Franstalig onderwijs (Waals grondgebied): Audit
Datum: 2026-03-30 Categorie: Wallonië: overgeheveld van de FWB + nieuw Status: 🔵 Overgeheveld: van de Fédération Wallonie-Bruxelles naar het Franstalige concordaat (de vijf Waalse deelstaten en Brussel) HART-classificatie: Overgeheveld
Fase 1: Diepteonderzoek
1A. Wat is het precies?
Het Franstalig onderwijs op Waals grondgebied is het volledige onderwijssysteem, van kleuteronderwijs tot en met hoger secundair, dat georganiseerd wordt door de Fédération Wallonie-Bruxelles (FWB), ook bekend als de Franse Gemeenschap van België. Dit gemeenschapsniveau is bevoegd voor onderwijs op basis van artikel 127 van de Grondwet en de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen.
Kerncijfers:
- 883.528 leerlingen in het kleuter-, lager en secundair onderwijs over de hele FWB (Wallonië + Brussel samen, 15 januari 2024)
- Daarvan zitten er ongeveer 679.000 in een school op Waals grondgebied (ruim drie kwart van het FWB-totaal)
- 2.720 scholen in het leerplichtonderwijs van de hele FWB (schooljaar 2023-2024), waarvan het merendeel in Wallonië
- Ongeveer 130.000 personeelsleden in het hele Franstalig onderwijs zonder de universiteiten (schooljaar 2024-2025), van wie ongeveer 89.000 leerkrachten actief in de scholen
- Budget: onderwijs kost de FWB ongeveer €10,7 miljard (2024), 73,4% van al haar uitgaven (€14,6 miljard); het leerplichtonderwijs alleen al is goed voor bijna €9 miljard (begroting 2025)
- Salarissen: de rechtstreeks betaalde lonen van het onderwijspersoneel bedragen ongeveer €7,6 miljard, ofwel 72% van de onderwijsuitgaven zonder universiteiten (2024)
Bestuursniveau: De FWB is een gemeenschap, geen gewest. Dit is de kern van het probleem: het Franstalig onderwijs in Wallonië wordt bestuurd door een bestuursniveau (de FWB) dat ook Brussel bedient, geen eigen belastinginkomsten heeft, en vrijwel volledig gefinancierd wordt via dotaties.
Wie stuurt aan? De minister van Onderwijs van de FWB. De administratie wordt verzorgd door het Ministerie van de FWB en door Wallonie-Bruxelles Enseignement (WBE), een autonoom publiek orgaan opgericht bij bijzonder decreet in 2019. WBE is de inrichtende macht van het onderwijs dat de FWB zelf organiseert: ongeveer 500 instellingen, waarvan ongeveer 330 scholen in het leerplichtonderwijs (de rest zijn onder meer internaten, PMS-centra, hogescholen en centra voor volwassenenonderwijs).
1B. Wat doet het in de praktijk?
Onderwijsnetten (réseaux): Het Franstalig onderwijs kent vier netten:
- Officieel georganiseerd (WBE): 332 scholen (2023-2024), rechtstreeks door de FWB
- Officieel gesubsidieerd: 1.152 scholen georganiseerd door gemeenten en provincies (2023-2024)
- Vrij gesubsidieerd confessioneel: overwegend katholiek; samen met het niet-confessionele vrije onderwijs telt het vrij onderwijs 1.236 scholen en de helft van de leerlingen in het gewoon onderwijs (2023-2024)
- Vrij gesubsidieerd niet-confessioneel: kleinere groep (onder meer methodescholen)
Elke school hangt af van een "pouvoir organisateur" (inrichtende macht) binnen een net, maar de FWB bepaalt het regelgevend kader, financiert alle netten, en betaalt de lerarensalarissen.
Overlap en complexiteit:
- De FWB bestuurt onderwijs voor zowel Wallonië als Brussel, twee gebieden met fundamenteel verschillende noden
- Brussel is meertalig, internationaal, en groeiend; Wallonië is meer homogeen Franstalig
- Het onderwijsbeleid kan niet gedifferentieerd worden per regio. Dezelfde regels gelden voor een dorpsschool in de Ardennen en een grootstedelijke school in Charleroi of Brussel
Kerntaken vs. realiteit:
- De FWB moet kwaliteitsvol onderwijs garanderen, maar kampt met een structureel begrotingstekort (ongeveer €15,4 miljard uitgaven zonder schuldaflossingen tegenover €13,6 miljard ontvangsten; ESR-tekort €1,6 miljard, begroting 2026)
- De FWB heeft geen eigen fiscaliteit. Ze is vrijwel volledig afhankelijk van dotaties
- Dit leidt tot terugkerende besparingen die het onderwijs rechtstreeks raken
Prestatie-indicatoren (PISA):
| Domein | FWB 2022 | FWB 2025 | OESO-gemiddelde 2025 | Vlaanderen 2025 |
|---|---|---|---|---|
| Wiskunde | 474 | 467 | 463 | 489 |
| Lezen | 474 | 466 | 461 | 467 |
| Wetenschappen | 479 | 482 | 482 | 496 |
- De FWB scoort rond het OESO-gemiddelde, maar in PISA 2025 22 punten lager dan Vlaanderen in wiskunde en 14 punten lager in wetenschappen; voor lezen ligt ze op hetzelfde niveau
- Daling van 21 punten in wiskunde tussen 2018 en 2022, een ongeziene achteruitgang, en nog eens 7 punten tot 2025
- De sociale afkomst weegt sterker door op de resultaten dan gemiddeld in de OESO (PISA 2025). De FWB hoorde lang bij de onderwijssystemen waar die ongelijkheid het grootst was (PISA 2022); de sociale kloof is sinds 2006 met een kwart verkleind, maar blijft groter dan het internationale gemiddelde
Lerarentekort: dramatische cijfers
- In 2024 had slechts 53% van de nieuw aangeworven leerkrachten het vereiste diploma (was 71% in 2016), volgens cijfers van de FWB-administratie
- 25% van de nieuwe leerkrachten (10% in 2016) heeft geen enkele specifieke vakbekwaamheid of pedagogische kwalificatie; ze zijn "niet-gelisteerd"
- Het aandeel "titres de pénurie" (noodoplossingen) steeg van 8% naar 11%
- Volgens de OESO is 12,7% van alle leraren in het Franstalig onderwijs niet volledig gekwalificeerd (Education at a Glance 2025)
- De instroom in de lerarenopleiding daalt: in 2024-2025 schreven zich nog 3.562 nieuwe studenten in, 18% minder dan een jaar eerder (4.340) en 43% minder dan tien jaar eerder (ARES)
Het Pacte pour un Enseignement d'excellence:
- Gestart in 2017, met een stapsgewijze invoering over meer dan tien jaar
- Belangrijkste maatregel: de "tronc commun" (gemeenschappelijke stam) van de eerste kleuterklas tot het derde jaar secundair (15 jaar), sinds het schooljaar 2026-2027 ook in het eerste jaar secundair
- Sinds het schooljaar 2026-2027: leerkrachten hoger secundair geven 22 in plaats van 20 lestijden per week
- Sinds het schooljaar 2026-2027: diagnostische CLÉ-test (Calculer, Lire, Écrire) voor alle leerlingen van het 4e leerjaar
- Maar: het Pacte wordt uitgerold te midden van zware besparingen (€110 miljoen over alle FWB-uitgaven in de begroting 2025, daarna €86,7 miljoen in het onderwijs vanaf 2026), wat de geloofwaardigheid ondermijnt
1C. Internationale vergelijking
Nederland: nationale kaders, autonome schoolbesturen:
- Onderwijs is in Nederland een nationale bevoegdheid (Ministerie van OCW), maar met een sterk gedecentraliseerd bestuur door schoolbesturen
- 86% van de beslissingen in het openbaar lager secundair onderwijs wordt op schoolniveau genomen (OESO-gemiddelde: 41%; OESO, 2011)
- Gemeenten zijn het bevoegd gezag van openbare scholen; schoolbesturen (zowel openbaar als bijzonder) zijn autonoom
- Grondwettelijke vrijheid van onderwijs (art. 23): vergelijkbaar met België, maar zonder de complexiteit van gemeenschapsniveaus
- Resultaat: veel autonomie op schoolniveau en weinig tussenlagen
Duitsland: onderwijs als Länder-bevoegdheid (Kulturhoheit):
- Onderwijs is in Duitsland in hoofdzaak een bevoegdheid van de 16 deelstaten (Länder)
- De Kultusministerkonferenz (KMK) coördineert; besluiten over eenvormigheid en mobiliteit en besluiten die de begrotingen van de Länder raken vragen eenparigheid, andere besluiten een meerderheid van 13 op 16. Er is geen federale schoolwetgeving
- Elke deelstaat heeft een eigen onderwijsminister, eigen leerplannen, eigen eindtermen
- Sinds 1 juli 2024 werken onder de KMK aparte conferenties voor onderwijs, wetenschap en cultuur
- Resultaat: concurrerende bevoegdheden; deelstaten innoveren en leren van elkaar
Denemarken: gemeenten als onderwijsverantwoordelijke:
- 98 gemeenten (na de fusie van 271 gemeenten in 2007) zijn verantwoordelijk voor het basisonderwijs (folkeskole)
- Het nationale ministerie stelt doelen en kaders; gemeenten voeren uit
- 61% van alle publieke uitgaven gebeurt op subnationaal niveau (gemeenten en regio's samen, 2020)
- Resultaat: directe democratische controle, snelle aanpassing aan lokale noden
Conclusie internationaal: Nergens in Europa wordt onderwijs bestuurd door een tussenniveau dat tegelijk twee regio's bedient (Wallonië + Brussel), geen eigen fiscaliteit heeft, en indirect gefinancierd wordt. Het FWB-model is een Belgisch unicum, en niet in positieve zin.
1D. Knelpunten en kritiek
Structureel begrotingstekort: De FWB geeft ongeveer €1,6 miljard meer uit dan ze ontvangt (ESR-tekort, begroting 2026). Ook het onderwijs ontsnapt niet aan de besparingen: €86,7 miljoen vanaf 2026.
Geen fiscale verantwoordelijkheid: De FWB heft geen belastingen. Ze is afhankelijk van de bijzondere financieringswet. Wie beslist (FWB) is niet wie betaalt (federaal/gewestelijk): een flagrante schending van het principe verantwoordelijkheid=financiering.
Eén beleid voor twee werelden: Brussel en Wallonië hebben radicaal verschillende onderwijsnoden. Een dorpsschool in Vielsalm en een grootstedelijke school in Molenbeek worden door dezelfde regels bestuurd.
Lerarentekort als symptoom: Het feit dat een kwart van de nieuwe leerkrachten geen specifieke kwalificatie heeft (2024), is geen toevallig probleem maar het structurele gevolg van een ondergefinancierd systeem met dalende aantrekkelijkheid.
Nettencomplexiteit: Vier onderwijsnetten met elk eigen structuren, inrichtende machten, en koepels creëren overhead en verhinderen schaalvoordelen.
Democratisch tekort: Het FWB-parlement wordt niet rechtstreeks verkozen. Het bestaat uit de leden van het Waals Parlement en 19 leden van de Franse taalgroep van het Brussels Parlement (94 zetels). Geen enkele burger stemt specifiek voor een FWB-volksvertegenwoordiger.
Sociale ongelijkheid: De FWB hoorde lang bij de meest ongelijke onderwijssystemen van Europa. De kloof is kleiner geworden, maar de sociale afkomst weegt nog altijd sterker door dan gemiddeld in de OESO (PISA 2025). De vrije schoolkeuze, met slechts een beperkte regulering van de inschrijvingen in het eerste jaar secundair, leidt tot sterke sociale segregatie.
Fase 2: Toetsing aan de 9 Principes
| # | Principe | Oordeel | Onderbouwing |
|---|---|---|---|
| 1 | Subsidiariteit | ❌ | Onderwijs op Waals grondgebied wordt bestuurd door een gemeenschapsniveau dat ook Brussel bedient. Beslissingen worden ver van de burger genomen. Een school in Namen heeft niets te zeggen over beleid dat in Brussel wordt gemaakt voor zowel Wallonië als Brussel. |
| 2 | Transparantie | ❌ | De burger kan nauwelijks volgen wie beslist. FWB-parlement is niet direct verkozen, financiering komt via federale dotaties, en de verwevenheid tussen WBE, de netten, en de koepels is onoverzichtelijk. |
| 3 | Verantwoordelijkheid = Financiering | ❌ | Maximale schending. De FWB beslist over ongeveer €10,7 miljard onderwijsuitgaven (2024) maar heft zelf geen euro belasting. De fiscal gap is vrijwel 100%. Alles komt van elders. |
| 4 | Eenvoud | ❌ | Vier onderwijsnetten, honderden inrichtende machten, een gemeenschapsniveau dat twee regio's bedient, een apart autonoom orgaan (WBE), plus gemeentelijke en provinciale scholen. Niemand snapt dit systeem. |
| 5 | Schaalgrootte | ⚠️ | De FWB is qua schaal groot genoeg voor professioneel onderwijs (bijna 885.000 leerlingen), maar het probleem is dat de schaal niet overeenkomt met het territorium. Het bedient twee regio's met verschillende noden. |
| 6 | Concurrerende bevoegdheden | ❌ | Er is geen ruimte voor regionale innovatie. Het Waals gewest kan niet experimenteren met eigen onderwijsbeleid. Alles moet via de FWB, die ook rekening moet houden met Brussel. |
| 7 | Resultaatgericht | ⚠️ | Het Pacte d'excellence introduceert eindelijk KPI's en diagnostische toetsen (de CLÉ-test in het 4e leerjaar), maar de implementatie is traag, wordt ondermijnd door besparingen, en een kwart van de nieuwe leerkrachten heeft geen specifieke kwalificatie. |
| 8 | Digitaal-eerst | ⚠️ | Er is vooruitgang via het Pacte (digitale leerplannen), maar het structurele geldgebrek van de FWB remt investeringen in digitale infrastructuur. |
| 9 | Internationaal bewezen | ❌ | Het FWB-model is nergens ter wereld een referentie. Vergelijkbare landen organiseren onderwijs op deelstaatniveau (Duitsland, Zwitserland) of nationaal met sterke lokale autonomie (Nederland, Denemarken). |
Synthese: 6× ❌, 3× ⚠️, 0× ✅. Het Franstalig onderwijs op Waals grondgebied faalt op bijna alle principes. De drie grootste winstpunten:
- Verantwoordelijkheid = Financiering: de fiscal gap van vrijwel 100% is de kern van alles
- Subsidiariteit: onderwijs hoort bij de deelstaten die het grondgebied besturen en het betalen, samen in één concordaat per taal
- Concurrerende bevoegdheden: het Franstalige concordaat moet een eigen onderwijsbeleid kunnen voeren en zich kunnen meten met het Nederlandstalige en met Ostbelgien
Fase 3: HART-voorstel
3A. Classificatie
🔵 Overgeheveld van de Fédération Wallonie-Bruxelles naar het Franstalige concordaat van de vijf Waalse deelstaten en Brussel
3B. Concreet voorstel
Wat verandert er:
In het HART-model van twaalf deelstaten wordt de FWB als bestuursniveau afgeschaft. Het Franstalig onderwijs op Waals grondgebied wordt een bevoegdheid van het Franstalige concordaat: de vijf Waalse deelstaten (Henegouwen, Luik, Namen, Waals-Brabant en Luxemburg) en Brussel voor zijn Franstalige instellingen regelen het samen, in een bindend concordaat (art. 31 HART-grondwet).
Concreet:
De vijf Waalse deelstaten worden, samen met Brussel, bevoegd voor het volledige Franstalige onderwijs, van kleuteronderwijs tot en met hoger secundair, inclusief het buitengewoon onderwijs en het volwassenenonderwijs. Elke deelstaat treedt toe bij deelstaatwet. Een gemeenschapsraad met een lid van elke deelstaatregering, voor onderwijs de onderwijsminister, beslist met een meerderheid van de gewogen stemmen en van de leden, en vergadert openbaar. Het stemgewicht volgt het aantal leerlingen dat elke deelstaat financiert.
WBE (Wallonie-Bruxelles Enseignement) wordt niet gesplitst: zijn instellingen gaan op in het ene publieke onderwijssysteem van het concordaat (punt 4). De Administration générale de l'Enseignement (AGE) wordt de ene administratie van het concordaat: ze beheert het lerarenstatuut, de eindtermen, de inspectie en de financiering per leerling.
Financiering per leerling: één uniforme formule per leerling en per onderwijsniveau. Elke Waalse deelstaat betaalt voor zijn leerlingen uit eigen belastingopbrengsten (art. 53 HART-grondwet); een verevening met een publieke formule vervangt de bijzondere financieringswet (art. 55). De lasten van de lerarenpensioenen gaan naar een gemeenschappelijk fonds van het concordaat. Wie beslist, betaalt.
De vier onderwijsnetten gaan op in één publiek onderwijssysteem per taalgroep, in het Franstalige concordaat (art. 16 HART-grondwet): één kader, één inspectie, één inschrijvingssysteem en één salarisschaal. Alle scholen worden autonome instellingen onder dat ene kader; vrije schoolkeuze en het levensbeschouwelijk karakter van een school blijven behouden. Schoolgebouwen van het katholiek net worden via erfpacht of concessie ingebracht, niet onteigend.
Autonomie voor scholen wordt versterkt naar Nederlands/Deens model: het concordaat stelt de kaders en eindtermen, schoolbesturen voeren uit.
Inhoudelijke hervormingen, naar het spiegelbeeld van Vlaanderen:
- Zittenblijven afschaffen: van 35% zittenblijvers bij de 15-jarigen (PISA 2025) naar automatische doorstroming via een drielaags ondersteuningssysteem (Fins model); tussendoel: halvering binnen tien jaar
- Lerarentekort aanpakken: het aandeel nieuwe leerkrachten zonder specifieke kwalificatie (een kwart in 2024) terugdringen via zij-instroom en salarispariteit
- Individueel curriculum: drie niveaus per kernvak (basis, standaard, gevorderd), gemeenschappelijke stam tot 15 jaar, geen gescheiden stromen (de Franstalige tegenhangers van ASO/TSO/BSO/KSO afgeschaft). Differentiatie binnen vakken, niet tussen leerlingen.
- Centrale kwaliteitstoetsen op leerwinst-architectuur: meetmomenten op 12, 15 en 18 jaar, pretest-posttest-logica. Publiek op schoolniveau (SES-gecorrigeerde leerwinst), intern op klas- en leerkrachtniveau voor pedagogische reflectie, niet voor rangschikking of sanctie.
- Diploma-erkenning tussen de concordaten en Ostbelgien via een vrijwillig concordaat (art. 32 HART-grondwet, Zwitsers HarmoS-model)
Internationaal referentiemodel: Combinatie van het Zwitserse concordaatsmodel (de kantons harmoniseren de kern van hun onderwijs in het HarmoS-concordaat) met het Nederlandse model (hoge schoolautonomie) en het Deense model (sterke gemeentelijke rol in basisonderwijs).
Geschatte efficiëntiewinst:
- Afschaffing FWB-overhead voor Waals onderwijs: besparing op dubbele administratie (becijferd in de audit van de FWB als bestuursniveau, niet hier)
- Van vier netten naar één publiek systeem: minder koepels, minder overhead
- Betere afstemming op regionale arbeidsmarkt (de Waalse deelstaten dragen het onderwijs en voeren ook het arbeidsmarktbeleid: hun onderwijsminister zit in de gemeenschapsraad en hun regering activeert en bemiddelt, iets wat de FWB niet kan)
- Fiscale verantwoordelijkheid dwingt tot efficiëntie: als de Waalse deelstaten zelf betalen, wordt er beter gewikt en gewogen
Implementatiepad:
- Fase 1 (jaar 1-2): Het Franstalige concordaat op grond van art. 31 HART-grondwet: elke Waalse deelstaat en Brussel treden toe bij deelstaatwet. De AGE wordt de administratie van het concordaat.
- Fase 2 (jaar 3-4): Overheveling van personeel, budgetten en regelgeving. Overgangsperiode waarin bestaande leerplannen gerespecteerd worden.
- Fase 3 (jaar 4-6): Het concordaat neemt volledig over. Samenvoeging van de netten tot één publiek systeem, op grond van art. 16 HART-grondwet (het concordaat bepaalt welke scholen publiek gefinancierd worden). Eigen eindtermen en leerplannen van het Franstalige concordaat.
Fase 4: Partijpunt (Website-klare tekst)
Deel A: Het partijpunt
Franstalig onderwijs (Waals grondgebied): Overgeheveld naar het Franstalige concordaat
Het Franstalig onderwijs in Wallonië komt in handen van de vijf Waalse deelstaten, die het samen met Brussel regelen in het Franstalige concordaat en er per leerling voor betalen. De Fédération Wallonie-Bruxelles, een bestuursniveau dat niemand begrijpt en dat geen eigen belastingen heft, wordt afgeschaft. Wie het onderwijs betaalt, beslist er ook over, en stemt het af op de Waalse arbeidsmarkt, de Waalse bevolking en de Waalse noden.
Deel B: De uitleg
Hoe het werkt
Het Franstalig onderwijs in Wallonië wordt niet bestuurd door Wallonië, maar door de Fédération Wallonie-Bruxelles (FWB): een apart bestuursniveau dat tegelijk ook Brussel bedient. De FWB is bevoegd voor bijna 885.000 leerlingen (2023-2024), ongeveer 130.000 personeelsleden en ongeveer €10,7 miljard aan onderwijsuitgaven (2024). Dat onderwijs is verdeeld over vier netten met honderden inrichtende machten. De FWB heeft geen eigen belastingen. Ze leeft vrijwel volledig van dotaties.
Wat er mis gaat
Het systeem faalt op bijna elk meetbaar criterium.
Ten eerste: de resultaten. In PISA 2025 scoorde de FWB 467 punten voor wiskunde: na een daling van 21 punten tussen 2018 en 2022 nog eens 7 punten lager, en 22 punten onder Vlaanderen. En je achtergrond bepaalt je schoolresultaten nog altijd sterker dan gemiddeld in de OESO (PISA 2025), ook al is die kloof kleiner geworden.
Ten tweede: het lerarentekort. In 2024 had slechts 53% van de nieuw aangeworven leerkrachten het vereiste diploma. Een kwart, 25%, had helemaal geen relevante kwalificatie; in 2016 was dat nog 10%. Het beroep is zo onaantrekkelijk geworden dat scholen steeds vaker mensen voor de klas zetten die geen opleiding hebben voor het vak dat ze geven.
Ten derde: het geld. De FWB geeft structureel meer uit dan ze ontvangt (ongeveer €15,4 miljard uitgaven tegenover €13,6 miljard ontvangsten, begroting 2026). Dat leidt tot terugkerende besparingen: €110 miljoen over alle FWB-uitgaven in 2025, daarna nog eens €86,7 miljoen in het onderwijs vanaf 2026. Terwijl tegelijk een ambitieus hervormingsplan (het Pacte d'excellence) wordt uitgerold dat investeringen vraagt.
De kern van het probleem is structureel: de FWB is een bestuursniveau zonder eigen inkomsten, zonder directe democratische legitimiteit (het parlement is niet rechtstreeks verkozen), en met de onmogelijke opdracht om één beleid te maken voor twee totaal verschillende regio's.
Hoe het elders werkt
In Duitsland is onderwijs een bevoegdheid van de 16 deelstaten (Länder). Elke deelstaat heeft een eigen onderwijsminister, eigen leerplannen en een eigen budget, betaald uit de eigen Länderbegroting. De Kultusministerkonferenz (KMK) coördineert tussen de deelstaten. Dit model garandeert dat wie beslist over onderwijs, er ook voor betaalt, en dat elke regio een beleid kan voeren dat past bij haar specifieke situatie.
In Nederland wordt 86% van de beslissingen in het openbaar lager secundair onderwijs op schoolniveau genomen, een van de hoogste percentages in de OESO (gemiddelde: 41%; 2011). Het ministerie stelt nationale kaders, maar schoolbesturen zijn autonoom. Het onderscheid is simpel: openbare scholen (van de gemeente) en bijzondere scholen (privaat, vaak religieus). Geen vier netten, geen honderden "pouvoirs organisateurs", geen tussenniveau dat alles compliceert.
In Denemarken zijn de 98 gemeenten verantwoordelijk voor het basisonderwijs. Na een grote fusieronde in 2007 (van 271 naar 98 gemeenten) kreeg elke gemeente voldoende schaalgrootte om professioneel onderwijs te organiseren. Het nationale ministerie bewaakt de kwaliteit; de gemeenten voeren uit.
Wat HART voorstelt
HART wil het Franstalig onderwijs op Waals grondgebied overhevelen van de FWB naar het Franstalige concordaat van de vijf Waalse deelstaten en Brussel. Concreet:
De Waalse deelstaten worden, samen met Brussel, volledig bevoegd voor het Franstalige onderwijs, van de kleuterklas tot het einde van het secundair. Een gemeenschapsraad van hun onderwijsministers beslist, openbaar en met een meerderheid van de gewogen stemmen én van de leden. Eén administratie, de Administration générale de l'Enseignement, beheert het lerarenstatuut, de eindtermen en de inspectie. Het orgaan WBE (Wallonie-Bruxelles Enseignement) gaat op in het ene publieke systeem.
De vier onderwijsnetten gaan op in één publiek onderwijssysteem voor het Franstalige onderwijs (art. 16 HART-grondwet), met één kader, één inspectie, één inschrijvingssysteem en één salarisschaal. Elke school wordt een autonome instelling binnen dat kader; vrije schoolkeuze en het levensbeschouwelijk karakter van een school blijven. Dit maakt het systeem overzichtelijk en bespaart op overhead.
De financiering gaat per leerling: elke Waalse deelstaat betaalt voor zijn eigen leerlingen uit eigen middelen, volgens één formule voor het hele concordaat, en de lasten van de lerarenpensioenen gaan naar een gemeenschappelijk fonds van het concordaat. Geen dotaties meer die via drie bestuursniveaus moeten passeren voordat ze in een klaslokaal belanden. Wie beslist, betaalt. En wie betaalt, let beter op hoe het geld wordt besteed.
Scholen krijgen meer autonomie naar Nederlands model. Het concordaat stelt de kaders en eindtermen, schoolbesturen voeren uit. Zo kan elke school inspelen op lokale noden. Of dat nu een technische school in Charleroi is die samenwerkt met de lokale industrie, of een dorpsschool in de Ardennen die worstelt met dalende leerlingenaantallen.
Maar structuurhervorming alleen volstaat niet. HART werkt met vijf pijlers, naar het spiegelbeeld van Vlaanderen:
- Structureel: één Franstalig concordaat, vier netten naar één publiek onderwijssysteem, financiering per leerling.
- Zittenblijven afschaffen: een op drie 15-jarigen (35%, PISA 2025) is al minstens één keer blijven zitten. HART vervangt zittenblijven door automatische doorstroming met een drielaags ondersteuningssysteem naar Fins model: versterkte remediëring en gespecialiseerde begeleiding. Tussendoel: halvering binnen tien jaar.
- Lerarentekort aanpakken: het aandeel nieuwe leerkrachten zonder specifieke kwalificatie (een kwart in 2024) terugdringen via versnelde zij-instroom, salarispariteit met Vlaanderen en rurale premies.
- Individueel curriculum: drie niveaus per kernvak (basis, standaard, gevorderd), gemeenschappelijke stam tot 15 jaar, afschaffing van de gescheiden stromen. Differentiatie gebeurt binnen vakken, niet tussen leerlingen. De lat voor het gevorderde niveau ligt hoger dan de bestaande bovenbouw, niet lager.
- Kwaliteitsgarantie: verplichte centrale toetsen op 12, 15 en 18 jaar, gebouwd op een leerwinst-architectuur (pretest-posttest met SES-correctie). Publicatie gebeurt op schoolniveau op basis van leerwinst, niet op ruwe scores. Op klas- en leerkrachtniveau blijven de data intern voor pedagogische reflectie en coaching, niet voor rangschikking of sanctie. Verbetertrajecten voor structureel onderpresterende scholen. Diploma-erkenning tussen de concordaten en Ostbelgien via een vrijwillig concordaat (art. 32 HART-grondwet), naar Zwitsers HarmoS-model.
Wat het oplevert
Fiscale verantwoordelijkheid: voor het eerst betaalt wie beslist. Dit dwingt tot efficiëntie en maakt de kosten zichtbaar voor de burger.
Beleid op maat: de Waalse deelstaten kunnen het onderwijs afstemmen op de Waalse arbeidsmarkt. Zolang onderwijs een FWB-bevoegdheid is en arbeidsmarkt een gewestbevoegdheid, kan dat niet. Na overheveling zit de onderwijsminister van elke deelstaat in de gemeenschapsraad, terwijl zijn regering ook activeert en bemiddelt: onderwijs en arbeidsmarkt komen in dezelfde handen.
Minder overhead: één publiek onderwijssysteem in plaats van vier netten, één administratie van het concordaat in plaats van een apart gemeenschapsniveau plus koepels plus netten. De besparing op de bestuurslaag zelf zit in de afschaffing van de FWB als bestuursniveau; wat de vereenvoudiging binnen het onderwijs vrijmaakt, gaat terug naar de klas.
Democratische legitimiteit: het FWB-parlement wordt niet rechtstreeks verkozen. Na de overheveling beslissen ministers die de rechtstreeks verkozen deelstaatparlementen kiezen, in openbare vergaderingen, en elk deelstaatparlement keurt de toetreding tot het concordaat goed bij deelstaatwet. De Franstalige controleraad toetst elk concordaatsbesluit vooraf.
Concurrentie tussen de onderwijssystemen: in het HART-model kunnen het Franstalige concordaat, het Nederlandstalige en Ostbelgien elk experimenteren met onderwijsvernieuwing, net zoals Duitse Länder dat doen, en een publieke scorekaart per deelstaat maakt de resultaten vergelijkbaar. Als het Nederlandstalige onderwijs iets probeert dat werkt, kan het Franstalige het overnemen, en omgekeerd. In de gemeenschapsstructuur ontbreekt die vergelijking per deelstaat.
Fase 5: Bronnenlijst
| # | Bron | URL | Gebruikt voor |
|---|---|---|---|
| 1 | FWB, Les Indicateurs de l'enseignement 2025 | https://www.enseignement.be/fileadmin/portail_age/uploads/Systeme_educatif/Chiffres-cles/Indicateurs/indicateurs-enseignement_2025.pdf | 883.528 leerlingen en verdeling Wallonië/Brussel (2023-2024), 2.720 scholen en scholen per net, leerlingen per net, onderwijsuitgaven €10,7 mld en 73,4% (2024), lonen 72%, personeel |
| 2 | Gouvernement FWB. Budget 2025 | https://gouvernement.cfwb.be/home/presse--actualites/communiques-de-presse/presses/un-budget-2025-responsable-et-prudent.html | €110 mln besparingen over alle FWB-uitgaven in de begroting 2025 |
| 3 | RTBF. Budget FWB besparingen 2026 | https://www.rtbf.be/article/budget-de-la-federation-wallonie-bruxelles-ou-les-economies-seront-elles-faites-11614016 | Besparingen: €86,7 mln in het onderwijs vanaf 2026, 22 in plaats van 20 lestijden |
| 4 | La Libre. Budget 2025 enseignement | https://www.lalibre.be/belgique/2024/11/26/qualifiant-reseaux-emploi-batiments-que-prevoit-vraiment-le-budget-2025-de-la-federation-wallonie-bruxelles-en-matiere-denseignement-YC4VFMIGHVHO3EHHVUSDRRQW3I/ | Leerplichtonderwijs bijna €9 mld op een totaal van bijna €16 mld (begroting 2025) |
| 5 | Rekenhof. Begroting 2026 van de Franse Gemeenschap | https://www.ccrek.be/sites/default/files/Docs/2025_46_BudgetCF_2016I.pdf | Uitgaven ongeveer €15,4 mld zonder schuldaflossingen, ontvangsten €13,6 mld, ESR-tekort €1,6 mld (2026) |
| 6 | ULiège. PISA 2022 FWB-resultaten | https://www.uliege.be/cms/c_19196136/en/pisa-2022-les-resultats-des-eleves-de-la-federation-wallonie-bruxelles | PISA 2022: wiskunde 474, lezen 474, wetenschappen 479; -21 punten wiskunde t.o.v. 2018; sociale ongelijkheid |
| 7 | RTBF. PISA 2022 baisse mathématiques | https://www.rtbf.be/article/enquete-pisa-2022-baisse-inedite-du-niveau-en-mathematiques-chez-les-eleves-de-15-ans-11296227 | Daling 21 punten wiskunde |
| 8 | Skolo.org. PISA 2022 segregatie | https://www.skolo.org/nl/2024/03/19/onze-analyse-van-de-pisa-2022-gegevens-bewijst-het-meer-marktwerking-betekent-ook-meer-segregatie-en-ongelijkheid-in-onderwijs/ | Sociale segregatie en ongelijkheid in FWB-onderwijs |
| 9 | La Libre. 25% niet-gekwalificeerde leerkrachten | https://www.lalibre.be/belgique/enseignement/2025/04/16/en-federation-wallonie-bruxelles-un-quart-des-nouveaux-enseignants-nont-aucune-competence-precise-FFQN3QPSPFFDZIJRGJINCYCGU4/ | Cijfers van de FWB-administratie (via Belga): 53% met vereist diploma (71% in 2016), 25% niet-gelisteerd (10% in 2016), titres de pénurie 8% naar 11% |
| 10 | RTBF. Rentrée des classes 2026: principales nouveautés | https://www.rtbf.be/article/rentree-des-classes-voici-les-principales-nouveautes-11774096 | Tronc commun in het eerste jaar secundair, 22 lestijden, CLÉ-test (schooljaar 2026-2027) |
| 11 | Pacte pour un Enseignement d'excellence. Officieel | https://pactepourunenseignementdexcellence.cfwb.be/ | Start 2017, tronc commun van de eerste kleuterklas tot het derde jaar secundair |
| 12 | Eurydice. Nederland, governance onderwijs | https://eurydice.eacea.ec.europa.eu/national-education-systems/netherlands/administration-and-governance-central-andor-regional-level | Centraal beleid, gedecentraliseerd schoolbestuur, gemeenten als bevoegd gezag van openbare scholen |
| 13 | Eurydice. Duitsland, governance onderwijs | https://eurydice.eacea.ec.europa.eu/eurypedia/germany/administration-and-governance-central-andor-regional-level | Kulturhoheit der Länder, KMK-besluitvorming (eenparigheid of 13 op 16), drie conferenties sinds 1 juli 2024 |
| 14 | Eurydice. Denemarken, governance onderwijs | https://eurydice.eacea.ec.europa.eu/eurypedia/denmark/organisation-and-governance | Gemeenten organiseren de folkeskole |
| 15 | KMK. Information in English | https://www.kmk.org/kmk/information-in-english.html | KMK-structuur met drie conferenties |
| 16 | WBE. Organisatie onderwijs | https://www.wbe.be/wbe/wbe-pouvoir-organisateur/lorganisation-de-lenseignement-en-wallonie-et-a-bruxelles/ | Vier netten, pouvoirs organisateurs |
| 17 | Enseignement.be. Organisatie | http://enseignement.be/index.php?page=25568&navi=2667 | Officiële structuur FWB-onderwijs, federaties van inrichtende machten |
| 18 | MO*. Sociale ongelijkheid onderwijs | https://www.mo.be/nieuws/sociale-ongelijkheid-vlaamse-en-franstalige-scholen-blijft-stijgen | Franstalig onderwijs bij de meest ongelijke systemen van West-Europa (PISA 2018) |
| 19 | OESO/UCLG. SNG-WOFI, landenprofiel Denemarken | https://www.sng-wofi.org/country_profiles/denmark.html | 98 gemeenten na de fusie van 271 in 2007; 61,4% van de publieke uitgaven subnationaal (2020) |
| 20 | La Libre. Le nombre d'inscrits dans les filières pédagogiques à nouveau en net recul (29 november 2024) | https://www.lalibre.be/belgique/enseignement/2024/11/29/le-nombre-dinscrits-dans-les-filieres-pedagogiques-a-nouveau-en-net-recul-cette-annee-QB6NMCLO7RG45M5TXDIEO52YN4/ | Nieuwe inschrijvingen lerarenopleidingen 4.340 (2023-2024) naar 3.562 (2024-2025), -18%; -43% in tien jaar (ARES) |
| 21 | Universiteit Gent. Vlaams Rapport PISA 2025 | https://www.pisa.ugent.be/uploads/files/Vlaams-Rapport-PISA-2025.pdf | PISA 2025: FWB, Vlaanderen en OESO-gemiddelde |
| 22 | ULiège (aSPe). Résultats de PISA 2025 en FWB | https://www.pisa-fwb.uliege.be/cms/c_13724472/fr/pisa2025-synthese-et-slides | 35% van de 15-jarigen minstens één keer blijven zitten (PISA 2025); sociale kloof sinds 2006 met een kwart verkleind, nog onder het internationale gemiddelde qua gelijkheid |
| 23 | OESO. Education at a Glance 2025, landennota België | https://www.oecd.org/content/dam/oecd/en/publications/reports/2025/09/education-at-a-glance-2025-country-notes_9749f4ff/belgium_3d277682/0fbd3865-en.pdf | 12,7% van de leraren niet volledig gekwalificeerd (Franse Gemeenschap) |
| 24 | OESO. Education Policy Outlook Netherlands (2014) | https://www.oecd.org/content/dam/oecd/en/about/projects/edu/education-policy-outlook/326698-EDUCATION%20POLICY%20OUTLOOK_NETHERLANDS_EN%20.pdf | 86% van de beslissingen op schoolniveau, OESO-gemiddelde 41% (2011, EAG 2012) |
| 25 | EUNEC. Ledenpagina WBE | https://eunec.eu/member/wbe-wallonie-bruxelles-enseignement-belgium | WBE: bijna 500 scholen en internaten, meer dan 200.000 leerlingen en studenten |
| 26 | Parlement de la Fédération Wallonie-Bruxelles. Le paysage institutionnel belge | https://www.pfwb.be/le-paysage-institutionnel-belge | Samenstelling FWB-parlement: 75 Waalse en 19 Brusselse leden |
| 27 | FWB. Décret Inscription | https://inscription.cfwb.be/ | Regulering van de inschrijvingen in het eerste jaar secundair |
- Herzien: 2026-09-27 (factcheck: cijfers, bronnen, tijdloze formulering)