Raad van de Deelstaten: Vervangt Senaat en Overlegcomité
Audit datum: 2026-03-30 Status: 🟠 Nieuw/hervormd Classificatie: Nieuw orgaan: de Raad van de Deelstaten (art. 35 HART-grondwet) vervangt de Senaat, het Overlegcomité en de interministeriële conferenties
Fase 1: Diepteonderzoek
1A. Wat is het precies?
De Raad van de Deelstaten is een nieuw HART-voorstel (art. 35 HART-grondwet). Zo'n orgaan bestaat niet in België. Hij is bedoeld als opvolger van twee bestaande instellingen, en van de interministeriële conferenties die het Overlegcomité opricht:
- De Senaat (60 leden, dotatie €44,6 mln in 2025, gemiddeld zo'n 20 uur plenaire vergadering per jaar in 2019-2024): die HART afschaft (zie audit "Senaat. Audit 2026-03-28")
- Het Overlegcomité (Comité de concertation): het wettelijke, maar weinig geformaliseerde coördinatieorgaan tussen de Belgische regeringen
Het Overlegcomité:
Het Overlegcomité werd opgericht bij artikel 31 van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen. Volgens artikel 31/1 van die wet is het "het centraal punt voor overleg, samenwerking en coördinatie" tussen de federale staat, de gemeenschappen en de gewesten. De procedure voor belangenconflicten steunt op artikel 143 van de Grondwet.
Samenstelling (dubbele pariteit):
- Eerste minister (voorzitter) + 5 leden federale regering
- Minister-president Vlaamse Regering + 1 minister
- Minister-president Franse Gemeenschapsregering
- Minister-president Waalse Regering
- Minister-president Brusselse Hoofdstedelijke Regering + 1 lid van andere taalgroep
- Minister-president Duitstalige Gemeenschap (met stemrecht bij belangenconflicten die de Duitstalige Gemeenschap raken)
- Totaal: 12 leden + DG wanneer relevant
Werking:
- Beslist bij consensus: elke regering heeft feitelijk een vetorecht
- Kan interministeriële conferenties (IMC's) oprichten voor sectorale coördinatie. In mei 2025 keurde het Overlegcomité de inrichting van 21 IMC's goed (onder meer volksgezondheid, leefmilieu, financiën, buitenlands beleid); in de periode 2019-2023 waren het er 24
- Komt volgens zijn huishoudelijk reglement maandelijks samen, maar haalt dat ritme in de praktijk niet: in de legislatuur 2019-2024 niet, en tussen september 2024 en april 2025 vergaderde het drie keer
- Behandelt belangenconflicten: een parlement kan met een drievierdemeerderheid de behandeling van een tekst in een ander parlement laten opschorten. Levert het overleg binnen 60 dagen niets op, dan geeft de Senaat binnen 30 dagen een advies en zoekt het Overlegcomité binnen 30 dagen een oplossing, bij consensus
- Volgt samenwerkingsakkoorden op: de bindende afspraken tussen de entiteiten
Geen eigen budget of personeel: Het Overlegcomité heeft geen apart budget of eigen administratie. Het secretariaat zit bij de FOD Kanselarij van de Eerste Minister. De IMC's hebben evenmin een eigen secretariaat. Ze worden voorbereid door de betrokken kabinetten en administraties.
Geen juridische bindingskracht: Het Overlegcomité neemt geen juridisch bindende beslissingen. Enkel samenwerkingsakkoorden die door alle betrokken parlementen worden goedgekeurd, hebben juridische kracht. De IMC's zijn louter consultatief.
1B. Wat doet het Overlegcomité in de praktijk?
Kernfuncties:
- Belangenconflicten voorkomen en oplossen: als een parlement meent dat een tekst van een ander parlement zijn belangen ernstig schaadt, kan het met een drievierdemeerderheid de behandeling laten opschorten. Na 60 dagen overleg, een advies van de Senaat en 30 dagen in het Overlegcomité is er zonder consensus geen oplossing: het betrokken parlement beslist dan zelf verder.
- Bevoegdheidsconflicten vermijden: voorafgaand overleg bij wetsontwerpen die andere entiteiten raken
- Samenwerkingsakkoorden opvolgen: maar zonder afdwingingsmechanisme
- Crisisbeheer: tijdens COVID-19 (2020-2022) werd het Overlegcomité het feitelijke beslissingsorgaan, wat zijn beperkte wettelijke rol schril contrasteerde met zijn feitelijke macht
Kritieke zwaktes:
- Geen transparantie: De wet legt geen openbare agenda of notulen op, en die worden ook niet systematisch gepubliceerd. Wie wil weten welke dossiers een regering er agendeert, wordt naar de vakministers verwezen.
- Consensus = veto: Elke regering kan elk besluit blokkeren. Er bestaat geen doorbraakmechanisme bij impasse.
- Geen afdwinging: Zonder consensus eindigt een belangenconflict zonder oplossing, en op het verstrijken van de termijnen staat geen sanctie.
- Geen eigen capaciteit: Zonder eigen analyseafdeling is het Overlegcomité afhankelijk van de goodwill en de capaciteit van de betrokken kabinetten.
- Feitelijke macht zonder kader: De activiteiten van het Overlegcomité zijn veel breder dan wat de wet voorziet. Het functioneerde tijdens de coronacrisis als quasi-regering, zonder daarvoor democratisch gemandateerd of gecontroleerd te zijn.
Overlap:
- Met de Senaat: de Senaat is de jure de parlementaire ontmoetingsplaats van de deelstaten en geeft advies bij belangenconflicten; het Overlegcomité is de facto die plek. Na afschaffing van de Senaat verdwijnt de jure-functie, maar de de facto-functie heeft dringend versterking nodig.
- Met de IMC's: deze sectorale conferenties functioneren los van elkaar, zonder coördinatie, zonder vaste vergadercadans, en zonder bindende beslissingskracht. Hun effectiviteit varieert sterk per beleidsdomein.
- Met de toekomstige Raad van de Deelstaten (HART-voorstel, art. 35 HART-grondwet): hij vervangt het Overlegcomité, de Senaat en de interministeriële conferenties en bundelt de coördinatiefuncties in één transparant, bindend en democratisch gecontroleerd orgaan.
1C. Internationale vergelijking
| Land | Orgaan | Type | Leden | Permanent? | Besluitvorming | Juridisch bindend? | Eigen secretariaat? |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| België (huidig) | Overlegcomité | Wettelijk overlegorgaan | 12 | Maandelijks volgens reglement, in de praktijk onregelmatig | Consensus | Nee | Nee (secretariaat bij FOD Kanselarij) |
| Duitsland | Bundesrat | Grondwettelijk orgaan | 69 | Ja | Meerderheid (35/69) | Ja (instemmingswetten) | Ja (~200 pers.) |
| Duitsland | MPK (Ministerpräsidentenkonferenz) | Informeel overleg | 16 MP's | Ja (4x/jaar) | 13/16 meerderheid | Nee (politiek bindend) | Ja (via Staatskanzleien) |
| Zwitserland | KdK (Conferentie van Kantonnale Regeringen) | Formeel overleg | 26 kantons | Ja (4x/jaar) | 18/26 meerderheid | Nee (politiek bindend) | Ja (ch Stiftung) |
| Oostenrijk | Landeshauptleutekonferenz | Informeel overleg | 9 gouverneurs | Ja (2x/jaar) | Unanimiteit | Nee | Ja (Verbindungsstelle) |
| Nederland | IPO (Interprovinciaal Overleg) | Vereniging | 12 provincies | Ja | Meerderheid | Nee | Ja |
Kernobservaties per land:
Duitsland: Bundesrat en MPK (het referentiemodel): Duitsland combineert twee organen. De Bundesrat is een grondwettelijk orgaan: de 16 Länder-regeringen sturen vertegenwoordigers die per Land als blok stemmen, op instructie van hun deelstaatregering. Bij ruim een derde van de federale wetten heeft de Bundesrat instemmingsrecht (34,7% in 2021-2025, tussen 35,8% en 38,3% in 2009-2021; vóór de federalismehervorming van 2006 meer dan de helft). Zonder goedkeuring van de Bundesrat wordt zo'n wet niet aangenomen. Bij onenigheid bestaat een Vermittlungsausschuss (bemiddelingscommissie) met gelijke vertegenwoordiging van Bundestag en Bundesrat. De Bundesrat heeft een eigen secretariaat van ongeveer 200 personeelsleden en een begroting van €38,5 mln (2025).
Daarnaast bestaat de Ministerpräsidentenkonferenz (MPK): een informeel overlegorgaan van de 16 minister-presidenten dat 4 keer per jaar vergadert. Sinds 2004 beslist de MPK met minstens 13 van de 16 stemmen (geen unanimiteit, behalve voor onder meer procedure en begroting). Twee keer per jaar vergadert de MPK samen met de Bondskanselier. Het voorzitterschap rouleert jaarlijks. De MPK behandelt horizontale coördinatie (tussen Länder onderling) en voorbereiding van gezamenlijke standpunten richting de federale overheid.
Daaronder functioneren een twintigtal vakministerconferenties (Fachministerkonferenzen, onder meer de KMK voor onderwijs en de IMK voor binnenlandse zaken): vergelijkbaar met de Belgische IMC's, maar met een vaste structuur en vergadercadans. De KMK heeft een permanent secretariaat van ongeveer 200 medewerkers; andere conferenties werken met een roterend voorzitterschap of via het secretariaat van de Bundesrat. Hun besluiten vallen meestal unaniem en zijn politiek, niet juridisch bindend; waar juridische binding nodig is, sluiten de Länder een Staatsvertrag.
Zwitserland: KdK (Conferentie van Kantonnale Regeringen): Opgericht in 1993 om de kantons een sterkere stem te geven tegenover de federale overheid. De KdK bevordert samenwerking op domeinen waar kantons bevoegd zijn en coördineert op federale dossiers die kantons raken. De plenaire vergadering komt vier keer per jaar samen; een standpunt van de KdK vraagt de instemming van 18 van de 26 kantons. Onderzoek toont een arbeidsverdeling: de KdK richt zich op verticale politieke invloed (kantons → federaal), terwijl sectorale conferenties horizontale beleidscoördinatie doen. Het secretariaat wordt beheerd door de ch Stiftung für eidgenössische Zusammenarbeit.
Oostenrijk: Landeshauptleutekonferenz (LHK): Een informeel orgaan (niet in de grondwet) van de 9 gouverneurs. Beslist alleen bij unanimiteit. Vergadert twee keer per jaar, plus buitengewone zittingen, met een voorzitterschap dat elk halfjaar alfabetisch roteert. Wordt beschouwd als "het machtigste bestuursorgaan van de deelstaten", machtiger dan de Bundesrat, die in Oostenrijk als tandenloos geldt. Ondersteund door de Verbindungsstelle der Bundesländer (permanent liaisonkantoor, sinds 1951).
Nederland. IPO + VNG: Het Interprovinciaal Overleg (IPO) vertegenwoordigt de 12 provincies als vereniging. Geen grondwettelijk orgaan, maar een effectieve lobby- en coördinatiestructuur met eigen secretariaat. Aangevuld met de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) voor gemeentelijk niveau.
1D. Knelpunten en kritiek op het huidige Belgische systeem
1. Het Overlegcomité is een black box. Geen publieke agenda, geen publieke notulen, geen systematische rapportage aan de parlementen. Beslissingen worden genomen achter gesloten deuren door regeringsleden die al druk genoeg zijn met hun eigen portefeuille. Democratische controle is nauwelijks mogelijk.
2. Consensus = verlamming. Elke regering kan elk besluit blokkeren. In een land met 6 regeringen over een communautaire breuklijn betekent dit dat structurele hervormingen bijna onmogelijk zijn. Tijdens COVID-19 bleek dat het systeem alleen werkt onder extreme tijdsdruk, niet als structureel bestuursmechanisme.
3. De IMC's zijn vrijblijvend. De interministeriële conferenties (21 in 2025) hebben geen bindende beslissingskracht, geen eigen secretariaat en geen vaste vergadercadans. Hun effectiviteit hangt volledig af van de politieke wil van de betrokken ministers. Van de 24 IMC's die tussen oktober 2019 en augustus 2023 bestonden, kwamen er vijf (onder meer Binnenlandse Zaken en Landbouwbeleid) in die bijna vier jaar geen enkele keer samen.
4. Samenwerkingsakkoorden zijn log en traag. Het afsluiten van een samenwerkingsakkoord vereist goedkeuring door alle betrokken parlementen. Dit proces kan jaren duren. De Europese screeningsverordening voor buitenlandse investeringen is van toepassing sinds 11 oktober 2020; het Belgische samenwerkingsakkoord daarover werd pas op 30 november 2022 gesloten en trad op 1 juli 2023 in werking. Bijna drie jaar lang had België geen interfederale screening.
5. Geen doorbraakmechanisme. Als het Overlegcomité er niet uit komt bij een belangenconflict, is er geen volgende stap. Geen arbitrage, geen finale beslissingsbevoegdheid, geen rechterlijke tussenkomst. Het conflict blijft gewoon bestaan.
6. De Senaat was het verkeerde antwoord op het juiste probleem. De Senaat was bedoeld als parlementaire ontmoetingsplaats van de deelstaten. Maar deelstaatcoördinatie vereist regeringsvertegenwoordigers met mandaat, niet parlementsleden die op partijlijn stemmen. De Senaat afschaffen alleen lost het probleem niet op: het schrapt enkel het verkeerde orgaan. Zonder een orgaan dat het Overlegcomité echt vervangt, wordt de coördinatie zwakker, niet sterker.
Academische en institutionele kritiek:
- Het Springer-hoofdstuk "Belgium: Challenges of Dual Federalism for Effective Governance" (2025) analyseert hoe het Belgische duale federalisme structurele coördinatieproblemen creëert
- ConstitutionNet (2025) signaleert "the absence of a parliamentary forum dedicated to the oversight of intergovernmental decision-making"
- Het landenverslag 2025 van de Europese Commissie stelt dat de versnippering van beleid over de bestuursniveaus en het gebrek aan effectieve coördinatie het ondernemingsklimaat complex maken, en vraagt een effectievere begrotingscoördinatie tussen de federale overheid en de deelstaten
Fase 2: Toetsing aan de 9 Principes
Noot: Deze toetsing beoordeelt het HART-voorstel voor de Raad van de Deelstaten (art. 35 HART-grondwet), niet de huidige situatie. De huidige situatie (Overlegcomité + Senaat) scoort slecht op bijna alle principes. De Senaat-audit documenteert dat uitgebreid.
| # | Principe | Oordeel voorstel | Onderbouwing |
|---|---|---|---|
| 1 | Subsidiariteit | ✅ Voldoet | Het orgaan zit op het juiste niveau: federaal, waar deelstaten en federale overheid elkaar ontmoeten. Het behandelt enkel zaken die meerdere bestuursniveaus raken. Lokale en deelstatelijke zaken blijven waar ze horen. |
| 2 | Transparantie | ✅ Voldoet | In tegenstelling tot het huidige Overlegcomité: openbare vergaderingen, gepubliceerde agenda's, openbare notulen, jaarlijkse rapportage aan alle parlementen. De burger kan zien wie beslist en waarom. |
| 3 | Verantwoordelijkheid = Financiering | ✅ Voldoet | De Raad stemt in met de federale wetten die de bevoegdheden of de financiën van de deelstaten raken, en houdt altijd het laatste woord over de verevening, de belastingbanden, de gemeenschappelijke grondslagen, een federale uitvoering in een concurrerend domein en het verschuiven van een bevoegdheid. Zo gaan een bevoegdheid en haar financiering samen: wie beslist over een bevoegdheid, draagt ook de bijbehorende financiering (art. 30). |
| 4 | Eenvoud | ✅ Voldoet | Eén orgaan vervangt drie structuren: de Senaat (60 leden, €44,6 mln in 2025), het Overlegcomité (12 leden, geen eigen budget) en de versnippering over ruim twintig losse IMC's. De burger hoeft nog maar op één plek te kijken. |
| 5 | Schaalgrootte | ✅ Voldoet | In het HART-model zitten de twaalf deelstaatregeringen in de Raad, met 42 gewogen stemmen; de federale regering zit erbij zonder stem. Met een compact permanent secretariaat (~30-40 pers.) is het orgaan groot genoeg voor professionele werking, klein genoeg voor slagvaardigheid. |
| 6 | Concurrerende bevoegdheden | ✅ Voldoet | De Raad bewaakt het systeem van concurrerende bevoegdheden (naar Duits model): een federale uitvoering in een concurrerend domein en het verschuiven van een bevoegdheid vragen altijd zijn instemming (art. 27 en 28), en hij kan een federale wet bij het Grondwettelijk Hof aanvechten, ook op grond van de subsidiariteit (art. 49). Hij coördineert waar niveaus samen optreden. Die functie is in het huidige systeem nergens structureel belegd. |
| 7 | Resultaatgericht | ✅ Voldoet | Formele beslissingsbevoegdheid bij meerderheid (22 van de 42 stemmen en 7 van de 12 deelstaten, geen unanimiteit), met een doorbraakmechanisme bij een weigering: binnen zestig dagen een bemiddelingscommissie van Kamer en Raad, daarna beslist de Kamer met twee derden. Akkoorden tussen overheden zijn openbaar en gelden voor een bepaalde duur (art. 32). |
| 8 | Digitaal-eerst | ✅ Voldoet | De transparantie-eisen (openbare agenda, notulen, livestreaming) vereisen een degelijk digitaal platform. Daarbovenop komt verplichte digitale burgerconsultatie vóór elk besluit van de Raad dat deelstaatbevoegdheden raakt, via het digitaal participatieplatform (zie HART-hoofdstuk Digitale Overheid, Standpunt 9). Burgers kunnen standpunten en alternatieven indienen; de Raad publiceert een gemotiveerd antwoord op de meest ondersteunde voorstellen. Dit maakt de Raad niet alleen een besluitvormingsorgaan maar ook een participatief orgaan met een volwaardige digitale dimensie. |
| 9 | Internationaal bewezen | ✅ Voldoet | Het model combineert bewezen elementen: de Duitse Bundesrat (deelstaatregeringen met mandaat, eenvormige stemmen per deelstaat, gewogen stemmen en instemmingsrecht), de Vermittlungsausschuss (bemiddeling bij onenigheid), de MPK-structuur (regulier overleg zonder unanimiteit) en de KdK-transparantie (apart secretariaat, publieke posities). |
Synthese: 9 van 9 principes voldaan. De verplichte digitale burgerconsultatie versterkt zowel de democratische legitimiteit als de digitale dimensie. De uitdaging zit in de implementatie, niet in het concept.
Fase 3: HART-voorstel
3A. Classificatie
🟠 Nieuw/hervormd: de Raad van de Deelstaten (art. 35 HART-grondwet), een nieuw orgaan van de twaalf deelstaatregeringen dat de Senaat, het Overlegcomité en de interministeriële conferenties vervangt, bij meerderheid beslist zonder taalveto, instemt met de federale wetten die de deelstaten raken en de coördinatie tussen bestuursniveaus fundamenteel versterkt.
3B. Concreet voorstel
Naam: Raad van de Deelstaten (art. 35 HART-grondwet)
Wat het vervangt:
- De Senaat (afgeschaft, zie aparte audit)
- Het Overlegcomité
- De interministeriële conferenties (21 in 2025): de vakministers overleggen in de Raad
Samenstelling:
- De regeringen van de twaalf deelstaten: Antwerpen, Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen, Vlaams-Brabant, Limburg, Henegouwen, Luik, Namen, Waals-Brabant, Luxemburg, Brussel en Ostbelgien
- Per deelstaat de voorzitter van de regering en de vakminister per agendapunt (variabele samenstelling per thema)
- De federale regering zit erbij zonder stem
- Elke deelstaat stemt eenvormig, namens zijn regering, niet op persoonlijke titel, naar Bundesrat-model
Besluitvorming:
- Gewogen stemmen: elke deelstaat heeft 2 stemmen plus 1 per volle 500.000 inwoners, vastgesteld bij het begin van elke legislatuur, samen 42. De vijf Vlaamse deelstaten hebben er 21, de zeven andere samen ook 21.
- Dubbele meerderheid in plaats van het huidige consensusprincipe: een besluit vraagt meer dan de helft van de stemmen en meer dan de helft van de deelstaten, dus minstens 22 stemmen en 7 deelstaten. Geen van beide kanten beslist alleen, en omdat vijf deelstaten samen al 22 stemmen kunnen halen, beslissen ook enkele grote deelstaten nooit alleen. Wel kan elke kant alleen tegenhouden.
- Doorbraakmechanisme bij een weigering: een bemiddelingscommissie van Kamer en Raad zoekt binnen zestig dagen een akkoord (naar Duits Vermittlungsausschuss). Lukt dat niet, dan beslist de Kamer met twee derden, zonder taalgroepmeerderheden.
- Geen veto per regering: geen enkele deelstaat kan alleen een besluit blokkeren, anders dan in het huidige Overlegcomité, waar elke regering een veto heeft. Over de vereveningswet, de bandbreedtes en gemeenschappelijke grondslagen van de belastingen, een federale uitvoering in een concurrerend domein en het verschuiven van een bevoegdheid houdt de Raad altijd het laatste woord: daar kan de Kamer hem niet overstemmen.
Bevoegdheden:
- Instemmingsrecht bij de federale wetten die de bevoegdheden of de financiën van de deelstaten raken, en bij de andere wetten waarvoor de grondwet zijn instemming vraagt (art. 35). Geen wetgevende bevoegdheid: de Kamer blijft de wetgever.
- Formele coördinatie van bevoegdheden die meerdere niveaus raken: gezondheid, arbeidsmarkt, mobiliteit, klimaat, energie
- Akkoorden en concordaten: samenwerking via openbare akkoorden met een vaste duur, goedgekeurd door de betrokken parlementen; regeringen geven elkaar alleen de uitvoering door, nooit wetgevende bevoegdheid (art. 32). De Raad kan het verplichte concordaat algemeen verbindend verklaren, op verzoek van een meerderheid van de deelstaten van die taalgroep (art. 31).
- Standpuntbepaling voor Belgische posities in de Raad van de EU: gaat een dossier in hoofdzaak over een bevoegdheid van de deelstaten, dan bepaalt de Raad het standpunt bij meerderheid, en zonder meerderheid de federale regering; een federale minister spreekt, een deelstaatminister zit mee in de delegatie (art. 59). In het huidige systeem gebeurt dat via administratieve coördinatie binnen de FOD Buitenlandse Zaken (samenwerkingsakkoord van 8 maart 1994), zonder openbare verantwoording; zonder akkoord onthoudt België zich. De Raad doet ook de Europese subsidiariteitscontrole (art. 60) en stemt in met de verdragen die de deelstaten raken (art. 61).
- Belangenconflicten overgenomen van het Overlegcomité en de adviesrol van de Senaat, maar met bindende termijnen en een doorbraakmechanisme: een politiek geschil over een federale wet lossen de Raad en de bemiddelingscommissie op (art. 35). Het Grondwettelijk Hof toetst juridisch, ook op subsidiariteit, en de Raad kan er een federale wet aanvechten (art. 48 en 49)
- Grondwettelijk Hof en herziening: de Raad kiest de helft van de rechters van het Grondwettelijk Hof uit een gerangschikte lijst van de kamer controle van het Onafhankelijk Benoemingsorgaan (art. 48) en kan een herziening van de Grondwet voorstellen; de Kamer neemt ze aan met twee derden, daarna volgt een verplichte burgerstemming met een meerderheid van de kiezers en van de deelstaten (art. 63)
Structuur en ondersteuning:
- Permanent secretariaat (~30-40 personeelsleden): agenda-voorbereiding, dossieranalyse, opvolging van de akkoorden, rapportage
- Sectorale werkgroepen (in de plaats van de interministeriële conferenties; de vakministers overleggen in de Raad): vaste vergadercadans, met mandaat om voorstellen voor te bereiden voor de plenaire Raad
- Digitaal platform: openbare agenda, livestreaming van plenaire vergaderingen, publicatie van notulen en stemresultaten binnen 48 uur
Vergadercadans:
- Plenair: maandelijks (12x/jaar), en ook echt: het Overlegcomité haalt zijn maandelijkse ritme in de praktijk niet, de MPK vergadert 4x/jaar
- Sectorale werkgroepen: tweemaandelijks per domein
- Permanente digitale verantwoording (apart HART-voorstel): de Raad rapporteert doorlopend openbaar aan alle parlementen over de werking van het federale samenwerkingsmodel
Geschatte kosten:
- Permanent secretariaat: ~€4-5 mln/jaar (30-40 FTE + werkingskosten)
- Digitaal platform (openbare agenda, livestreaming, burgerconsultatie): ~€1 mln/jaar
- Vergaderinfrastructuur: gebruik van bestaande gebouwen (Kamer, voormalig Senaat)
- Totaal: ~€5-6 mln/jaar
Geschatte besparing vs. huidige situatie:
- Afschaffing Senaat: -€44,6 mln (dotatie 2025)
- Secretariaat en platform van de Raad van de Deelstaten: +€5-6 mln
- Nettobesparing: ~€39-40 mln/jaar en een orgaan dat daadwerkelijk functioneert
Internationaal model: Een hybride van:
- Duitse Bundesrat: deelstaatregeringen met mandaat, blocstemming per deelstaat, gewogen stemmen en instemmingsrecht
- Duitse MPK: regulier overleg van de regeringsleiders, besluiten zonder unanimiteit
- Duits Vermittlungsausschuss: bemiddelingscommissie bij impasse
- Zwitserse KdK: apart secretariaat, transparantie, publieke standpunten
- Geen taalveto's: een dubbele meerderheid van stemmen en deelstaten in plaats van taalgroepmeerderheden; de vijf Vlaamse deelstaten en de zeven andere hebben elk een partner nodig
Implementatiepad:
- Eerste jaar: grondwettelijke basis leggen. De Raad van de Deelstaten staat in de HART-grondwet zelf, met zijn samenstelling, stemmen, besluitvorming en instemmingsrecht (art. 35); de herziening volgt art. 63: twee derden in de Kamer, daarna een verplichte burgerstemming
- Tweede jaar: federale wet, met instemming van de Raad van de Deelstaten waar art. 35 dat vraagt: opheffing van het Overlegcomité en de interministeriële conferenties, het secretariaat, de bemiddelingscommissie en de openbaarheid van de vergaderingen
- Derde jaar: operationalisering: secretariaat aanwerven, sectorale werkgroepen inrichten, digitaal platform bouwen
- Bij de volgende federale verkiezingen: volledig operationeel. De nieuwe Kamer en de nieuwe Raad van de Deelstaten starten samen
Vereiste wetswijzigingen:
- Grondwetsherziening volgens art. 63 HART-grondwet: de artikelen 36, 56, 67-73 (Senaat → Raad van de Deelstaten, art. 35), 77-78 (bicamerale procedure → instemmingsprocedure van de Raad met bemiddelingscommissie) en 143 (belangenconflicten, adviesrol Senaat → Raad) van de huidige Grondwet vervallen; de Raad krijgt ook zijn rol in Europa (art. 59 tot 61) en bij het Grondwettelijk Hof (art. 48 en 49)
- Federale wet (met instemming van de Raad van de Deelstaten waar art. 35 dat vraagt): werking van de Raad, zijn secretariaat en de bemiddelingscommissie, ter vervanging van de relevante bepalingen in de gewone wet van 9 augustus 1980
- Federale wetten: aanpassing procedures voor akkoorden tussen overheden (art. 32), geschillen en EU-standpuntbepaling (art. 59)
Fase 4: Partijpunt (website-klare tekst)
Deel A: Het partijpunt
Raad van de Deelstaten: nieuw België heeft zes regeringen die naast elkaar werken in plaats van samen. HART vervangt de Senaat, het Overlegcomité en de interministeriële conferenties door de Raad van de Deelstaten: de twaalf deelstaatregeringen beslissen er bij meerderheid, zonder taalveto, en stemmen in met de federale wetten die hun bevoegdheden of hun geld raken. Open, maandelijks, met bemiddeling en daarna de Kamer met twee derden als het vastzit, en verplichte digitale burgerconsultatie vóór elk besluit dat deelstaten raakt.
Deel B: De uitleg
Hoe het nu werkt
De coördinatie tussen de Belgische regeringen verloopt via het Overlegcomité. Een orgaan dat je niet kent, en dat is precies het probleem. Het Overlegcomité bestaat uit de eerste minister, de minister-presidenten en enkele ministers. Het zou maandelijks moeten vergaderen, maar komt samen wanneer het uitkomt, achter gesloten deuren, zonder openbare agenda of notulen. Het beslist bij consensus, wat betekent dat elke regering elk besluit kan blokkeren. Als ze het niet eens worden, is er geen volgende stap: geen arbitrage, geen deadline met tanden, geen rechterlijke uitspraak. Het conflict blijft gewoon bestaan.
Daarnaast bestaan er ruim twintig interministeriële conferenties (21 in 2025): sectorale overlegorganen voor gezondheid, milieu, energie enzovoort. Die hebben geen bindende beslissingskracht en geen eigen personeel. Van de 24 conferenties die tussen 2019 en 2023 bestonden, kwamen er vijf in bijna vier jaar geen enkele keer samen. Het hele systeem draait op goodwill. Als die er niet is, en in een land met een communautaire breuklijn is dat regelmatig, gebeurt er niets.
De Senaat was ooit bedoeld als parlementaire ontmoetingsplaats van de deelstaten, maar die functie is al lang overgenomen door het Overlegcomité. De Senaat kostte €44,6 miljoen in 2025, voor gemiddeld zo'n 20 uur plenaire vergadering per jaar. HART schaft de Senaat af, maar ziet ook een gevaar: als je de Senaat afschaft zonder er een echte deelstaatkamer voor in de plaats te zetten, vervang je een lege schelp door een gat.
Wat er mis gaat
Het kernprobleem is dubbel. Ten eerste: geen transparantie. De burger kan niet zien wie wat beslist in het Overlegcomité. Voor een orgaan met zoveel feitelijke macht is dat democratisch onaanvaardbaar. Ten tweede: geen slagkracht. Consensusbesluitvorming in een land met zes regeringen over een taalgrens leidt tot verlamming. Tijdens COVID-19 bleek het Overlegcomité plotseling wel te kunnen functioneren als beslissingsorgaan, maar alleen onder extreme tijdsdruk, zonder aangepast wettelijk kader en zonder parlementaire controle. Het was crisismanagement op zijn Belgisch: improvisatie die werkt tot ze niet meer werkt.
Samenwerkingsakkoorden, de bindende afspraken tussen de entiteiten, doen er jaren over om af te sluiten. De Europese regels voor de screening van buitenlandse investeringen gelden sinds oktober 2020; het Belgische samenwerkingsakkoord trad pas op 1 juli 2023 in werking. Bijna drie jaar lang had België geen interfederale screening.
En als een entiteit de belangen van een andere schaadt? Dan start een belangenconflictprocedure: 60 dagen overleg, een advies van de Senaat en 30 dagen in het Overlegcomité, dat alleen bij consensus beslist. Er staat geen sanctie op het verstrijken van de termijnen, en er is geen doorbraakmechanisme als de bemiddeling faalt. Het conflict blijft gewoon liggen.
Hoe het elders werkt
Duitsland combineert twee organen die samen doen wat België niet lukt. De Bundesrat is een grondwettelijk orgaan: de 16 deelstaatregeringen sturen vertegenwoordigers die per deelstaat als blok stemmen, op instructie van hun regering. Bij ruim een derde van de federale wetten (34,7% in 2021-2025) heeft de Bundesrat instemmingsrecht: zonder "ja" van de Bundesrat wordt zo'n wet niet aangenomen. Bij onenigheid bestaat een bemiddelingscommissie (Vermittlungsausschuss) met gelijke vertegenwoordiging van beide kamers. De Bundesrat heeft een eigen secretariaat van ongeveer 200 personeelsleden en kostte €38,5 miljoen in 2025: minder dan de Belgische Senaat, maar met een veelvoud aan output. HART neemt die logica over: regeringen met mandaat, met instemmingsrecht en een bemiddelingscommissie.
Daarnaast vergaderen de 16 minister-presidenten vier keer per jaar in de Ministerpräsidentenkonferenz (MPK): voor horizontale coördinatie en gezamenlijke standpunten. De MPK beslist met minstens 13 van de 16 stemmen, geen unanimiteit. Het voorzitterschap rouleert jaarlijks. Onder de MPK functioneren een twintigtal vakministerconferenties met een vaste structuur en vergadercadans.
Zwitserland koos in 1993 voor de Conferentie van Kantonnale Regeringen (KdK): een apart orgaan met eigen secretariaat dat de 26 kantons vertegenwoordigt richting het federale niveau. Een standpunt van de KdK vraagt de steun van 18 van de 26 kantons. Onderzoek toont een heldere taakverdeling: de KdK doet verticale invloed (kantons → federaal), sectorale conferenties doen horizontale coördinatie (kantons onderling).
In Oostenrijk is de Landeshauptleutekonferenz informeel, niet in de grondwet, maar met een permanent liaisonkantoor sinds 1951. Ze geldt als "het machtigste bestuursorgaan van de deelstaten", machtiger dan de formele Bundesrat, die als tandenloos wordt beschouwd.
Wat HART voorstelt
De Raad van de Deelstaten: grondwettelijk verankerd (art. 35 HART-grondwet), niet informeel. Hij vervangt de Senaat, het Overlegcomité en de interministeriële conferenties. De twaalf deelstaatregeringen vormen de Raad: elke deelstaat wordt vertegenwoordigd door de voorzitter van zijn regering en de vakminister per agendapunt. De federale regering zit erbij zonder stem.
Instemmingsrecht, met bemiddeling. De Raad stemt in met de federale wetten die de bevoegdheden of de financiën van de deelstaten raken. Weigert hij, dan zoekt een bemiddelingscommissie van Kamer en Raad binnen zestig dagen een akkoord (naar Duits Vermittlungsausschuss); lukt dat niet, dan beslist de Kamer met twee derden, zonder taalgroepmeerderheden. Over de verevening, de belastingbanden, de gemeenschappelijke grondslagen, een federale uitvoering in een concurrerend domein en het verschuiven van een bevoegdheid houdt de Raad altijd het laatste woord.
Meerderheid in plaats van consensus. Elke deelstaat heeft 2 stemmen plus 1 per volle 500.000 inwoners, samen 42, en stemt eenvormig. Een besluit vraagt minstens 22 stemmen en 7 deelstaten. De vijf Vlaamse deelstaten hebben 21 stemmen, de zeven andere samen ook 21: geen van beide kanten beslist alleen, en omdat vijf deelstaten samen al 22 stemmen kunnen halen, beslissen ook enkele grote deelstaten nooit alleen. Dit voorkomt de verlamming die het huidige systeem kenmerkt, zonder taalveto.
Eén Belgische stem in Europa. Gaat een EU-dossier in hoofdzaak over een bevoegdheid van de deelstaten, dan bepaalt de Raad het Belgische standpunt bij meerderheid, en zonder meerderheid de federale regering. Een federale minister spreekt, een deelstaatminister zit mee in de delegatie (art. 59). Geen onthouding meer omdat de regeringen het oneens zijn.
Permanent secretariaat (~30-40 personeelsleden): agenda-voorbereiding, dossieranalyse, opvolging van de akkoorden tussen overheden. Gehuisvest in het voormalige Senaatsgebouw.
Volledige transparantie. Openbare vergaderingen, livestreaming, publicatie van notulen en stemresultaten binnen 48 uur. Doorlopende verantwoording aan alle parlementen via de permanente digitale verantwoording.
De interministeriële conferenties verdwijnen: de vakministers overleggen in de Raad, voorbereid in sectorale werkgroepen met vaste vergadercadans, eigen mandaat, en rapportageplicht.
Verplichte digitale burgerconsultatie vóór elk besluit van de Raad dat deelstaatbevoegdheden raakt. Via het digitaal participatieplatform (zie HART-hoofdstuk Digitale Overheid, Standpunt 9) kunnen burgers standpunten, argumenten en alternatieven indienen. De Raad is verplicht een gemotiveerd antwoord te publiceren op de meest ondersteunde voorstellen. Dit adresseert het risico dat een puur executief overlegorgaan structureel moeilijker te doorgronden is dan een parlementair debat, en bouwt een participatief tegenwicht in zonder de executieve slagkracht te ondermijnen. Naar Taiwanees Join-model.
Verplichte wetenschappelijke en stakeholder-impactanalyse vóór elk besluit van de Raad met budgettaire of maatschappelijke impact. Twee componenten. Ten eerste: het versterkte Planbureau/Belgisch CPB (zie HART-hoofdstuk Overheid, Standpunt 9) levert bij elk agendapunt een onafhankelijke impactanalyse, vooraf, niet achteraf. Naar Zweeds "remiss"-model, waar elke wetswijziging verplicht wordt voorgelegd aan betrokken wetenschappelijke instellingen en stakeholders vóór behandeling in het parlement. Ten tweede: de relevante sociale partners en adviesorganen (NAR voor arbeidsmarkt, CRB voor economie, Hoge Gezondheidsraad voor gezondheid, etc.) krijgen een formeel adviesrecht met behandelplicht. De Raad moet elk advies gemotiveerd beantwoorden en publiceren, net zoals bij de burgerconsultatie. Dit is geen nieuw orgaan maar een verplichte koppeling van bestaande expertise aan de nieuwe besluitvormingsstructuur. Wat verandert: in het huidige systeem zijn adviezen vrijblijvend en blijven ze vaak zonder gevolg. In het model van de Raad worden ze structureel ingebed in de besluitvormingsfase, niet in de implementatiefase. Zo worden wetenschappers en stakeholders betrokken bij de voorbereiding van de beslissing, niet pas wanneer de beslissing al genomen is.
Wat het oplevert
- €39-40 miljoen per jaar nettobesparing: de Senaat kostte €44,6 mln (2025), het secretariaat en het platform van de Raad van de Deelstaten ~€5-6 mln
- Eén orgaan in plaats van drie: weg met de Senaat, het Overlegcomité en ruim twintig losse IMC's; één transparant orgaan met echte tanden
- Doorbraak in plaats van verlamming: besluiten bij een meerderheid van stemmen en van deelstaten in plaats van consensus, zonder taalveto, een bemiddelingscommissie bij een weigering, bindende termijnen
- Democratische controle: de burger kan voor het eerst zien hoe de Belgische regeringen samenwerken, of juist niet
- Effectieve EU-vertegenwoordiging: een grondwettelijk verankerd orgaan dat het Belgische standpunt voor de bevoegdheden van de deelstaten openbaar en bij meerderheid bepaalt (art. 59), in plaats van administratieve coördinatie zonder verantwoording en een onthouding zonder akkoord
- Een signaal: België kan zichzelf hervormen. Niet door instellingen af te schaffen en te hopen dat het lukt, maar door ze te vervangen door iets dat werkt.
Fase 5: Bronnenlijst
| # | Bron | URL | Datum | Gebruikt voor |
|---|---|---|---|---|
| 1 | Gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikelen 31 en 31/1 | https://www.jurion.fanc.fgov.be/jurdb-consult/plainWettekstServlet?wettekstId=831&lang=nl | 1980 (gecoördineerd) | Juridische basis en samenstelling Overlegcomité, "centraal punt voor overleg, samenwerking en coördinatie" |
| 2 | Belgische Grondwet (gecoördineerde tekst, Senaat) | https://www.senate.be/doc/const_nl.html | 2026 | Artikel 143 (belangenconflicten, adviesrol Senaat); artikel 141 (bevoegdheidsconflicten, niet het Overlegcomité); de te herziene Senaatsartikelen (36, 56, 67-73, 77-78, 195) |
| 3 | Wikipedia. Overlegcomité | https://nl.wikipedia.org/wiki/Overlegcomit%C3%A9 | 2024 | Samenstelling, dubbele pariteit, besluitvorming bij consensus |
| 4 | Vlaams Parlement. Conflicten tussen overheden in België en hoe die voorkomen of opgelost worden | https://www.vlaamsparlement.be/nl/over-ons/conflicten-tussen-overheden-belgie-en-hoe-die-voorkomen-opgelost-worden | 2024 | Belangenconflictprocedure: drievierdemeerderheid, advies Senaat, 30 dagen Overlegcomité |
| 5 | Wikipedia. Belangenconflict (Belgisch staatsrecht) | https://nl.wikipedia.org/wiki/Belangenconflict_(Belgisch_staatsrecht) | 2024 | Procedure belangenconflicten: 60 dagen overleg, 30 dagen Senaat, 30 dagen Overlegcomité, geen sanctie |
| 6 | Vlaams Parlement. Schriftelijke vraag nr. 473 (29 april 2025) over de evaluatie van het Overlegcomité, met antwoord van de minister-president | https://docs.vlaamsparlement.be/files/pfile?id=2176902 | 2025 | Maandelijkse vergadering volgens huishoudelijk reglement, niet gehaald; drie vergaderingen sinds september 2024; 21 IMC's goedgekeurd op 21 mei 2025 |
| 7 | Vlaams Parlement. Overzicht en evaluatie van de interministeriële conferenties van 2 oktober 2019 tot 18 augustus 2023 (bijlage bij schriftelijke vraag) | https://docs.vlaamsparlement.be/pfile?id=1991652 | 2023 | 24 IMC's in 2019-2023, waarvan vijf niet samengekomen |
| 8 | FOD Kanselarij van de Eerste Minister. Algemene directie Secretariaten en Coördinatie | https://kanselarij.belgium.be/nl/algemene-directie-secretariaten-en-coordinatie/ | 2026 | Secretariaat van het Overlegcomité bij de Kanselarij, opvolging samenwerkingsakkoorden |
| 9 | Wikipedia. German Bundesrat | https://en.wikipedia.org/wiki/German_Bundesrat | 2024 | Blocstemming op instructie van de deelstaatregering, 35 van 69 stemmen, Vermittlungsausschuss |
| 10 | Bundesrat. Die Arbeit des Bundesrates im Spiegel der Zahlen (Gesamtstatistik, stand 9 mei 2025) | https://www.bundesrat.de/SharedDocs/downloads/DE/statistik/gesamtstatistik.pdf?__blob=publicationFile&v=1 | 2025 | Aandeel instemmingswetten: 50,8% (2002-2005) tot 34,7% (2021-2025) |
| 11 | Bundeshaushaltsplan 2026, Einzelplan 03 Bundesrat | https://www.bundesrat.de/SharedDocs/downloads/DE/sekretariat/Haushalt_Bundesrat_2026.pdf?__blob=publicationFile&v=2 | 2026 | Begroting Bundesrat: €38,5 mln (2025), €41,0 mln (2026) |
| 12 | Bundesrat. Sekretariat des Bundesrates | https://www.bundesrat.de/DE/bundesrat/sekretariat/sekretariat-node.html | 2026 | Ongeveer 200 personeelsleden |
| 13 | Wikipedia. Conference of Ministers-President (Duitsland) | https://en.wikipedia.org/wiki/Conference_of_Ministers-President | 2024 | MPK: 4x/jaar, sinds 2004 minstens 13 van 16 stemmen, jaarlijks roterend voorzitterschap |
| 14 | Baden-Württemberg. Conference of Minister-Presidents | https://www.baden-wuerttemberg.de/en/government/baden-wuerttemberg-in-the-federation/conference-of-minister-presidents | 2024 | MPK: minstens 4x/jaar, twee keer met de Bondskanselier |
| 15 | Wikipedia. Fachministerkonferenzen der deutschen Länder | https://de.wikipedia.org/wiki/Fachministerkonferenzen_der_deutschen_L%C3%A4nder | 2025 | Een twintigtal vakministerconferenties, secretariaat KMK (~200 medewerkers), besluiten meestal unaniem en politiek bindend |
| 16 | Wikipedia. Conference of State Governors (Oostenrijk) | https://en.wikipedia.org/wiki/Conference_of_State_Governors_(Austria) | 2024 | LHK: informeel, unanimiteit, halfjaarlijks, "most powerful governing institution of the federal states" |
| 17 | Austria-Forum. Landeshauptleutekonferenz; OTS. Verbindungsstelle der Bundesländer wird 50 (15 mei 2001) | https://austria-forum.org/af/AustriaWiki/Landeshauptleutekonferenz ; https://www.ots.at/presseaussendung/OTS_20010515_OTS0235/verbindungsstelle-der-bundeslaender-wird-50-bundesratspraesident-klamt-lobt-hervorragende-zusammenarbeit | 2001-2024 | Verbindungsstelle als secretariaat van de LHK, aan het werk sinds mei 1951; twee vaste zittingen per jaar |
| 18 | SWI swissinfo.ch. Conference of Cantonal Governments | https://www.swissinfo.ch/eng/swiss-politics/conference-of-cantonal-governments/5160776 | 2024 | KdK: opgericht 1993, opdracht |
| 19 | KdK. Plenarversammlung | https://kdk.ch/ueber-uns/plenarversammlung | 2026 | Standpunt vraagt 18 kantons, één stem per kanton, 4x/jaar |
| 20 | Wikipedia. Konferenz der Kantonsregierungen | https://de.wikipedia.org/wiki/Konferenz_der_Kantonsregierungen | 2025 | Generalsecretariaat toevertrouwd aan de ch Stiftung für eidgenössische Zusammenarbeit |
| 21 | Regional & Federal Studies. Vertical influence or horizontal coordination? The purpose of intergovernmental councils in Switzerland | https://www.tandfonline.com/doi/full/10.1080/13597566.2017.1368017 | 2017 | Arbeidsverdeling KdK (verticaal) vs. sectorale conferenties (horizontaal) |
| 22 | ConstitutionNet. Toward a Unicameral Federalism in Belgium? | https://constitutionnet.org/news/voices/toward-unicameral-federalism-belgium | 2025 | Academische analyse: argumenten voor/tegen afschaffing Senaat, lacune in intergouvernementeel toezicht |
| 23 | YJEA. Restoring Bicameralism in Belgium | https://yjea.org/2025/08/14/restoring-bicameralism-in-belgium/ | 2025 | Alternatief voorstel: herstel van bicameralisme, Bundesrat-model voor België |
| 24 | Springer. Belgium: Challenges of Dual Federalism for Effective Governance | https://link.springer.com/chapter/10.1007/978-3-031-83567-4_2 | 2025 | Structurele coördinatieproblemen in Belgisch duaal federalisme |
| 25 | Europese Commissie. 2025 Country Report Belgium (SWD(2025) 201) | https://economy-finance.ec.europa.eu/economic-surveillance-eu-member-states/country-pages-including-country-reports/country-report-belgium_en | 2025 | Versnippering en gebrek aan effectieve coördinatie tussen bestuursniveaus; begrotingscoördinatie |
| 26 | PMC/NIH. Explaining Intergovernmental Coordination during the COVID-19 Pandemic | https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC8344706/ | 2021 | Vergelijking crisiscoördinatie: Duitsland, Zwitserland, Australië, Canada |
| 27 | Springer. Leadership of Peak Intergovernmental Councils: COVID-19 in Germany and Switzerland | https://link.springer.com/chapter/10.1007/978-3-031-83567-4_21 | 2025 | Rol van MPK en KdK tijdens crisisbeheer |
| 28 | SGI Network. Germany Coordination 2024 | https://www.sgi-network.org/2024/Germany/Coordination | 2024 | Beoordeling Duitse intergouvernementele coördinatie |
| 29 | Swiss Political Science Review. Strength through Weakness: State Executive Power and Federal Reform in Austria | https://onlinelibrary.wiley.com/doi/10.1111/spsr.12017 | 2013 | Vergelijking Oostenrijkse LHK met Duitse MPK |
| 30 | Belgische Senaat. Begrotingsvoorstellen 2025 | https://www.senate.be/web/nl/article/1090/raw | 2025 | Uitgaven Senaat 2025: €44.609.061 |
| 31 | Vlaams Belang. Senaat kost per minuut plenair vergaderen 34.075 euro | https://www.vlaamsbelang.org/nieuws/senaat-kost-minuut-plenair-vergaderen-34075-euro | 2024 | 103 uur plenaire vergadering in 2019-2024 (telling van een fractie, geen officiële bron) |
| 32 | FOD Economie. Screening buitenlandse investeringen: overzicht 2023-2024 | https://news.economie.fgov.be/241793-screening-buitenlandse-investeringen-overzicht-2023-2024/ | 2024 | Samenwerkingsakkoord van 30 november 2022, screening van toepassing sinds 1 juli 2023 |
| 33 | Europese Commissie. Investment screening | https://policy.trade.ec.europa.eu/enforcement-and-protection/investment-screening_en | 2025 | Verordening (EU) 2019/452 van toepassing sinds 11 oktober 2020 |
| 34 | Vlaams Parlement. Het Belgische systeem en de Europese ministerraden | https://www.vlaamsparlement.be/nl/over-ons/het-belgische-systeem-en-de-europese-ministerraden | 2024 | Samenwerkingsakkoord van 8 maart 1994, voorafgaande coördinatie, onthouding zonder akkoord |
- Herzien: 2026-09-27 (factcheck: cijfers, bronnen, tijdloze formulering)