Waalse kabinetten: ~986 (alle Franstalige regeringen samen)
Audit Staatshervorming HART
Datum: 2026-03-30 Status: 🟠 Hervormd Lijn: Waalse Deelstaat. Regering
Fase 1: Diepteonderzoek
1A. Wat is het precies?
De Waalse ministeriële kabinetten zijn de persoonlijke beleids- en ondersteuningsteams van de ministers van de Waalse Regering. Net als in de rest van België beschikt elke Waalse minister over een kabinet dat bestaat uit stafleden (beleidsadviseurs), ondersteunend personeel (secretariaat, chauffeurs, etc.) en gedetacheerde ambtenaren.
Belangrijk: het cijfer ~986 verwijst niet alleen naar de Waalse Regering, maar naar het totaal van alle Franstalige kabinetten samen Waals Gewest (Région wallonne), Fédération Wallonie-Bruxelles (FWB), en het Franstalige aandeel in de Brusselse kabinetten. Dit is een typisch Belgisch probleem: door de institutionele lasagne hebben Franstalige politici kabinetten op meerdere bestuursniveaus tegelijk.
Juridische basis:
- Arrêté du Gouvernement wallon du 15 juillet 2024 relatif à la rétribution et à l'indemnisation des Ministres, membres du Gouvernement wallon, aux cabinets des Ministres du Gouvernement wallon, au Secrétariat du Gouvernement wallon et au SePAC (herzien bij AGW van 24 oktober 2024)
- Arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 19 juillet 2024 relatif aux cabinets des Ministres du Gouvernement de la Communauté française
Samenstelling. Waalse Regering (2024-2029, MR-Engagés):
- 8 ministers (4 MR, 4 Engagés), onder minister-president Adrien Dolimont
- Reglementaire quota's per kabinet: minister-president 68 ETP, vice-presidenten 55 ETP, gewone ministers 41 ETP
- Bij ministers met dubbelmandaat (Waals + FWB): -8 ETP korting
- Totaal Waalse kabinetten: 367 ETP (2024-2029), daling t.o.v. 397 ETP (2019-2024, Di Rupo-regering)
Samenstelling. FWB (2024-2029):
- 6 ministers onder minister-presidente Elisabeth Degryse
- Totaal FWB-kabinetten: 143 ETP (was 237,7 ETP vorige legislatuur. Daling van ~40%)
- Per minister: Degryse 49,1 ETP, Glatigny 52,8 ETP, Galant 19,6 ETP, Lescrenier 19,1 ETP, Coppieters 2,4 ETP
Totaal alle Franstalige kabinetten samen (RW + FWB):
- 2024-2029: ~570 ETP (367 Waals + 203 FWB): exclusief Brusselse kabinetten
- 2019-2024: ~657 ETP (397 Waals + 260 FWB)
- Daling: 87 ETP (-13,3%)
- Inclusief de Brusselse kabinetten (~350-380 ETP voor Brussels Gewest, waarvan het merendeel Franstalig) komt het totaal richting de ~986 die op de website staat
Budget (Waalse kabinetten alleen):
- Officieel budget 2021: €22,1 miljoen (waarvan €19 miljoen personeelskosten)
- Verborgen kost detachering: Het Rekenhof (Cour des comptes) becijferde dat 56% van het kabinettspersoneel bestaat uit "gratis" gedetacheerde ambtenaren wier loon door hun thuisadministratie wordt betaald. Die verborgen kost bedroeg €14,8 miljoen in 2021
- Werkelijke totale kost Waalse kabinetten: ~€37 miljoen per jaar (2021): waarvan €33,9 miljoen personeelskosten
- Budget alle Franstalige kabinetten samen (RW + FWB + Brussel): meer dan €67 miljoen per jaar (2021-cijfers)
Officieel budget 2024-2029 (FWB):
- Budget 2025: €14,6 miljoen (was €17,9 miljoen in 2024. Daling van 18%)
- Besparing: €3,25 miljoen
Bestuursniveau: Waals Gewest + Fédération Wallonie-Bruxelles
1B. Wat doet het in de praktijk?
Formele taken (identiek aan Vlaamse kabinetten):
- Beleidsvoorbereiding: nota's, decreetteksten en besluiten voorbereiden
- Politieke coördinatie: interkabinettenwerkgroepen (IKW's / réunions intercabinets)
- Communicatie: pers, speeches, sociale media
- Parlementair werk: antwoorden op parlementaire vragen
- Stakeholdermanagement: contacten met sectoren en middenveld
Wat er in de praktijk misgaat. En waarom het in Wallonië erger is dan in Vlaanderen:
Dubbele kabinetten door dubbele instellingen. Door het bestaan van zowel het Waals Gewest als de FWB hebben Franstalige ministers vaak een dubbelmandaat en dus kabinetsmedewerkers op twee niveaus. Dit verklaart waarom Franstalige politici ~2,4 keer zoveel kabinetsmedewerkers hebben als Vlaamse (693 vs. 283 in de vorige legislatuur, volgens het GERFA).
Parallelle beleidsstructuur. Net als in Vlaanderen vormen de kabinetten een parallelle structuur naast de administratie (SPW. Service Public de Wallonie). Maar waar Vlaanderen sinds 2006 (BBB. Beter Bestuurlijk Beleid) een professioneler bestuursmodel heeft opgebouwd, is de Waalse administratie minder hervormd. Het politiek wantrouwen t.o.v. de ambtenarij is er historisch dieper geworteld.
Detacheringscircuit als verborgen financiering. 56% van de Waalse kabinetsmedewerkers zijn gedetacheerde ambtenaren die door hun thuisadministratie worden betaald. Het Rekenhof noemt dit herhaaldelijk een probleem van budgettaire ondoorzichtigheid: de werkelijke kost van de kabinetten is bijna dubbel zo hoog als het officiële budget.
Dreaideureffect. Kabinetsmedewerkers worden na een legislatuur regelmatig geplaatst in topfuncties bij de administratie, parastatalen of overheidsbedrijven ("parachutage"). Dit ondermijnt de meritocratie en de onafhankelijkheid van de overheid.
SePAC als zwakke controle. Er bestaat een Service permanent d'aide, de gestion et de contrôle interne des cabinets ministériels (SePAC) met 19 medewerkers (13 Waals, 6 FWB), maar dit orgaan heeft beperkte slagkracht en is zelf afhankelijk van de regering die het moet controleren.
Individuele voorbeelden (vorige legislatuur 2019-2024):
- Christie Morreale (PS, Wallonië Gezondheid): 65 kabinetsmedewerkers. Voor één minister
- Rudi Vervoort (PS, Brussels minister-president): 82 kabinetsmedewerkers
- Jean-Luc Crucke (MR): 40 kabinetsmedewerkers
- Valérie De Bue (MR): 40 kabinetsmedewerkers
Ter vergelijking: een Vlaamse minister had gemiddeld ~32 medewerkers (totaal 272 voor 9 ministers).
1C. Internationale vergelijking
Nederland. Geen kabinetten: Nederland kent geen ministeriële kabinetten in Belgische zin. Ministers worden bijgestaan door:
- De ambtelijke top (secretaris-generaal, directeuren-generaal) voor beleidsvoorbereiding
- 2-3 politieke assistenten per minister (relatief recent, sinds ~2000)
- Totaal politiek personeel voor heel Nederland: ~50-60 personen
- Waar België er ~2.000+ heeft over alle niveaus
Dit werkt omdat Nederland een traditie heeft van politiek neutrale topambtenaren. De beleidsvorming is in handen van het ambtelijk apparaat, dat op basis van kennis en ervaring advies geeft zonder politiek profiel.
Frankrijk. Kabinetten bestaan, maar zijn strikter geregeld:
- Macron-decreet van 2017 (herzien in 2024): maximaal 15 kabinetsleden per minister, 11 per gedelegeerd minister
- Totaal kabinetsleden voor heel Frankrijk (1 juli 2024): 482 leden + 2.210 support-personeel
- Dit is voor een land van 67 miljoen inwoners. Waar het kleine België/Wallonië alleen al 570 ETP kabinetsmedewerkers telt voor ~4,5 miljoen Franstalige inwoners
Duitsland. Politische Beamte i.p.v. kabinetten:
- Duitsland kent geen kabinetten in de Belgische zin
- Elke minister heeft 2 Staatssekretäre (politieke benoemingen) en 1-2 Parlamentarische Staatssekretäre
- De rest van het ministerie bestaat uit carrière-ambtenaren
- Politische Beamte (topambtenaren die bij regeringswissel kunnen worden vervangen) vormen de schakel. Circa 100-150 voor heel Duitsland
Denemarken. Minimale politisering:
- Elke minister heeft 1-2 særlige rådgivere (speciale adviseurs)
- Totaal voor heel Denemarken: ~30-40 politieke adviseurs
- De rest is ambtenarij. Neutraal, professioneel, carrièregericht
Zweden. Government Offices-model:
- Het Regeringskansliet (Government Offices) is één geïntegreerde organisatie van ~4.800 medewerkers voor alle ministeries
- Slechts ~5% is politiek benoemd (staatssecretarissen, politiek adviseurs, pers)
- ~240 politieke medewerkers voor 24 ministers. Dat is ~10 per minister
- Vergelijk: een Waalse minister heeft gemiddeld 46 ETP
Samenvatting vergelijking:
| Land | Politiek personeel per minister | Totaal politiek personeel |
|---|---|---|
| België/Wallonië | ~46 ETP | ~570 (RW+FWB) |
| Vlaanderen | ~32 | ~272 |
| Frankrijk | ~15 (wettelijk max) | ~482 |
| Zweden | ~10 | ~240 |
| Nederland | ~2-3 | ~50-60 |
| Denemarken | ~1-2 | ~30-40 |
| Duitsland | ~4-6 (Staatssekretäre) | ~100-150 |
1D. Knelpunten en kritiek
Rekenhof (Cour des comptes): herhaalde kritiek:
- In het 22e en latere Cahiers d'observations aan het Waals Parlement: structurele ondoorzichtigheid van kabinettenkosten
- Detachering van ambtenaren als verborgen financieringsmechanisme: €14,8 miljoen niet-gebudgetteerde kosten (2021)
- De werkelijke kost is bijna dubbel het officiële budget
GERFA (Groupe d'étude et de réforme de la fonction administrative):
- GERFA-voorzitter Michel Legrand: "Het afschaffen van kabinetten is volledig onrealistisch, want een minister heeft een team nodig". Maar transparantie en reductie zijn essentieel
- De gepubliceerde budgetten moeten minstens 60% verhoogd worden om de werkelijke kost te reflecteren
Les Engagés (coalitiegenoot):
- Voorverkiezingsvoorstel: "Verminder het aantal ministers en schaf de kabinetten geleidelijk af, vervangen door een beperkte strategische cel met enkele directe medewerkers"
- In de praktijk (nu in de regering): reductie van 13,3%, niet de beloofde afschaffing
Academische kritiek:
- CRISP-studie (2015): "La réforme des cabinets ministériels". Structurele analyse van waarom hervormingen steeds stranden op politieke belangen
- Universiteit Antwerpen (Suetens & Walgrave, 1999): pioniersonderzoek naar "Leven en werken van de cabinettard". Kabinetten als parallelle beleidsstructuur
Mediakritiek:
- Newsmonkey: "Brusselse en Waalse regering met belachelijk veel kabinetsmedewerkers: bijna vier keer zo veel als in Vlaanderen"
- Business AM: "Franstalige ministers hebben twee keer zoveel kabinetsmedewerkers als hun Vlaamse collega's"
- La Meuse: "Le vrai coût des cabinets ministériels wallons: 50% trop chers!"
Fase 2: Toetsing aan de 9 Principes
| # | Principe | Oordeel | Onderbouwing |
|---|---|---|---|
| 1 | Subsidiariteit | ⚠️ | De kabinetten zelf zijn gewestelijk (correct niveau), maar het dubbele bestaan van Waals Gewest + FWB creëert dubbele kabinetten voor dezelfde politici. Een subsidiariteitsprobleem veroorzaakt door de institutionele structuur |
| 2 | Transparantie | ❌ | Grootste probleempunt. 56% van de kosten verborgen via detachering. Het Rekenhof klaagt dit herhaaldelijk aan. Geen publiek toegankelijke, volledige lijst van kabinetsmedewerkers met functies en verloning |
| 3 | Verantwoordelijkheid = Financiering | ❌ | Klassieke fiscal gap: kabinetten worden deels gefinancierd door andere administraties die hun ambtenaren "gratis" uitlenen. Wie beslist (minister) betaalt niet de volledige kost |
| 4 | Eenvoud | ❌ | Het systeem is onuitlegbaar complex. Drie bestuursniveaus (RW, FWB, Brussel) met elk eigen kabinetten, dubbelbenoemingen, ondoorzichtige detacheringsregels, en een SePAC als schijncontrole |
| 5 | Schaalgrootte | ⚠️ | Individuele kabinetten zijn te groot voor hun formele taak (beleidsadvies), maar te klein om de facto de hele beleidsvoorbereiding te doen die ze in de praktijk op zich nemen |
| 6 | Concurrerende bevoegdheden | ❌ | Niet van toepassing in positieve zin. Het kabinettensysteem is een Belgisch unicun dat in geen enkel ander Europees land in deze omvang bestaat. Er is geen concurrerende innovatie |
| 7 | Resultaatgericht | ❌ | Geen enkele KPI, geen output-meting, geen evaluatie. Kabinetten leggen geen publieke verantwoording af over wat ze produceren. Er is geen benchmark, geen audit van beleidsresultaten |
| 8 | Digitaal-eerst | ❌ | Kabinetten opereren grotendeels in een papieren/vergadercultuur. Geen publiek dashboard, geen digitale transparantie, geen open data over samenstelling en kosten |
| 9 | Internationaal bewezen | ❌ | Het kabinettensysteem in deze omvang is internationaal een uitzondering. Nederland, Duitsland, Denemarken, Zweden. Allemaal functioneren ze met een fractie van het politiek personeel |
Synthesescore: 0 ✅ · 2 ⚠️ · 7 ❌
Grootste winst te boeken bij:
- Transparantie volledige, publieke rapportering van alle kosten inclusief detachering
- Eenvoud fusie van bestuursniveaus elimineert dubbele kabinetten automatisch
- Resultaatgericht KPI's en publieke verantwoording invoeren
Fase 3: HART-voorstel
3A. Classificatie
🟠 Hervormd Kabinetten worden niet afgeschaft (een minister heeft een beperkt team nodig), maar fundamenteel herkalibreerd naar Zweeds/Nederlands model.
3B. Concreet voorstel
Wat verandert er:
Fusie FWB + Waals Gewest → één Waalse deelstaat = één set kabinetten. Dit alleen al halveert het aantal Franstalige kabinetsmedewerkers. In het HART-model van 4 deelstaten verdwijnt de FWB als bestuursniveau, wat het dubbele-kabinetten-probleem definitief oplost.
Wettelijk maximum van 10 medewerkers per minister naar Nederlands/Zweeds model. Symmetrisch met Vlaanderen (max 10 per minister, totaal
90). Dit brengt het totaal voor de Waalse deelstaatregering van 367 ETP naar maximaal **75 ETP** (7 ministers × ~10).Verbod op gratis detachering. Elke kabinetsmedewerker verschijnt op het kabinettenbudget, ongeacht herkomst. Geen verborgen kosten meer. De werkelijke loonkost wordt gedragen door het kabinet.
Verplichte publicatie van de volledige personeelslijst met naam, functie, herkomst (administratie/extern), en brutoloon. Naar model van de Scandinavische transparantie.
Anti-draaideurclausule. Kabinetsmedewerkers mogen na hun kabinetsfunctie gedurende 2 jaar geen leidinggevende functie opnemen in de administratie of bij overheidsbedrijven die onder hun voormalige minister vallen (cooling-off periode).
KPI's en evaluatie. Elk kabinet publiceert jaarlijks een activiteitenverslag met meetbare outputs (aantal decreten voorbereid, parlementaire vragen beantwoord, beleidsnota's geproduceerd). Het Rekenhof evalueert de kosten-baten jaarlijks.
Internationaal referentiemodel: Nederland (ABD + minimale politieke staf, ~2-3 per minister) en Zweden (Government Offices met ~10 politieke medewerkers per minister). Symmetrisch met het Vlaamse model (max 10 per minister).
Geschatte besparing:
- Reductie van ~570 ETP (RW+FWB, huidig) naar
75 ETP (één Waalse deelstaat): **495 ETP minder** - Bij een gemiddelde kost van ~€70.000-€100.000 per ETP (inclusief werkingskosten): €35-50 miljoen besparing per jaar
- Plus de verborgen detacheringskosten die wegvallen: additioneel ~€15 miljoen
- Totale besparing: €50-65 miljoen per jaar
Implementatiepad:
- Fase 1 (direct, 2026-2027): Transparantieverplichting. Publicatie volledige kosten inclusief detachering
- Fase 2 (bij 7e staatshervorming): Fusie FWB + Waals Gewest → één kabinetsstructuur, wettelijk plafond van 10 ETP/minister. Symmetrisch met Vlaanderen
- Fase 3 (binnen 2 jaar na fusie): Anti-draaideurclausule en KPI-verplichting operationeel
Fase 4: Partijpunt (website-klare tekst)
Deel A: Het partijpunt
Waalse kabinetten. Hervormd Franstalige ministers hebben samen bijna 1.000 kabinetsmedewerkers over drie bestuursniveaus. Twee keer zoveel als hun Vlaamse collega's, en tien keer zoveel als in Nederland. HART reduceert dat tot ~75 door bestuursniveaus te fuseren en een wettelijk maximum van 10 per minister in te voeren. Symmetrisch met Vlaanderen.
Deel B: De uitleg
Hoe het nu werkt
Elke Belgische minister heeft een "kabinet": een team van politiek benoemde medewerkers dat beleidsadvies geeft, decreten voorbereidt en de minister bijstaat. In Wallonië hebben de ministers van het Waals Gewest samen 367 medewerkers (ETP). Tel daar de kabinetten van de Fédération Wallonie-Bruxelles bij (203 ETP): want dat zijn grotendeels dezelfde politici met een dubbelmandaat. En je komt op 570. Met het Franstalige deel van de Brusselse kabinetten erbij overschrijdt het totaal de 900.
Het officiële budget voor de Waalse kabinetten bedroeg in 2021 zo'n €22 miljoen. Maar dat is maar de helft van het verhaal: 56% van het personeel bestaat uit ambtenaren die "gratis" worden uitgeleend door hun thuisadministratie. Het Rekenhof berekende dat die verborgen kosten €14,8 miljoen extra bedragen. De werkelijke rekening: minstens €37 miljoen per jaar, voor het Waalse niveau alleen.
Wat er mis gaat
Drie fundamentele problemen:
Ten eerste de dubbele kabinetten. Door het naast elkaar bestaan van het Waals Gewest en de Fédération Wallonie-Bruxelles hebben Franstalige ministers kabinetten op twee niveaus. Resultaat: zij hebben gemiddeld 2,4 keer meer medewerkers dan Vlaamse ministers. Eén Waalse minister (Christie Morreale, Gezondheid) had 65 kabinetsmedewerkers. Meer dan het totale politieke personeel van sommige Scandinavische landen.
Ten tweede de budgettaire ondoorzichtigheid. Het Rekenhof waarschuwt al jaren: de gepubliceerde budgetten tonen maar de helft van de werkelijke kosten. Gedetacheerde ambtenaren worden betaald door hun oorspronkelijke dienst, maar werken voor de minister. Dat geld verdwijnt uit beeld. Geen enkele burger kan nagaan wat zijn kabinetten werkelijk kosten.
Ten derde de parallelle staat. Kabinetten nemen werk over dat de administratie (SPW) zou moeten doen. Beleidsvoorbereiding, decreetredactie, onderhandelingen. Dit demotiveert ambtenaren, creëert dubbel werk en zorgt ervoor dat beleidskennis bij elk regeerwissel verloren gaat. De beste ambtenaren worden weggezogen naar kabinetten, en na de legislatuur teruggeplaatst in topfuncties ("parachutage").
Hoe het elders werkt
Nederland is het meest radicale tegenvoorbeeld. Daar bestaan geen ministeriële kabinetten. Ministers werken met de ambtelijke top en hebben 2-3 politieke assistenten. Het totale politieke personeel voor heel Nederland: 50-60 personen, voor een land van 18 miljoen inwoners. In Zweden heeft elke minister een tiental politieke medewerkers, binnen een geïntegreerde overheidsdienst (het Regeringskansliet). Frankrijk, dat wél kabinetten kent, heeft ze wettelijk begrensd op 15 per minister. Een limiet die België niet kent. Denemarken telt zo'n 30-40 politieke adviseurs voor het hele land.
In al deze landen functioneert de overheid beter dan in België. Niet ondanks het ontbreken van grote kabinetten, maar juist dankzij het vertrouwen in professionele ambtenaren.
Wat HART voorstelt
Stap 1: Eén bestuursniveau. Door het Waals Gewest en de FWB te fuseren naar één Waalse deelstaat, verdwijnen de dubbele kabinetten automatisch. Eén regering = één set kabinetten.
Stap 2: Wettelijk maximum van 10 medewerkers per minister, naar Nederlands/Zweeds model. Symmetrisch met Vlaanderen. Dit brengt het totaal van de Waalse deelstaatkabinetten naar maximaal ~75 ETP. Een daling van 87%.
Stap 3: Volledige transparantie. Elke kabinetsmedewerker. Inclusief gedetacheerde ambtenaren. Verschijnt op het kabinettenbudget met naam, functie en loonkost. Geen verborgen financiering meer.
Stap 4: Anti-draaideur. Na een kabinetsfunctie geldt een cooling-off van 2 jaar voor leidinggevende functies bij de overheid. Gedaan met de systematische politieke benoemingen via kabinetten.
Wat het oplevert
De directe besparing bedraagt €50-65 miljoen per jaar, door de reductie van het aantal kabinetsmedewerkers en het wegvallen van de verborgen detacheringskosten. Maar de werkelijke winst is groter: een professionelere, autonomere en meer gemotiveerde ambtenarij die niet voortdurend wordt ondermijnd door parallelle politieke structuren. Een overheid waar het institutioneel geheugen bewaard blijft, waar topbenoemingen op merite gebeuren, en waar de burger kan zien wat zijn kabinetten kosten.