaire (2026) | https://uvcw.be/fonctionnement/actus/art-10166 | Standpunt Waalse gemeenten en CPAS-federatie |
| Waals Parlement. Schriftelijke vraag over de impact op de CPAS (september 2025) | https://www.parlement-wallonie.be/pwpages?p=interp-questions-voir&type=28&iddoc=137882 | Financiële impact van de werkloosheidsbeperking op de Waalse CPAS |
| CPAS Brussel. Budget 2025 | https://cpasbxl.brussels/?p=70&dt=83 | Budget CPAS stad Brussel (€461,6 miljoen) |
| RVA. Hervorming van de werkloosheidsreglementering | https://www.rva.be/hervorming-van-de-werkloosheidsreglementering | Tijdsbeperking werkloosheidsuitkering en aantal personen aan het einde van hun recht |
| VRT NWS. Antwerpse werklozen en leefloon (maart 2026) | https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2026/03/17/ocmw-antwerpen-cijfers-leeflonen-werkloosheidsuitkering/ | Impact werkloosheidsbeperking Antwerpen (helft vroeg aan, één op vier kreeg leefloon) |
| VRT NWS. Meer dan 1 op 3 geschorste werklozen vroeg leefloon aan (januari 2026) | https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2026/01/16/leefloon-ocmw-langdurig-ziek-uitkering/ | Instroom OCMW na werkloosheidsbeperking (steekproef VVSG) |
| VRT NWS. Compensatie voor OCMW's (september 2025) | https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2025/09/20/hoeveel-krijgen-ocmw-s-extra-om-extra-werklozen-op-te-vangen-mi/ | Federale compensatieregeling (€300 miljoen in 2026, terugbetaling 100% aflopend naar 75%) |
| VVSG. Geen extra compensatie OCMW's (december 2025) | https://www.vvsg.be/nieuwsoverzicht/geen-extra-compensatie-voor-ocmws-voor-leefloon-na-stopzetten | Compensatiediscussie |
| ACOD LRB. Zijn OCMW's klaar? | https://acodlrb.be/zijn-onze-ocmws-klaar-voor-duizenden-extra-leefloondossiers/ | Bevraging Vlaams ABVV en ACOD LRB (81,7% niet klaar, werkdruk, agressie) |
| Nederland. Wmo 2015 (Government.nl) | https://www.government.nl/topics/care-and-support-at-home/social-support-act-wmo | Nederlands model sociale ondersteuning |
| Sociaal en Cultureel Planbureau. Sociaal domein op koers? (2020) | https://www.scp.nl/actueel/nieuws/2020/11/16/sociaal-domein-stagneert-vijf-jaar-na-decentralisatie-is-de-ondersteuning-van-kwetsbare-burgers-nog-niet-op-orde | Evaluatie Nederlandse decentralisatie na vijf jaar |
| CBS. Gemeentelijke indeling op 1 januari 2026 | https://www.cbs.nl/nl-nl/onze-diensten/methoden/classificaties/overig/gemeentelijke-indelingen-per-jaar/indeling-per-jaar/gemeentelijke-indeling-op-1-januari-2026 | 342 Nederlandse gemeenten |
| Denemarken. The Local Government Reform in brief | https://www.regioner.dk/media/2845/the-local-government-reform-in-brief.pdf | Deense hervorming 2007: 271 naar 98 gemeenten, minimumschaal 20.000 inwoners of samenwerking |
| Denemarken. Social services (ESN) | https://www.esn-eu.org/social-services-index/2024/denmark | Deens model sociale dienstverlening |
| Légifrance. Code de l'action sociale et des familles, art. L123-4 tot L123-9 | https://www.legifrance.gouv.fr/codes/section_lc/LEGITEXT000006074069/LEGISCTA000006174329/ | Frans CCAS als aparte gemeentelijke instelling |
| Sénat. CCAS in gemeenten onder 1.500 inwoners (2015) | https://www.senat.fr/questions/base/2015/qSEQ151118886.html | CCAS facultatief onder 1.500 inwoners sinds de wet NOTRe |
| Audit Vlaanderen. Lokale besturen | https://www.auditvlaanderen.be/lokale-besturen | Auditpraktijk lokale besturen/OCMW's |
- Herzien: 2026-09-27 (factcheck: cijfers, bronnen, tijdloze formulering)