RIZIV (Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering): Audit
Datum: 2026-03-29 Categorie: Parastatalen Sociale Zekerheid Budget: ~€46,8 mld (begroting 2026) Personeel: ~900-1.000 medewerkers (administratie) Status voorstel: 🟠 Hervormd
Fase 1: Diepteonderzoek
1A. Wat is het precies?
Het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (RIZIV) in het Frans INAMI (Institut national d'assurance maladie-invalidité): is een federale openbare instelling van sociale zekerheid. Het werd opgericht door de wet van 9 augustus 1963 en functioneert vandaag op basis van de gecoördineerde wet van 14 juli 1994 betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen.
Bestuursniveau: Federaal, onder de bevoegdheid van de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid (huidig: Frank Vandenbroucke).
Administrateur-generaal: Pedro Facon (sinds 2026).
Personeelsomvang: Circa 900 à 1.000 medewerkers (bronnen variëren: Apollo.io meldt 836, Ampliz 994, andere bronnen spreken van ~920). Het RIZIV deelt faciliteiten met FOD Volksgezondheid en FAGG via One Facility Management (1FM).
Budget ziekteverzekering 2026: €46,775 miljard, waarvan €40,986 miljard voor terugbetaling van geneeskundige verstrekkingen (+3,2% t.o.v. 2025). Dit maakt het RIZIV veruit de grootste financiële beheerder binnen de Belgische sociale zekerheid na de pensioendienst.
Structuur. 6 diensten:
- Dienst voor Geneeskundige Verzorging het kloppend hart: nomenclatuur, tarieven, akkoorden met zorgverstrekkers, begrotingsbeheer
- Dienst voor Uitkeringen arbeidsongeschiktheid, moederschapsrust, invaliditeit
- Dienst voor Geneeskundige Evaluatie en Controle (DGEC) controle op correcte facturatie door zorgverstrekkers
- Dienst voor Administratieve Controle controle op verzekeringsinstellingen (ziekenfondsen)
- Fonds voor Medische Ongevallen compensatie bij medische fouten zonder bewezen fout
- Algemeen Ondersteunende Diensten (AOD) HR, financiën, IT, communicatie, data
Belangrijkste organen:
- Algemene Raad bepaalt beleidslijnen, keurt begroting goed, bewaakt financieel evenwicht. Samenstelling: 3/4 financiers (werkgevers, werknemers, zelfstandigen, overheid) + verzekeringsinstellingen.
- Verzekeringscomité beslist over nomenclatuurwijzigingen, keurt akkoorden goed. Paritair samengesteld: verzekeringsinstellingen + zorgverleners.
- Akkoorden- en overeenkomstencommissies per sector (artsen, tandartsen, apothekers, kinesitherapeuten, verpleegkundigen, etc.)
1B. Wat doet het in de praktijk?
Kerntaken:
- Vaststellen welke medische prestaties worden terugbetaald en tegen welk tarief (nomenclatuur)
- Onderhandelen van tariefakkoorden tussen zorgverleners en ziekenfondsen
- Beheren van de begroting voor geneeskundige verzorging (~€41 mld)
- Controleren van correcte facturatie door zorgverstrekkers
- Beheren van arbeidsongeschiktheids- en invaliditeitsuitkeringen
- Toekennen van RIZIV-identificatienummers aan alle Belgische zorgverleners
Overlap met andere instellingen:
- 9 ministers bevoegd voor gezondheid het RIZIV opereert federaal, maar preventie, ouderenzorg, revalidatie en eerstelijnszorg zijn (deels) overgeheveld naar gewesten en gemeenschappen. Dit creëert een complexe bevoegdheidsverdeling.
- FOD Volksgezondheid deelt gebouw en faciliteiten, overlappende bevoegdheden rond ziekenhuisfinanciering en gezondheidszorgbeleid
- Ziekenfondsen voeren de terugbetalingen uit, maar het RIZIV bepaalt de regels en controleert
- Deelstaatinstellingen (AVIQ, Agentschap Zorg & Gezondheid, Iriscare): bevoegd voor persoonsgebonden materies die raken aan gezondheidszorg
Klanten: Alle Belgische burgers (11,5 miljoen verzekerden), ~130.000 zorgverstrekkers, 5 verzekeringsinstellingen (ziekenfondsen), ziekenhuizen.
Prestatie-indicatoren: Het RIZIV werkt met een bestuursovereenkomst (6de, 2022-2025) met de federale overheid, gestructureerd rond 4 strategische domeinen: toegankelijkheid, samenwerking, hervorming & innovatie, en optimaal gebruik van middelen. KPI's worden gerapporteerd maar zijn moeilijk publiek toegankelijk.
1C. Internationale vergelijking
Nederland: Zorginstituut Nederland + NZa
- Structuur: Twee complementaire organisaties: Zorginstituut Nederland (adviesorgaan: wat wordt terugbetaald?) en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) (markttoezichthouder: tarieven, kwaliteit, toegankelijkheid).
- Model: Gereguleerde concurrentie. Private non-profit zorgverzekeraars voeren de basisverzekering uit. De overheid stelt het basispakket vast. Acceptatieplicht voor verzekeraars.
- Budget: ~€55 mld basisverzekering (Zvw) + ~€27 mld langdurige zorg (Wlz).
- Resultaat: Nederland scoort #4 in de World Index of Healthcare Innovation 2024 (FREOPP). Hoge patiënttevredenheid, korte wachttijden vergeleken met België.
- Verschil met België: Eén centraal kader, geen gewestelijke fragmentatie. Duidelijke scheiding advies (Zorginstituut) vs. toezicht (NZa) vs. uitvoering (verzekeraars).
Duitsland: GKV-Spitzenverband
- Structuur: De GKV-Spitzenverband is de centrale koepel van ~110 non-profit Krankenkassen (ziekenfondsen). Publiekrechtelijke instelling sinds 2008.
- Taken: Onderhandelt landelijke kaderovereenkomsten, bepaalt vergoedingsregels, vertegenwoordigt fondsen tegenover de federale overheid.
- Budget: ~€300 mld (GKV-systeem, 75 miljoen verzekerden).
- Verschil met België: Verzekerden kiezen vrij hun Krankenkasse. Concurrentie tussen fondsen op service en premie (aanvullend). Het GKV-Spitzenverband is een koepel, geen operationeel beheerder. De uitvoering zit bij de individuele fondsen.
Denemarken
- Structuur: Volledig belastinggefinancierd systeem. Geen ziekenfondsen. 5 regio's beheren ziekenhuiszorg, 98 gemeenten beheren eerstelijnszorg en preventie.
- Centraal niveau: Het Deense Ministerie van Volksgezondheid en de Sundhedsstyrelsen (gezondheidsautoriteit) stellen kaders.
- Resultaat: Hoge patiënttevredenheid, lage onvervulde zorgbehoeften, sterke digitalisering (sundhed.dk als centraal patiëntportaal).
- Verschil met België: Geen tussenniveau van ziekenfondsen of een RIZIV-achtige instelling. Directe financiering via belastingen → directe democratische controle.
Zweden
- Structuur: 21 regio's financieren en organiseren gezondheidszorg. 290 gemeenten doen ouderenzorg en schoolgezondheidszorg. Geen ziekenfondsen.
- Kenmerken: Sterk gedecentraliseerd maar binnen een helder wettelijk kader. Benchmarking en kwaliteitsvergelijking tussen regio's via SALAR.
- Verschil met België: Decentralisatie gaat gepaard met transparantie en vergelijkbaarheid. België decentraliseert ook, maar zonder coördinatie of vergelijkingskader.
Zwitserland
- Structuur: Verplichte basisverzekering (LAMal/KVG, sinds 1996) via private verzekeraars. Bundesamt für Gesundheit (BAG) stelt het kader. Kantonnale verschillen in premies.
- Verschil met België: Gereguleerde concurrentie zoals Nederland, maar kantonnaal gedifferentieerd. Hogere eigen bijdragen dan België.
1D. Knelpunten en kritiek
Rekenhof-kritiek (structureel)
Het Rekenhof heeft het RIZIV herhaaldelijk bekritiseerd:
- Jaarrekeningen 2021-2022: Niet tijdig ingediend en niet correct. €39+ miljard zonder sluitende boekhouding.
- Fouten: Verkeerde toepassing boekhoudregels, foutieve aanrekening waardeverminderingen, onvolledige inventarissen, gebrekkige functiescheiding.
- Vastgoed: Bijna €20 miljoen verlies door nalatig beheer vastgoedinkomsten (€7,3 mln niet-geïnde huur, €1,3 mln niet-geïnde onroerende voorheffing).
- Internationale vorderingen: €439,7 miljoen aan openstaande internationale vorderingen (2020): het Rekenhof trekt de inbaarheid in twijfel.
- Groeiende schulden: +€204,6 miljoen stijging schulden, +€437,1 miljoen stijging vorderingen.
- Conclusie Rekenhof: De jaarrekeningen geven geen getrouw beeld van de financiële situatie.
Fraudeproblematiek
- In 2025 rekenden zorgverstrekkers €15,86 miljoen onterecht aan, waarvan €4,34 miljoen bewezen fraude in 47 gevallen (bron: VRT NWS, 17 maart 2026).
- Nieuw Actieplan Handhaving 2026-2030 goedgekeurd om fraudebestrijding te versterken.
- Verplichte e-ID-lezing vanaf 2024 in ziekenhuizen, uitbreiding naar tandartsen, apothekers en kinesitherapeuten gepland.
Fragmentatie gezondheidszorg
- 9 ministers bevoegd voor gezondheid academisch gedocumenteerd in peer-reviewed publicaties (International Journal of Health Policy and Management, 2021-2023).
- COVID-19 maakte de fragmentatie pijnlijk zichtbaar: 9 ministers moesten coördineren in crisistijd.
- Bevoegdheidsverdeling tussen federaal (curatieve zorg, geneesmiddelen) en deelstaten (preventie, ouderenzorg, eerstelijn) is onduidelijk en leidt tot gaten.
Complexiteit overlegmodel
- De RIZIV-nomenclatuur telt duizenden codes en is nauwelijks te doorgronden voor patiënten of niet-specialisten.
- Het overlegmodel (Verzekeringscomité, akkoorden- en overeenkomstencommissies) is traag en corporatistisch.
- Politieke impasse over de begroting 2025 (VRT NWS, oktober 2024): de Algemene Raad kon geen akkoord bereiken, wat de begrotingscyclus verlamde.
Fase 2: Toetsing aan de 9 Principes
| # | Principe | Oordeel | Onderbouwing |
|---|---|---|---|
| 1 | Subsidiariteit | ⚠️ | De curatieve zorg zit federaal, wat logisch is voor schaalvoordelen en uniformiteit. Maar de grens met deelstaatbevoegdheden (preventie, ouderenzorg, eerstelijn) is kunstmatig en leidt tot coördinatieproblemen. De 6de staatshervorming (2014) heeft bevoegdheden overgeheveld zonder het RIZIV-kader aan te passen. |
| 2 | Transparantie | ❌ | Het Rekenhof stelt vast dat de jaarrekeningen geen getrouw beeld geven. Een instelling die €47 mld beheert zonder sluitende boekhouding faalt fundamenteel op transparantie. De nomenclatuur is onbegrijpelijk voor burgers. |
| 3 | Verantwoordelijkheid = Financiering | ⚠️ | Het RIZIV beheert het geld, maar de financiering komt grotendeels van RSZ-bijdragen en rijkstoelagen. De fiscale verantwoordelijkheid (wie int) en de bestedingsverantwoordelijkheid (wie uitgeeft) liggen niet bij dezelfde actor. Typische fiscal gap. |
| 4 | Eenvoud | ❌ | 6 diensten, tientallen commissies, 5 verzekeringsinstellingen, overlap met FOD Volksgezondheid, overlap met deelstaatinstellingen. Plus 9 ministers voor gezondheid. Het systeem is voor geen enkele 16-jarige uit te leggen. |
| 5 | Schaalgrootte | ✅ | Met ~1.000 medewerkers en €47 mld budget heeft het RIZIV voldoende schaal. Het probleem is niet te klein, maar te complex. |
| 6 | Concurrerende bevoegdheden | ❌ | Er is geen concurrentie of innovatieruimte. Het RIZIV bepaalt centraal de nomenclatuur en tarieven voor heel België. Deelstaten hebben geen ruimte om te experimenteren met alternatieve terugbetalingsmodellen. |
| 7 | Resultaatgericht | ⚠️ | Er bestaan KPI's via de bestuursovereenkomst, maar de resultaten zijn moeilijk publiek toegankelijk. De fraudecontrole leverde in 2025 slechts €15,86 mln op bij een budget van €45+ mld (0,035%). Het Rekenhof meldt structurele tekortkomingen in interne controle. |
| 8 | Digitaal-eerst | ⚠️ | Vooruitgang: digitaal verwijsvoorschrift, e-facturatie, eHealth-integratie, Actieplan Handhaving 2026-2030 met digitalisering. Maar: once-only principe niet gerealiseerd, nomenclatuur nog niet volledig gedigitaliseerd, e-ID-lezing pas recent verplicht in ziekenhuizen. |
| 9 | Internationaal bewezen | ❌ | Het Belgische model met ziekenfondsen als tussenniveau is internationaal steeds zeldzamer. Nederland (gereguleerde concurrentie), Denemarken (belastingfinanciering), Duitsland (concurrerende Krankenkassen) en Zweden (regionale verantwoordelijkheid) presteren beter op transparantie en efficiëntie. |
Synthese: 1× ✅, 4× ⚠️, 4× ❌. De grootste winst is te boeken op transparantie (sluitende boekhouding), eenvoud (minder lagen en commissies), en internationaal bewezen modellen (verschuiving naar gereguleerde concurrentie of heldere taakverdeling).
Fase 3: HART-voorstel
3A. Classificatie
🟠 Hervormd Het RIZIV wordt fundamenteel hervormd tot een slanker, transparanter orgaan met heldere taakverdeling.
3B. Concreet voorstel
Wat verandert er:
Splitsing in drie heldere functies (naar Nederlands model):
- Belgisch Zorginstituut (nieuw): bepaalt het basispakket: welke zorg wordt terugbetaald? Op basis van wetenschappelijk bewijs en kosteneffectiviteit. Onafhankelijk adviesorgaan.
- Belgische Zorgautoriteit (nieuw): markttoezicht: controleert verzekeringsinstellingen, bewaakt toegankelijkheid, tarieven en kwaliteit. Onafhankelijke regulator.
- Uitvoering blijft bij de verzekeringsinstellingen (ziekenfondsen), maar met meer concurrentie en transparantie naar Duits model.
Einde aan het corporatistisch overlegmodel:
- De huidige 20+ commissies worden vervangen door een transparant proces van evidencebased besluitvorming.
- Zorgverstrekkers worden gehoord via consultaties, maar beslissen niet mee over hun eigen tarieven.
Vereenvoudiging nomenclatuur:
- Van duizenden codes naar een modulair systeem met bundled payments (betaling per zorgtraject i.p.v. per handeling).
- Volledige digitalisering en real-time monitoring.
Boekhoudkundige sanering:
- Verplichting tot IPSAS-conforme jaarrekeningen (International Public Sector Accounting Standards).
- Onafhankelijke externe audit (niet alleen Rekenhof).
- Publicatie jaarrekeningen binnen 6 maanden na afsluiting boekjaar.
Bevoegdheidsherverdeling:
- Curatieve zorg en geneesmiddelenbeleid blijven federaal.
- Preventie, eerstelijnszorg en ouderenzorg volledig naar deelstaten. Inclusief bijbehorend budget.
- Einde aan de 9-ministerstructuur: maximaal 2 niveaus bevoegd voor gezondheid (federaal + deelstaat).
Internationaal referentiemodel: Nederland (Zorginstituut + NZa) voor de institutionele splitsing; Duitsland (GKV-Spitzenverband) voor de koepelstructuur van verzekeraars; Denemarken voor de digitalisering.
Geschatte efficiëntiewinst:
- Administratieve besparing door vereenvoudiging: €50-100 mln/jaar (conservatieve schatting op basis van minder commissies, minder overlap, minder coördinatiekosten)
- Betere fraudedetectie door digitalisering: €100-200 mln/jaar potentieel (huidige detectie is slechts €16 mln op €45 mld)
- Betere zorgallocatie door evidencebased pakketbeheer: niet te kwantificeren maar structureel significant
Implementatiepad:
- Jaar 1-2: Boekhoudkundige sanering, IPSAS-implementatie, nomenclatuurvereenvoudiging starten
- Jaar 2-3: Wettelijk kader voor splitsing RIZIV in Zorginstituut + Zorgautoriteit
- Jaar 3-5: Operationele splitsing, overdracht bevoegdheden naar deelstaten, nieuwe governancestructuur
- Vereist: wijziging gecoördineerde wet van 14 juli 1994, bijzondere meerderheidswet voor bevoegdheidsoverdrachten
Fase 4: Partijpunt (Website-klare tekst)
Deel A: Het partijpunt
RIZIV. Hervormd Het RIZIV wordt gesplitst in een onafhankelijk Zorginstituut (dat bepaalt welke zorg wordt terugbetaald) en een Zorgautoriteit (die controleert en toezicht houdt). Einde aan de situatie waarin zorgverleners meebeslissen over hun eigen tarieven, en einde aan de boekhoudkundige chaos bij een instelling die €47 miljard per jaar beheert.
Deel B: De uitleg
Hoe het nu werkt
Het RIZIV beheert de verplichte ziekteverzekering in België: €46,8 miljard in 2026. Het bepaalt welke medische handelingen worden terugbetaald en tegen welk tarief, via een systeem van duizenden codes (de "nomenclatuur"). Het instituut telt zo'n 900 medewerkers en werkt met tientallen commissies waarin zorgverleners en ziekenfondsen samen de tarieven en terugbetalingsregels bepalen.
Wat er mis gaat
Drie grote problemen.
Ten eerste: de boekhouding klopt niet. Het Rekenhof heeft het RIZIV herhaaldelijk op de vingers getikt. De jaarrekeningen voor 2021 en 2022 waren niet tijdig ingediend en bevatten fouten. We praten over €39+ miljard aan belastinggeld zonder sluitende boekhouding. Er gaat bijna €20 miljoen verloren door nalatig vastgoedbeheer, en er staan €440 miljoen aan twijfelachtige internationale vorderingen open. Geen enkel privaat bedrijf zou hiermee wegkomen.
Ten tweede: het systeem is onnodig complex. België heeft 9 ministers bevoegd voor gezondheid. Een situatie die internationaal als uniek absurd wordt beschouwd (en academisch is gedocumenteerd). Het RIZIV zelf werkt met meer dan 20 commissies waarin zorgverleners meebeslissen over hun eigen tarieven. Dat is alsof een aannemer zelf mag bepalen hoeveel je hem betaalt. De nomenclatuur telt duizenden codes die zelfs artsen nauwelijks doorgronden, laat staan patiënten.
Ten derde: de fraudecontrole is ondermaats. In 2025 werd slechts €15,86 miljoen aan onterechte facturatie vastgesteld op een budget van €45 miljard. Dat is 0,035%. Internationaal worden fraudepercentages in de gezondheidszorg geschat op 3-10%. Als het Belgische percentage ook maar 1% zou zijn, missen we €450 miljoen per jaar.
Hoe het elders werkt
Nederland heeft in 2006 de ziekteverzekering hervormd met twee kerninstellingen. Het Zorginstituut Nederland adviseert onafhankelijk welke zorg in het basispakket hoort. Puur op basis van wetenschappelijk bewijs en kosteneffectiviteit. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) houdt toezicht op de markt: tarieven, toegankelijkheid en kwaliteit. De uitvoering gebeurt door private non-profit verzekeraars die met elkaar concurreren op service. Nederland scoort top-5 wereldwijd op de World Index of Healthcare Innovation.
Duitsland werkt met ~110 concurrerende ziekenfondsen (Krankenkassen) die burgers vrij kunnen kiezen, gecoördineerd door de GKV-Spitzenverband. Denemarken heeft helemaal geen ziekenfondsen: de zorg wordt gefinancierd uit belastingen en georganiseerd door 5 regio's, met een centraal digitaal patiëntportaal (sundhed.dk) dat elke burger toegang geeft tot zijn volledige medische dossier.
Wat HART voorstelt
We splitsen het RIZIV in twee onafhankelijke instellingen:
Een Belgisch Zorginstituut dat op wetenschappelijke basis bepaalt welke zorg wordt terugbetaald. Geen onderhandeling tussen belangengroepen, maar evidencebased besluitvorming. De nomenclatuur wordt vereenvoudigd van duizenden losse codes naar bundled payments: betaling per zorgtraject in plaats van per handeling.
Een Belgische Zorgautoriteit die toezicht houdt op verzekeringsinstellingen, tarieven controleert, fraude opspoort en kwaliteit bewaakt. Een echte waakhond met tanden, naar het model van de Nederlandse NZa.
De verzekeringsinstellingen (ziekenfondsen) blijven de uitvoering doen, maar krijgen meer ruimte om te concurreren op service en efficiëntie. De boekhoudkundige chaos stopt: verplichte IPSAS-conforme jaarrekeningen, onafhankelijke externe audit, en publicatie binnen zes maanden.
En we maken een einde aan de 9-ministerstructuur voor gezondheid. Curatieve zorg en geneesmiddelen blijven federaal. Preventie, eerstelijnszorg en ouderenzorg gaan volledig naar de deelstaten, inclusief het bijbehorende budget. Maximaal twee niveaus bevoegd, met heldere grenzen.
Wat het oplevert
Een gezondheidszorgsysteem dat de burger kan begrijpen en vertrouwen. Administratieve besparingen van €50 tot €100 miljoen per jaar door minder commissies, minder overlap en minder coördinatiekosten. Betere fraudedetectie: als we het detectiepercentage van 0,035% naar zelfs 0,5% brengen, spreken we over honderden miljoenen euro's. En bovenal: betere zorg, omdat beslissingen over terugbetaling gebaseerd worden op wetenschappelijk bewijs in plaats van op onderhandelingen tussen belangengroepen.