ONE: Kinderopvang (Waals grondgebied): Audit
Datum: 2026-03-31 Status: 🔵 Overgeheveld. Van FWB naar de vijf Waalse deelstaten Categorie: Wallonië. Overgeheveld van FWB + Nieuw
Fase 1: Diepteonderzoek
1A. Wat is het precies?
Officiële naam: Office de la Naissance et de l'Enfance (ONE) Juridische basis: Decreet van de Franse Gemeenschap van 17 juli 2002 (hervorming structuur ONE), oorspronkelijk opgericht bij decreet van 30 maart 1983, als opvolger van het Œuvre Nationale de l'Enfance (opgericht 5 september 1919) Type: Organisme d'Intérêt Public (OIP) van type B. Publiekrechtelijke rechtspersoon onder toezicht van de Regering van de Fédération Wallonie-Bruxelles (FWB) Bestuursniveau: Fédération Wallonie-Bruxelles (Franse Gemeenschap): bevoegd op Waals grondgebied én in het tweetalige Brussels Hoofdstedelijk Gewest (voor Franstalige instellingen)
Budget: een dotatie van de Franse Gemeenschap van bijna €600 miljoen (2025); het totale budget van ONE ligt rond €750 miljoen per jaar (2025) Personeel: 1.920 personeelsleden (30 juni 2025), van wie 884 partenaires enfants-parents (PEP's) voor consultaties en huisbezoeken Hoofdzetel: Chaussée de Charleroi 95, 1060 Brussel Algemeen bestuurder: Déborah Dewulf (benoemd in juni 2025)
Historiek: ONE ontstond in 1919 als nationaal initiatief tegen kindersterfte na de Eerste Wereldoorlog. Na de communautarisering ging het Œuvre Nationale de l'Enfance op in drie gemeenschapsinstellingen: ONE voor de Franse Gemeenschap (decreet van 30 maart 1983), Kind en Gezin (later Opgroeien) voor de Vlaamse Gemeenschap, en de diensten die in de Duitstalige Gemeenschap later in Kaleido Ostbelgien opgingen. Het decreet van 2002 hervormde de structuur radicaal: kleinere raad van bestuur, nieuwe adviesorganen, en herdefiniëring van de missies.
1B. Wat doet het in de praktijk?
Kerntaken:
- Preventieve gezinsondersteuning: prenatale consultaties, consultaties voor kinderen (0-6 jaar), huisbezoeken, begeleiding van SOS-Enfants-teams
- Kinderopvang buiten het gezin: erkenning, subsidiëring, controle en evaluatie van alle vormen van kinderopvang (crèches, onthaalouders, buitenschoolse opvang) voor kinderen tot 12 jaar
- Kinderbeschermingsbeleid: overkoepelend beleid rond kinderwelzijn en ouderschap
Structuur centrale administratie: Twee hoofddirecties (preventieve begeleiding + kinderopvang), ondersteund door transversale diensten (juridisch, HR, ICT, financiën). Daarnaast subregionale administraties voor het veldwerk.
Overlap met andere instellingen:
- AVIQ (Agence pour une Vie de Qualité): Waals agentschap voor welzijn, handicap en gezondheid. Overlap op vlak van kinderwelzijn en preventie
- Iriscare (GGC/COCOM Brussel): bevoegd voor de gezinsbijslagen en de bicommunautaire persoonsgebonden aangelegenheden in Brussel
- FWB onderwijsadministratie: overlap bij buitenschoolse opvang die aansluit op schooluren
Klanten: Ouders met kinderen 0-12 jaar in Wallonië en het Brussels Gewest (Franstalige kant): bijna 131.000 kinderen in de consultaties en opvolging van ONE (2025, hele FWB); kinderopvangvoorzieningen en ongeveer 2.400 onthaalouders (2023)
Prestatie-indicatoren. Dekkingsgraad kinderopvang (FWB-formule: plaatsen per 100 kinderen van 0 tot 2,5 jaar):
- Franstalig Wallonië (31 december 2024): 38,3 plaatsen per 100 kinderen (36,6 in 2022; 38,0 in 2019)
- Eigen doel van de Franse Gemeenschap: 50%, waarvan 33% met een inkomensgerelateerde ouderbijdrage. Dat doel wordt niet gehaald
- Volgens de EU-formule (alle kinderen jonger dan 3 jaar) haalt de FWB 49,2% (2023) en dus het Barcelona-doel van 45% tegen 2030; de Vlaamse cijfers gebruiken een andere noemer en zijn niet rechtstreeks vergelijkbaar
- 32.088 erkende plaatsen in Franstalig Wallonië op 31 december 2024
- Neerwaartse trend: van 34.300 plaatsen (2019) naar 32.088 (eind 2024), of ruim 2.200 plaatsen minder, waarvan 1.757 tussen 2019 en 2022 (na een stijging van ongeveer 5.000 plaatsen tussen 2010 en 2019)
- 76% van de plaatsen in de FWB heeft een inkomensgerelateerde ouderbijdrage, 24% een vrij bepaalde prijs (2023)
Audit van het Rekenhof/Cour des comptes (27 mei 2025), capaciteit van de kinderopvang in het Waals Gewest: Het Rekenhof onderzocht of het systeem goed gestuurd wordt en of het opvangbeleid financieel houdbaar is voor de overheid. Kernbevindingen:
- Het doel van 50% dekking steunt niet op een voldoende en actuele kennis van de vraag en de noden van ouders, en wordt niet gehaald
- De opvolging van projecten voor nieuwe plaatsen was zwak; de oproepen tot projecten verlopen traag en meerjarig
- De creatie van nieuwe plaatsen wordt deels tenietgedaan door verloren plaatsen, maar ONE heeft geen betrouwbare gegevens over sluitingen en hun oorzaken
- ONE verzamelt geen financiële gegevens over de opvangvoorzieningen in werking: of ze financieel leefbaar zijn, is niet te meten
- De datakwaliteit is ondermaats: onsamenhangende gegevens, verschillen tussen toepassingen en late updates
Bij de ouders (Baromètre des parents 2024, Ligue des familles, Wallonië en Brussel): 61% vond moeilijk een plaats in een crèche, 33% vond geen plaats op het moment dat ze die nodig hadden en 23% moest ouderschapsverlof nemen of minder of niet meer werken.
1C. Internationale vergelijking
Nederland. Gedecentraliseerd toezicht, centraal register:
- Kinderopvang is een marktmodel met private aanbieders en overheidstoezicht
- Gemeenten zijn verantwoordelijk voor toezicht en handhaving, uitgevoerd door de GGD'en
- Landelijk Register Kinderopvang (LRK): centraal, openbaar register van alle opvanglocaties met inspectierapporten. Volledige transparantie
- GGD GHOR Nederland bevordert uniformiteit en kwaliteit van het toezicht via landelijk kader
- Financiering via kinderopvangtoeslag (inkomensafhankelijk, direct aan ouders): de overheid betaalt niet de instelling, maar de ouder
- Resultaat: hoge deelname (66,5% van de kinderen jonger dan 3 jaar gaat naar formele opvang, vaak deeltijds; Eurostat, 2025), meer keuzevrijheid voor ouders, maar ook relatief duur voor ouders met midden-inkomens
Denemarken. Gemeentelijke verantwoordelijkheid, universele toegang:
- Gemeenten zijn wettelijk verplicht opvang te bieden aan alle kinderen vanaf 26 weken
- Typen: vuggestue (crèche, 26 weken tot 3 jaar), børnehave (3 tot 6 jaar), dagpleje (onthaalouder, max 5 kinderen); groepen van meestal 11 à 12 kinderen
- Gemeente betaalt minstens 75% van de brutowerkingskosten, ouders max 25%
- Personeel grotendeels in dienst van de gemeente, geen complexe subsidiestructuur
- Wettelijke minimumnormering sinds 2024: 1 pedagogisch medewerker per 3 kinderen (0-2 jaar) en per 6 kinderen (3-5 jaar), als jaargemiddelde per gemeente
- Resultaat: 67% van de kinderen jonger dan 3 jaar gaat naar formele opvang, de hoogste deelname van de EU (Eurostat, 2025)
Zweden. Gemeentelijk, universeel, met maxtaxe:
- 290 gemeenten zijn wettelijk verplicht förskola (kleuterschool/opvang) aan te bieden aan alle kinderen van 1 tot 5 jaar
- Financiering: overwegend gemeentebelastingen en rijkssubsidies, aangevuld met een beperkte ouderbijdrage; vanaf 3 jaar zijn 525 uur per jaar gratis
- Maxtaxe-systeem: maximumtarief dat gezinnen betalen, inkomensafhankelijk (voor het eerste kind 3% van het gezinsinkomen, met een plafond), toegepast door alle gemeenten. Geen verrassing op de factuur
- Kwaliteitstoezicht door Skolinspektionen (nationale inspectie)
- Resultaat: bijna 87% deelname bij alle kinderen van 1 tot 5 jaar (2024)
Duitsland. Federaal kader, deelstatelijke uitvoering, lokale uitvoering:
- Kaderwet op federaal niveau: Kinder- und Jugendhilfegesetz (SGB VIII)
- Deelstaten bepalen curricula, kwaliteitseisen, personeelsnormen
- Gemeenten (Jugendamt) zijn uitvoerder: registratie, toezicht, plaatsing
- Subsidiariteitsprincipe: vrije, meestal niet-commerciële aanbieders (kerken, non-profits) hebben wettelijke voorrang (§ 4 SGB VIII); de gemeente komt pas als zij niet leveren
- KiTa-Qualitätsgesetz (sinds 1 januari 2023): federale kwaliteitsfinanciering aan deelstaten
- Resultaat: dekkingsgraad sterk variërend per deelstaat: voor kinderen jonger dan 3 jaar 34,5% in het westen tot 54,9% in het oosten (inclusief Berlijn), 37,8% gemiddeld (1 maart 2025)
1D. Knelpunten en kritiek
Structureel probleem. Dubbele bevoegdheid FWB/Gewesten: ONE is een instelling van de FWB maar opereert op twee grondgebieden (Wallonië + Brussel) met totaal verschillende demografische, socio-economische en institutionele contexten. Dit maakt gericht beleid bijna onmogelijk. Wallonië heeft een krimpende groep onthaalouders, rurale tekorten en grote verschillen tussen provincies; Brussel heeft een jonge, groeiende bevolking met acuut plaatsgebrek in dichtbevolkte wijken.
Financiële crisis:
- In oktober 2025 besliste de FWB tot €74 miljoen besparingen in de sector petite enfance vanaf 2026 (ongeveer 10% van een jaarbudget van €719 miljoen)
- €7,8 miljoen bespaard door de ONE-subsidies in 2026 niet te indexeren. Opvangvoorzieningen moeten ongeveer €1.000 per werknemer elders vinden
- De sector waarschuwde in november 2025 dat daardoor duizenden plaatsen in Wallonië bedreigd waren
- ONE heeft een opgebouwde schuld van ongeveer €75 miljoen (2025); de uitzonderlijke financiering van €43 miljoen (2026) en €57 miljoen (2027) moet het financiële evenwicht herstellen, terwijl ONE tegelijk op zijn IT-budget moet besparen
- Het Waals Gewest betaalt al mee aan de gebouwen: in 2025 maakte het ruim €8 miljoen vrij voor dringende renovaties van 45 crèches om 1.292 plaatsen te redden (meer dan €11 miljoen voor 51 crèches in totaal), en in juni 2026 lanceerde het een oproep voor een vijfjarig renovatieprogramma (2026-2030) om meer dan 4.500 bedreigde plaatsen te behouden
Personeelstekort:
- De individuele opvang bij onthaalouders krimpt al jaren (21% van de plaatsen in de FWB in 2023)
- Het beroep is financieel en maatschappelijk weinig gewaardeerd
- ONE en de Ligue des Familles pleiten voor herwaardering van het beroep, maar structurele middelen ontbreken
Gebrekkige transparantie en meting:
- Geen centraal, openbaar, real-time register van beschikbare plaatsen (in tegenstelling tot het Nederlandse LRK); premierspas.be toont waar opvang is, niet of er een plaats vrij is
- Inspectierapporten niet systematisch openbaar
- KPI's op resultaatniveau (kindontwikkeling, oudertevredenheid) worden niet structureel gemeten of gepubliceerd
- Het Rekenhof (2025) stelde zwakke datakwaliteit vast en merkte op dat ONE geen financiële gegevens over de opvangvoorzieningen verzamelt
Politieke kritiek:
- Bij de verkiezingen van 2024 was het tekort aan crèches een kernthema. Alle partijen hadden voorstellen, maar de structurele oorzaak (versnippering FWB-model) werd zelden benoemd
- Het Plan Cigogne +5200 beloofde minstens 5.200 nieuwe gesubsidieerde plaatsen tegen 2025. Die termijn werd niet gehaald en schoof op tot eind 2027: in Wallonië voor het deel dat het Waals Gewest zelf financiert (eerder was dat augustus 2026), in Brussel tot december 2027
- Het Waals Gewest financiert al mee: de Cigogne-plannen worden betaald door de Franse Gemeenschap, het Waals Gewest, het Brussels Gewest en de COCOF samen. De facto een dubbel circuit
Fase 2: Toetsing aan de 9 Principes
| # | Principe | Oordeel | Onderbouwing |
|---|---|---|---|
| 1 | Subsidiariteit | ❌ | ONE is een FWB-instelling die opereert op twee totaal verschillende grondgebieden (Wallonië + Brussel). Kinderopvangbeleid zou op deelstaat- of gemeenteniveau moeten zitten, dicht bij de ouders. Het FWB-niveau is een kunstmatig tussenlaag zonder eigen fiscaliteit. |
| 2 | Transparantie | ❌ | Geen centraal openbaar register van opvangplaatsen en beschikbaarheid. Inspectierapporten niet systematisch publiek. Ouders kunnen niet makkelijk zien wie beslist over hun crèche en hoe de subsidiëring werkt. |
| 3 | Verantwoordelijkheid = Financiering | ❌ | De FWB heeft de bevoegdheid maar geen eigen fiscaliteit. Het budget komt uit dotaties. Dit creëert een enorme fiscal gap. De FWB beslist over kinderopvang maar kan de financiering niet zelf sturen. Resultaat: structurele onderfinanciering en besparingen die de sector treffen. |
| 4 | Eenvoud | ❌ | Minstens vier bestuurslagen betrokken: FWB (bevoegdheid), Waals Gewest (medefinanciering van nieuwe plaatsen en van de gebouwen), ONE (uitvoering), gemeenten (lokale context). Daarbovenop overlap met AVIQ, Iriscare (Brussel), en de FWB-onderwijsadministratie voor buitenschoolse opvang. Onuitlegbaar complex. |
| 5 | Schaalgrootte | ⚠️ | ONE zelf is groot genoeg (1.920 personeelsleden, een budget van ongeveer €750 mln in 2025), maar het probleem is dat het éénzelfde beleid moet voeren voor Wallonië en Brussel. Twee gebieden met totaal andere noden. Brusselse kinderopvang vereist een volledig andere aanpak dan rurale Waalse opvang. |
| 6 | Concurrerende bevoegdheden | ❌ | Het systeem laat nul ruimte voor regionale innovatie. Wallonië kan geen eigen kinderopvangbeleid voeren dat verschilt van het Brusselse. Alles wordt centraal door de FWB bepaald via ONE; het Waals Gewest kan alleen meebetalen. |
| 7 | Resultaatgericht | ❌ | Het aanbod krimpt: in Franstalig Wallonië van ongeveer 5.000 plaatsen erbij (2010-2019) naar ruim 2.200 plaatsen minder (2019-2024). Een op drie ouders vond geen plaats op het moment dat ze die nodig hadden (2024). Plan Cigogne haalt zijn termijn niet en het eigen doel van 50% dekking wordt niet gehaald. Volgens het Rekenhof (2025) ontbreken betrouwbare gegevens om het beleid te sturen. Geen structurele meting van kwaliteit, kindontwikkeling of oudertevredenheid. |
| 8 | Digitaal-eerst | ❌ | Geen centraal digitaal register (vergelijk Nederlands LRK). Geen geïntegreerd aanmeldsysteem. Geen real-time zicht op beschikbaarheid. Ouders moeten individueel crèches bellen en op wachtlijsten staan. |
| 9 | Internationaal bewezen | ❌ | Het FWB-model (gemeenschapsniveau zonder eigen fiscaliteit, gescheiden van het gewest) bestaat nergens anders in Europa. In Nederland, Denemarken, Zweden en Duitsland is kinderopvang een zaak van het dichtstbijzijnde bestuursniveau (gemeente/deelstaat) mét eigen financiering. |
Synthese: 0 ✅, 1 ⚠️, 8 ❌. ONE scoort buitengewoon slecht. De kern van het probleem is structureel: kinderopvang zit vast op het FWB-niveau, een bestuursniveau zonder eigen fiscaliteit dat twee totaal verschillende gebieden bedient. De grootste winst zit bij subsidiariteit (overheveling naar de deelstaten), verantwoordelijkheid = financiering (wie beslist moet betalen) en digitaal-eerst (centraal register).
Fase 3: HART-voorstel
3A. Classificatie
🔵 Overgeheveld De ONE-taken op Waals grondgebied worden overgeheveld naar de vijf Waalse deelstaten, binnen de minimumnormen die de federatie vastlegt (art. 28 HART-grondwet); wat schaal vraagt, kunnen ze aan een gemeenschappelijke dienst toevertrouwen (art. 32). De Brusselse ONE-taken gaan naar de Brusselse Deelstaat.
3B. Concreet voorstel
Wat verandert er:
- FWB wordt afgeschaft als bestuursniveau → ONE houdt op te bestaan in zijn huidige vorm
- De vijf Waalse deelstaten nemen elk de ONE-taken over voor hun grondgebied: preventieve gezinsbegeleiding, erkenning en subsidiëring van kinderopvang, kwaliteitscontrole. Erkenningen en kwaliteitsnormen kunnen ze vrijwillig samen regelen in een concordaat
- Brusselse Deelstaat neemt de Brusselse ONE-taken over (Franstalig) en integreert ze met de Nederlandstalige tegenhanger (Opgroeien en VGC) in een tweetalig Brussels kader
- De ONE-medewerkers voor Waals grondgebied gaan naar rato van de taken over naar de Waalse deelstaten of hun gemeenschappelijke dienst (Waals grondgebied is goed voor ongeveer 70% van de opvangplaatsen; ONE telde 1.920 personeelsleden in 2025), met behoud van statuut en anciënniteit en zonder ontslagen. Wat schaal vraagt, vertrouwen de Waalse deelstaten bij akkoord toe aan een gemeenschappelijke dienst (art. 32 HART-grondwet): ONE zelf, als agentschap Jeugd & Gezin van de Waalse deelstaten, of een dienst samen met de welzijnstaken van AVIQ
- Gemeenten krijgen een sterkere rol in het afstemmen van vraag en aanbod, naar Deens/Nederlands model. Zij kennen hun bevolking het best
Internationaal model: Combinatie van:
- Deens model voor de verantwoordelijkheidsverdeling: deelstaat bepaalt kader en kwaliteitsnormen, gemeenten voeren uit en zorgen voor voldoende aanbod
- Nederlands model voor transparantie: centraal digitaal register van alle opvanglocaties met openbare inspectierapporten
- Zweeds model voor financiering: maxtaxe-systeem zodat ouders nooit meer betalen dan een wettelijk maximum
Geschatte efficiëntiewinst:
- Eliminatie van de FWB-overhead voor kinderopvang (bestuur, kabinet, parlementaire commissies)
- Geen eigen besparing op deze lijn: de overhead van de FWB zit in de audit "FWB als bestuursniveau"; register en maxtaxe zijn investeringen in de dienstverlening
- Eén aanspreekpunt per deelstaat in plaats van de wirwar (FWB + gewest + ONE + AVIQ + gemeente)
- Door deelstaat-specifiek beleid: elke Waalse deelstaat kan focussen op zijn eigen tekorten, de rurale gebieden en de krimpende groep onthaalouders; Brussel kan focussen op stedelijke verdichting en meertalige opvang
- Betere afstemming kinderopvang-arbeidsmarkt: VDAB, Forem en Actiris zitten al op deelstaatniveau. Kinderopvangbeleid kan daar direct op aansluiten
Implementatiepad:
- Jaar 1-2: Juridisch kader. Deelstaatwetten van de vijf Waalse deelstaten (art. 28 HART-grondwet) en een akkoord of vrijwillig concordaat voor wat ze samen laten uitvoeren (art. 32), personeelsoverdracht, budgettransfer op basis van de ONE-uitgaven op Waals grondgebied bij de start
- Jaar 2-3: Operationele integratie in de administraties van de Waalse deelstaten of in hun gemeenschappelijke dienst (ONE zelf, een dienst samen met de welzijnstaken van AVIQ, of een apart agentschap)
- Jaar 3-4: Lancering digitaal register kinderopvang van de Waalse deelstaten (naar LRK-model)
- Jaar 4-5: Invoering maxtaxe-systeem en versterking gemeentelijke regierol
Fase 4: Partijpunt (Website-klare tekst)
Deel A: Het partijpunt
ONE. Kinderopvang (Waals grondgebied): Overgeheveld De kinderopvang op Waals grondgebied gaat van de Fédération Wallonie-Bruxelles naar de vijf Waalse deelstaten, binnen een federaal kader. Per deelstaat één bestuursniveau, één budget, één verantwoordelijke, zodat elke deelstaat eindelijk een kinderopvangbeleid kan voeren dat past bij zijn eigen gezinnen; wat schaal vraagt, kunnen ze samen aan een gemeenschappelijke dienst toevertrouwen.
Deel B: De uitleg
Hoe het nu werkt
Kinderopvang in Wallonië wordt geregeld door de Fédération Wallonie-Bruxelles (FWB) via ONE, het Office de la Naissance et de l'Enfance. ONE heeft een budget van circa €750 miljoen (2025) en ruim 1.900 medewerkers. Het erkent, subsidieert en controleert alle kinderopvang, van crèches tot onthaalouders, voor kinderen tot 12 jaar. Maar ONE is een FWB-instelling, wat betekent dat het tegelijk Wallonië en het Brussels Gewest bedient. Twee gebieden met totaal verschillende noden.
Wat er mis gaat
Het systeem zit in een structurele crisis. Eind 2024 waren er 32.088 erkende opvangplaatsen in Franstalig Wallonië: 38 plaatsen per 100 kinderen, ver onder het eigen doel van 50. Een op drie ouders vond geen plaats op het moment dat ze die nodig hadden, en bijna een op vier moest minder of niet meer werken (Ligue des familles, 2024). Tussen 2019 en 2024 verdwenen ruim 2.200 plaatsen, na een decennium van groei.
De oorzaken zijn structureel. De FWB heeft de bevoegdheid over kinderopvang maar geen eigen belastinginkomsten. Het budget komt uit dotaties. Resultaat: chronische onderfinanciering. ONE bouwde een schuld op van ongeveer €75 miljoen (2025) en in oktober 2025 besliste de FWB tot €74 miljoen besparingen in de sector vanaf 2026, waaronder €7,8 miljoen door het niet-indexeren van de ONE-subsidies. De sector waarschuwde dat daardoor duizenden plaatsen bedreigd waren. Ondertussen krimpt het aantal onthaalouders al jaren en is het beroep te onaantrekkelijk om voldoende nieuwe krachten aan te trekken.
Er is geen centraal digitaal register waar ouders beschikbare plaatsen kunnen zien. Inspectierapporten zijn niet systematisch openbaar. Ouders moeten individueel crèches bellen en op wachtlijsten staan. Het Plan Cigogne +5200 beloofde minstens 5.200 nieuwe plaatsen tegen 2025. Die termijn werd niet gehaald en schoof in Wallonië op tot eind 2027.
Het kernprobleem: de FWB is een bestuursniveau dat niet thuishoort tussen gezinnen en hun crèche. Het is een laag zonder eigen fiscaliteit, zonder democratische directheid (het Parlement van de FWB wordt niet rechtstreeks verkozen), en het moet éénzelfde beleid voeren voor rurale Henegouwse dorpen en dichtbevolkte Brusselse wijken.
Het Rekenhof stelde in mei 2025 vast dat het doel van 50% niet gehaald wordt, dat ONE geen betrouwbare gegevens heeft over sluitingen en dat het de financiële leefbaarheid van de opvangvoorzieningen niet kan meten.
Hoe het elders werkt
In Denemarken zijn gemeenten wettelijk verplicht opvang te bieden aan elk kind vanaf 26 weken. De gemeente betaalt minstens 75% van de kosten. Resultaat: 67% van de kinderen jonger dan 3 jaar gaat naar de opvang (2025), de hoogste deelname van de EU.
In Zweden bieden 290 gemeenten förskola aan alle kinderen van 1 tot 5 jaar. Een nationaal maxtaxe-systeem garandeert dat ouders nooit meer betalen dan een wettelijk maximum, en vanaf 3 jaar zijn 525 uur per jaar gratis. Deelname: bijna 87% van alle kinderen van 1 tot 5 jaar (2024).
In Nederland bewaakt de GGD de kwaliteit en staat alle informatie in het openbare Landelijk Register Kinderopvang. Elke ouder kan online het inspectierapport van elke crèche lezen.
In Duitsland bepaalt de federale overheid het kader, vullen deelstaten de normen in, en voeren gemeenten via het Jugendamt het beleid uit. Het subsidiariteitsprincipe is wettelijk vastgelegd: vrije, meestal niet-commerciële aanbieders eerst, overheid als vangnet.
Geen enkel vergelijkbaar land organiseert kinderopvang op een tussenlaag zonder eigen fiscaliteit die twee verschillende regio's bedient.
Wat HART voorstelt
- De ONE-taken voor Waals grondgebied worden overgeheveld naar de vijf Waalse deelstaten, binnen de minimumnormen die de federatie vastlegt (art. 28 HART-grondwet). De FWB wordt afgeschaft als bestuursniveau.
- Wat schaal vraagt, vertrouwen de Waalse deelstaten bij akkoord toe aan een gemeenschappelijke dienst (art. 32): ONE zelf als agentschap Jeugd & Gezin, of een dienst samen met de welzijnstaken van AVIQ, die de uitvoering van het kinderopvangbeleid, de preventieve gezinsbegeleiding en de kwaliteitscontrole bundelt. Elke deelstaat beslist en betaalt voor zijn eigen grondgebied.
- Gemeenten krijgen een sterkere regierol: zij stemmen vraag en aanbod af, kennen hun bevolking, en kunnen lokale tekorten aanpakken. Naar Deens model.
- Er komt een digitaal register kinderopvang van de Waalse deelstaten naar Nederlands model: openbaar, real-time, met inspectierapporten en beschikbaarheid per locatie.
- Een maxtaxe-systeem naar Zweeds model zorgt ervoor dat ouders nooit meer betalen dan een wettelijk vastgelegd maximum, afhankelijk van inkomen.
- De ONE-medewerkers voor Waals grondgebied worden naar rato van de taken overgedragen (ongeveer 70% van de 1.920 personeelsleden in 2025), met behoud van statuut en anciënniteit en zonder ontslagen.
Wat het oplevert
- Eén bestuursniveau verantwoordelijk voor kinderopvang: elke Waalse deelstaat, met eigen budget en eigen fiscale verantwoordelijkheid. Einde aan de fiscal gap
- Beleid op maat: elke Waalse deelstaat kan focussen op de krimpende groep onthaalouders in rurale gebieden, op zijn eigen dekkingsgraad en op de mismatch tussen vraag en aanbod in stedelijke zones
- Directe koppeling met arbeidsmarktbeleid: Forem zit al op Waals niveau, kinderopvang kan daar rechtstreeks op aansluiten
- Transparantie voor ouders: één digitaal register, openbare kwaliteitsscores, real-time beschikbaarheid
- Geen overhead meer van een apart FWB-parlement, kabinet en administratie voor deze bevoegdheid
- Ouders betalen nooit meer dan het maximum. Voorspelbaar en eerlijk
Fase 5: Bronnenlijst
| Bron | URL | Datum | Gebruikt voor |
|---|---|---|---|
| ONE. Organisatie | https://www.one.be/public/cest-quoi-lone/notre-organisation/ | Doorlopend | Governance, OIP onder toezicht van de regering, historiek (opsplitsing in drie gemeenschapsinstellingen) |
| ONE. Administratieve organen | https://www.one.be/public/cest-quoi-lone/notre-organisation/organes-administratifs/ | Doorlopend | Algemeen bestuurder Déborah Dewulf |
| L'Avenir. Déborah Dewulf, nouvelle administratrice générale de l'ONE | https://www.lavenir.net/actu/2025/09/08/deborah-dewulf-je-mattellerai-a-rendre-plus-visibles-les-actions-de-lone-JYDKXI7CVBCE3NGN6YAL442KYM/ | 8 september 2025 | Nieuwe algemeen bestuurder |
| Gallilex. Benoeming administratrice générale ONE | https://gallilex.cfwb.be/textes-normatifs/53449 | 12 juni 2025 | Benoeming Déborah Dewulf (besluit van 12 juni 2025) |
| ONE. Coördinaten en toegang | https://www.one.be/public/contact/acces/ | Doorlopend | Adres hoofdzetel (Chaussée de Charleroi 95, 1060 Brussel) |
| Wikipedia. Office de la naissance et de l'enfance | https://fr.wikipedia.org/wiki/Office_de_la_naissance_et_de_l%27enfance | Doorlopend | Historiek, oprichting bij wet van 5 september 1919 |
| CRISP. ONE | https://www.vocabulairepolitique.be/office-de-la-naissance-et-de-lenfance-one/ | Doorlopend | Juridische status OIP type B, decreten van 30 maart 1983 en 17 juli 2002, bevoegdheidsgebied |
| FWB. Les chiffres clés de la Fédération Wallonie-Bruxelles 2025 | https://statistiques.cfwb.be/fileadmin/sites/ccfwb/uploads/documents/CC2025_web.pdf | 2025 | Dotatie bijna €600 mln, ruim 1.900 personeelsleden van wie 884 PEP's, bijna 131.000 kinderen in de opvolging van ONE |
| ONE. ONE en chiffres 2023 | https://www.one.be/fileadmin/user_upload/siteone/PRESENTATION/Rapports/ONE_en_chiffres_2023_ACC.pdf | 2024 | 79% collectieve en 21% individuele opvang, 76% inkomensgerelateerde ouderbijdrage, EU-formule 49,2% (2023), Plan Cigogne +5200 en uitgestelde termijnen, medefinanciering door FWB, Waals Gewest, Brussels Gewest en COCOF |
| IWEPS. Accueil préscolaire: taux de couverture | https://www.iweps.be/indicateur-statistique/accueil-prescolaire-taux-de-couverture/ | 2026 (reeks tot eind 2024) | Franstalig Wallonië: 29.329 plaatsen (2010), 34.300 (2019), 32.543 (2022), 32.088 en 38,3% (31 december 2024); -1.757 (2019-2022), ruim -2.200 (2019-2024: -2.212 volgens de tabel, -2.216 in de tekst van IWEPS); formule 0 tot 2,5 jaar |
| Rekenhof/Cour des comptes. Capacité d'accueil de la petite enfance en Région wallonne | https://www.ccrek.be/fr/publication/capacite-d-accueil-de-la-petite-enfance-en-region-wallonne | 27 mei 2025 | Doel 50% (33% + 17%) niet gehaald en niet onderbouwd, zwakke opvolging van nieuwe plaatsen, geen gegevens over sluitingen en financiële leefbaarheid, datakwaliteit |
| Parlement FWB. Rapport Cour des comptes ONE | https://www.pfwb.be/documents-parlementaires/document-rapport-001822254 | 16 juni 2025 | Neerlegging van het Rekenhofrapport in het parlement |
| Ligue des familles. Baromètre des parents 2024 | https://liguedesfamilles.be/storage/31758/Barom%C3%A8tre-2024-(final).pdf | 2024 | 61% moeilijk een plaats, 33% geen plaats wanneer nodig, 23% ouderschapsverlof of minder of niet werken |
| Raad van de Europese Unie. Aanbeveling over voor- en vroegschoolse educatie en opvang | https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=oj:JOC_2022_484_R_0001 | 8 december 2022 | Bijgesteld Barcelona-doel: minstens 45% van de kinderen jonger dan 3 jaar tegen 2030 |
| RTBF. Economies petite enfance | https://www.rtbf.be/article/voici-les-economies-prevues-dans-le-secteur-de-la-petite-enfance-creches-maison-d-accueil-one-11614354 | 10 oktober 2025 | €74 mln besparingen op €719 mln, €7,8 mln niet-indexering, schuld ONE €75 mln, uitzonderlijke financiering €43 en €57 mln, besparing op IT |
| RTBF. FWB budget économies | https://www.rtbf.be/article/budget-de-la-federation-wallonie-bruxelles-ou-les-economies-seront-elles-faites-11614016 | 10 oktober 2025 | Budgetcontext besparingen FWB |
| RTBF. Fermeture places d'accueil | https://www.rtbf.be/article/le-secteur-de-la-petite-enfance-wallon-craint-la-fermeture-de-milliers-de-places-d-accueil-pour-enfants-d-ici-janvier-2026-11632504 | November 2025 | Waarschuwing van de sector: duizenden plaatsen bedreigd |
| RTBF. Non-indexation subsides ONE | https://www.rtbf.be/article/petite-enfance-des-milliers-de-places-d-accueil-seront-elles-menacees-des-janvier-11633141 | 18 november 2025 | Ongeveer €1.000 per werknemer te vinden in 2026 (koepel van opvangdiensten) |
| La Libre. Catastrophe annoncée | https://www.lalibre.be/belgique/2025/11/16/une-catastrophe-annoncee-des-milliers-de-places-daccueil-denfants-pourraient-fermer-des-janvier-en-wallonie-TQIXMM6ZXJBWTAONOVQV4YPFO4/ | 16 november 2025 | Sector-alarm over sluitingen |
| RTBF. Pénurie crèches revalorisation | https://www.rtbf.be/article/penurie-dans-les-creches-il-faut-revaloriser-les-metiers-de-la-petite-enfance-selon-l-one-et-la-ligue-des-familles-11142088 | 26 januari 2023 | Weinig gewaardeerd beroep, Plan Cigogne 5.200 plaatsen tegen 2025, premierspas.be |
| Minister van Kinderen (FWB en Wallonië). L'accueil de la petite enfance, un engagement ferme malgré les défis | https://lescrenier.wallonie.be/home/communiques-de-presse/presses/l-accueil-de-la-petite-enfance-un-engagement-ferme-malgre-les-defis.html | November 2025 | Budgetcontext ONE en sector |
| Minister van Kinderen (FWB en Wallonië). 51 crèches, plan de rénovation | https://lescrenier.wallonie.be/home/communiques-de-presse/presses/51-creches-beneficient-d-un-plan-de-renovation-pour-eviter-la-fermeture-1292-places-sauvegardees.html | 14 november 2025 | Waals Gewest (SPW IAS): ruim €8 mln voor dringende renovatie van 45 crèches (1.292 plaatsen), meer dan €11 mln voor 51 crèches in totaal |
| Minister van Kinderen (FWB en Wallonië). Appel à projets rénovation crèches | https://lescrenier.wallonie.be/home/communiques-de-presse/presses/petite-enfance-un-appel-a-projets-pour-renover-les-creches-et-preserver-plus-de-4-500-places-d-accueil-ces-5-prochaines-annees.html | 25 juni 2026 | Oproep voor een Waals renovatieprogramma 2026-2030 om meer dan 4.500 plaatsen te behouden |
| Moustique. Manque de crèches | https://www.moustique.be/notre-epoque/nos-explications/2026/01/15/manque-de-creches-en-wallonie-et-a-bruxelles-faut-il-sen-etonner-quand-on-voit-le-temps-et-largent-necessaire-a-ouvrir-une-seule-place-OELBPYSSZZFQXI2NCP6C46ART4/ | Januari 2026 | Kosten en tijd om één nieuwe plaats te openen |
| GGD GHOR Nederland. Toezicht kinderopvang | https://ggdghor.nl/onderwerp/jeugd/toezicht-kinderopvang/ | Doorlopend | Nederlands model: GGD-toezicht in opdracht van gemeenten, landelijk kader, openbare inspectierapporten |
| DUO. Landelijk Register Kinderopvang | https://duo.nl/zakelijk/kinderopvang/landelijk-register-kinderopvang/ | Doorlopend | Centraal register kinderopvang NL, inspectierapporten automatisch gepubliceerd |
| Eurostat. Children aged less than 3 years in formal childcare (tepsr_sp210) | https://ec.europa.eu/eurostat/databrowser/view/tepsr_sp210/ | 2026 | Deelname kinderen jonger dan 3 jaar (2025): Denemarken 67,2% (hoogste van de EU), Nederland 66,5% |
| OESO. Family Database PF3.2 | https://webfs.oecd.org/els-com/Family_Database/PF3_2_Enrolment_childcare_preschool.pdf | 2026 | Nederlandse opvang vaak deeltijds |
| Minister van Kinderen (Wallonië). Inverser la courbe et créer de nouvelles places | https://lescrenier.wallonie.be/home/communiques-de-presse/presses/inverser-la-courbe-et-creer-de-nouvelles-places-un-engagement-pour-les-familles-et-les-milieux-d'accueil-de-la-petite-enfance.html | 10 januari 2025 | Waalse luik van het Plan Cigogne (Plan Équilibre): termijn van het door het Waals Gewest gefinancierde deel verlengd tot eind 2027 |
| Eurydice. Denmark ECEC organisation | https://eurydice.eacea.ec.europa.eu/eurypedia/denmark/organisation-early-childhood-education-and-care | Doorlopend | Deens model: recht op een plaats vanaf 26 weken, typen opvang, groepen van 11 à 12 kinderen, dagpleje max 5 kinderen |
| Deens ministerie (BAEBM). Tilskud og forældrebetaling | https://baebm.dk/arbejdsomraader/dagtilbud/tilskud-og-foraeldrebetaling/tilskud-og-foraeldrebetaling-i-dagtilbud | Doorlopend | Gemeente minstens 75% van de brutowerkingskosten, ouders hoogstens 25% |
| Deens ministerie (BAEBM). Minimumsnormeringer | https://baebm.dk/arbejdsomraader/dagtilbud/om-dagtilbud/minimumsnormeringer/minimumsnormeringer-i-kommunale%C2%AD-og-selvejende-daginstitutioner | Doorlopend | Minimumnormering 1:3 (0-2 jaar) en 1:6 (3-5 jaar) sinds 2024 |
| Eurydice. Sweden ECEC funding | https://eurydice.eacea.ec.europa.eu/eurypedia/sweden/early-childhood-and-school-education-funding | Doorlopend | Zweeds model: financiering via gemeentebelastingen, rijkssubsidies en ouderbijdragen; maxtaxe (3% van het inkomen voor het eerste kind) |
| Skolverket. Avgifter | https://www.skolverket.se/styrning-och-ansvar/regler-och-ansvar/ansvar-i-skolfragor/avgifter | Doorlopend | Maxtaxe in alle gemeenten, 525 gratis uren per jaar vanaf 3 jaar |
| Skolverket. Barn och personal i förskola hösten 2024 | https://www.skolverket.se/statistik-och-utvarderingar/statistik-om-forskola-och-skola/fler-statistiknyheter/statistik/2025-04-16-statistik-over-barn-och-personal-i-forskola-per-den-15-oktober-2024 | April 2025 | Bijna 87% van de 1- tot 5-jarigen in de förskola |
| DJI. German ECEC system | https://www.dji.de/en/about-us/projects/projekte/international-centre-early-childhood-education-and-care-icec/the-german-ecec-system.html | Doorlopend | Duits model: federaal kader (SGB VIII), deelstaatnormen, gemeentelijke uitvoering, voorrang van vrije aanbieders |
| Destatis. Kindertagesbetreuung 2025 | https://www.destatis.de/DE/Presse/Pressemitteilungen/2025/10/PD25_392_225.html | Oktober 2025 | Betreuungsquote onder 3 jaar: 37,8%, west 34,5%, oost 54,9% (1 maart 2025) |
- Herzien: 2026-09-27 (factcheck: cijfers, bronnen, tijdloze formulering)