Kernprincipe: vervuiler betaalt. Altijd, overal, zonder uitzonderingen. Geen handel in het recht om te vervuilen. Geen gratis uitstootrechten voor multinationals. Geen offsetting waarbij je een bos in Congo plant om in Antwerpen te blijven stoken. De enige oplossing is minder fossiele brandstoffen verbranden. Door andere productie, ander transport en andere consumptie. Ons leefmilieu is niet onderhandelbaar: elke vorm van vervuiling, fraude of nalatigheid wordt keihard bestraft. Wie vergiftigt, betaalt. Of gaat naar de gevangenis.
België scoort beschamend op klimaat en milieu. We staan 37e op de Climate Change Performance Index 2026, in de categorie "low performer". Onze broeikasgasuitstoot bedraagt 8,3 ton CO₂-equivalent per inwoner (2024), ruim anderhalve ton boven het EU-gemiddelde. Ons aandeel hernieuwbare energie (14,3% in 2024) is het laagste van de EU. De transportsector stoot 19% méér uit dan in 1990, terwijl de totale uitstoot met een derde daalde. Slechts 1 van de 195 Vlaamse waterlichamen (0,5%) bereikt een goede ecologische toestand. België heeft, samen met Denemarken, het kleinste aandeel beschermde habitats in goede staat van de hele EU, en meer dan 70% ervan verkeert in slechte staat. Per hectare akkerland gebruikt België twee keer zoveel pesticiden als het EU-gemiddelde. En rond de 3M-fabriek in Zwijndrecht heeft bijna de helft van de geteste omwonenden te veel PFAS in het bloed, na decennia van vervuiling terwijl de overheid toekeek. Niemand werd daarvoor strafrechtelijk veroordeeld.
Tegelijk heeft België troeven. We recycleren 79,7% van ons verpakkingsafval (2023), het hoogste aandeel van de EU. Kernenergie en wind en zon leverden in 2025 elk ongeveer een derde van onze stroomproductie. VIB-UGent behoort tot de wereldtop in plantenbiotechnologie. En het Brussels Hof van Beroep veroordeelde in 2023 de federale overheid en twee gewesten wegens ontoereikend klimaatbeleid. De wil is er. Het beleid niet. HART wil dat veranderen.
De feiten
| Indicator | België | Context |
|---|---|---|
| Climate Change Performance Index 2026 | 37e, "low performer" | NL: 10e. FR: 21e. DE: 22e |
| Broeikasgasuitstoot | 98,0 MtCO₂-eq (2024); 8,3 ton/inwoner | EU-gem: ~6,7 ton/inwoner. FR: 5,3. DE: 7,8 (2024) |
| Reductie t.o.v. 1990 | -32,6% totaal (2024) | Doel 2030 buiten het ETS (ESR): -47% t.o.v. 2005. Projectie met bestaand beleid (WEM): -22%, een kloof van 25 procentpunt. Volgens het definitieve nationale energie- en klimaatplan haalt België het doel enkel met flexibiliteiten voor ongeveer 4 procentpunt |
| Hernieuwbare energie | 14,3% van bruto finaal verbruik (2024) | EU-gem: 25,2%. Laagste in de EU |
| Elektriciteitsmix 2025 | Kernenergie 34%. Wind en zon 34%. Gas 19% (voorlopig) | Netto-invoer 14 TWh, ongeveer een zesde van het verbruik. Vijf van de zeven kernreactoren gingen tussen 2022 en 2025 dicht |
| Transport | +19% uitstoot t.o.v. 1990 (2024) | Terwijl de totale uitstoot met een derde daalde. Ongeveer een kwart van de totale uitstoot en ruim een derde van de uitstoot buiten het ETS |
| Waterkwaliteit (Vlaanderen) | 1 van de 195 waterlichamen (0,5%) in goede ecologische toestand | De EU-Kaderrichtlijn Water vraagt een goede toestand tegen 2027; Vlaanderen is daar ver van verwijderd |
| Zuiveringsgraad afvalwater | Vlaanderen: 88,6% (2024). Brussel: vrijwel volledig | Aangesloten op minstens secundaire zuivering: BE 84,5% (2024). DE ~97% (2022). NL ~99,7% (2024). EU-gem: ~81% (2024) |
| Habitats in goede staat | België heeft, samen met Denemarken, het laagste aandeel van de EU; meer dan 70% in slechte staat | EU: 81% in ongunstige staat, waarvan 36% slecht (2013-2018) |
| Beschermde natuur | 15,5% landoppervlak (2023) | EU-gem: 26,4%. Doel 2030: 30% |
| Pesticidengebruik | 5,4 kg/ha akkerland (2023). Vierde hoogste in de EU | EU-gem: 2,7 kg/ha. Het dubbele van het gemiddelde |
| Verpakkingsrecyclage | 79,7% (2023). Hoogste in de EU | Gemeentelijk afval: storten 0,1% (laag), verbranding 44% (te hoog) |
| PFAS (Zwijndrecht) | 48% van de 8.568 geteste omwonenden boven de EFSA-richtwaarde | 3M betaalt €571 mln remediëring. Geen strafrechtelijke veroordeling |
| EU ETS koolstofprijs | Gemiddeld ~€73/ton op de veilingen (2025) | Tot 2018 bleef de prijs meestal ver onder €25/ton; in 2007 zakte ze tot bijna nul |
Bronnen: CCPI 2026 (Germanwatch); Eurostat; Europese Commissie (Climate Action Progress Report, landenprofiel België); Elia; VMM; EEA; FAO; Departement Zorg; ICAP.
1. Stop de uitstoothandel: vervuiler betaalt direct
Standpunt: Het EU Emissions Trading System (ETS) bestaat sinds 2005. De belofte: een marktmechanisme dat uitstoot efficiënt reduceert. De realiteit: tot 2018 bleef de koolstofprijs meestal ver onder de €25/ton die vaak als minimum voor echte decarbonisatie geldt. Jarenlang lag ze zelfs onder €10/ton, en in 2007 zakte ze tot bijna nul door een overvloed aan gratis rechten. Industriële sectoren kregen meer gratis uitstootrechten dan ze nodig hadden. CE Delft schat de meevallerswinsten (windfall profits) op tot €50 miljard (2008-2019): bedrijven die gratis rechten kregen, rekenden de marktwaarde ervan toch door aan hun klanten en staken het verschil in eigen zak.
Ondertussen daalde de uitstoot van de industrie, waarvan gratis rechten meer dan 90% dekten, tussen 2013 en 2022 met minder dan 9%, terwijl de strenger geregelde energiesector bijna 30% haalde (Bruegel, januari 2026). Van de Belgische veilinginkomsten ging volgens de eigen rapportering aan de EU gemiddeld maar 38% naar klimaat en energie (2013-2023). En financiële tussenpersonen, zoals banken en hedgefondsen, verdienen aan een systeem dat bedoeld was om het klimaat te redden.
Een baanbrekende studie in Science (2024) analyseerde 1.500 klimaatmaatregelen in 41 landen en vond slechts 63 ingrepen met grote emissiereducties. De conclusie: succes komt van goed ontworpen beleidsmixen, waarin een prijs op uitstoot (belastingen, heffingen, prijsvloeren) samengaat met directe regulering. Verboden, normen en subsidies hadden op zichzelf veel minder effect. De Britse minimumprijs voor koolstof, gecombineerd met steun voor hernieuwbare energie en de uitfasering van steenkool, is een schoolvoorbeeld. HART trekt daaruit een duidelijke les: een voorspelbare, directe prijs werkt, een speculatieve markt in rechten veel minder. Emissiehandel geeft bedrijven verhandelbare rechten op uitstoot, die ze doorprijzen aan klanten of oppotten, in plaats van minder te vervuilen. Het verplaatst het probleem naar offsets, papieren rechten en financiële tussenpersonen, in plaats van het op te lossen. Noorwegen, Zweden en Zwitserland heffen al een nationale koolstofbelasting naast het emissiehandelssysteem: in Noorwegen betaalt de petroleumsector gecombineerd ongeveer €150/ton (2025), Zweden heft ongeveer €130/ton op transport- en verwarmingsbrandstoffen (2026).
HART wil af van het systeem waarbij je het recht om te vervuilen kunt kopen en verkopen. De enige manier om fossiele uitstoot te verminderen is: minder fossiel verbranden. Niet handelen in papieren rechten. Niet offsetten in tropische bossen. Niet speculeren op koolstofmarkten. Direct reguleren, direct bestraffen, direct verminderen.
Zolang het EU ETS bestaat, pleit HART binnen de EU voor afschaffing van gratis rechten en uitbreiding van CBAM. Tegelijk ijveren we voor een gecoördineerde EU-aanpak zonder ETS: bindende minimumheffingen en gezamenlijke uitfaseringsdeadlines voor alle lidstaten. De echte oplossing ligt bij directe regulering en directe heffing, niet bij een speculatieve markt.
Wat we gaan doen:
- België pleit binnen de EU voor de afschaffing van gratis uitstootrechten vóór 2030, niet pas in 2034 zoals de EU-regels voor de CBAM-sectoren bepalen. Zolang bedrijven gratis rechten krijgen, is er geen prikkel om te verduurzamen. Gratis rechten zijn een verborgen subsidie aan de zware industrie.
- ETS-veilinginkomsten 100% oormerken voor directe decarbonisatie. België haalde sinds 2013 ruim €3,4 miljard aan ETS-veilinginkomsten op (€541 miljoen in 2023), maar rapporteerde dat gemiddeld slechts 38% naar klimaat en energie ging. De EU-regels verplichten sinds 2023 dat alle veilinginkomsten naar klimaat- en energiedoelen gaan. HART wil dat elke euro aantoonbaar gaat naar industriële verduurzaming, woningrenovatie en hernieuwbare energie. Niet naar begrotingsgaten.
- Directe fossiele uitfasering per sector wettelijk verankeren. Geen handelsysteem dat de prijs laat bepalen wanneer bedrijven verduurzamen, maar harde deadlines: steenkool uit elektriciteitsproductie (al gerealiseerd in België), stookolie uit woningverwarming tegen 2035, aardgas uit nieuwbouw tegen 2030, alleen nieuwe nul-emissie personenwagens vanaf 2035, zoals de EU in 2023 vastlegde. Per sector een bindend pad met tussentijdse mijlpalen.
- Een Belgische koolstofheffing bovenop de EU-koolstofprijs. Geoormerkt voor het klimaattransitiefonds én een klimaatdividend (zie volgend punt). Het principe is dat van Noorwegen, Zweden en Zwitserland: een nationale heffing naast het EU ETS, in plaats van enkel op het ETS te vertrouwen. In Noorwegen betaalt de petroleumsector een gecombineerde prijs van ongeveer €150/ton (2025), Zweden heft ongeveer €130/ton op transport- en verwarmingsbrandstoffen buiten het ETS (2026). Voor België richt HART zich op een gecombineerde prijs die convergeert naar €150/ton tegen 2035, gefaseerd opgebouwd. De heffing is transparant, voorspelbaar en niet manipuleerbaar door speculanten.
- Een klimaatdividend om regressiviteit te compenseren. Een koolstofheffing treft lage inkomens proportioneel harder, omdat zij een groter deel van hun inkomen aan energie besteden. Canada stortte de opbrengst van zijn federale koolstofheffing op brandstof grotendeels terug via een kwartaalbetaling per huishouden, gemoduleerd naar gezinsgrootte. De heffing voor consumenten, en daarmee de terugbetaling, werd in april 2025 afgeschaft. HART wil dat 50% van de Belgische koolstofheffing-opbrengsten terugvloeit naar huishoudens via een klimaatdividend, met een hogere uitkering voor lage inkomens en grote gezinnen. De overige 50% gaat naar het klimaattransitiefonds.
- EU-akkoord over een level playing field zonder ETS. Een Belgische koolstofheffing bovenop ETS werkt alleen als buurlanden een vergelijkbaar instrument hebben, anders vluchten bedrijven naar Duitsland, Nederland of Frankrijk. HART wil dat België binnen de EU pleit voor twee zaken. Eén, een herziene Energy Taxation Directive met een bindende minimum koolstofheffing op fossiel verbruik in alle lidstaten, jaarlijks oplopend. Twee, gezamenlijke sectorale uitfaseringsdeadlines die voor iedereen gelden: stookolie uit verwarming tegen 2035 EU-breed, aardgas uit nieuwbouw tegen 2030 EU-breed, industriële decarbonisatiepaden per sector. Een gemeenschappelijke aanpak via directe regulering en directe heffing garandeert hetzelfde resultaat als ETS beoogt, zonder een markt in uitstootrechten.
- Het EU Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM) voluit steunen én uitbreiden. CBAM is sinds 1 januari 2026 definitief van toepassing voor zes sectoren (ijzer en staal, cement, aluminium, meststoffen, elektriciteit, waterstof) en dwingt importeurs uit niet-EU-landen om de Europese koolstofprijs te betalen. Petrochemie, raffinage, glas, keramiek en papier vallen er niet onder (stand 2026). Voor deze sectoren blijft Chinese, Indische of Turkse import goedkoop terwijl Europese producenten de volle koolstofkost dragen. HART wil dat België binnen de EU-Raad actief pleit voor CBAM-uitbreiding naar deze sectoren tegen 2030. Turkije, Brazilië, het VK, Taiwan en Zuid-Korea passen hun beleid al aan. De Europese Commissie raamt dat 75% van de CBAM-opbrengst de EU-begroting gemiddeld ongeveer €1,4 miljard per jaar oplevert (voorstel voor 2028-2034). Bij uitbreiding een veelvoud.
Bewezen in: Noorwegen: koolstofbelasting sinds 1991, gecombineerd met het EU ETS. Gecombineerde koolstofprijs voor de petroleumsector: ongeveer NOK 1.825, zo'n €150 per ton (2025), met als doel NOK 2.000 per ton in 2030. De uitstoot per geproduceerde eenheid behoort tot de laagste ter wereld. VS: CAFE-voertuignormen, directe regulering zonder emissiehandel, sinds 1975. Inflation Reduction Act (2022): bij goedkeuring geraamd op ongeveer $370 miljard aan steun voor schone energie, vooral via belastingkredieten, en in 2025 deels teruggeschroefd. Science-studie (2024): analyse van 1.500 klimaatmaatregelen in 41 landen. Conclusie: de 63 ingrepen met grote reducties steunen vooral op beleidsmixen waarin prijsinstrumenten samengaan met directe regulering; verboden en normen alleen hebben veel minder effect.
2. Individuele grote vervuilers: jets, jachten en frequente vliegers
Standpunt: Eén retourvlucht Londen-New York stoot ongeveer 2 ton CO₂-equivalent uit per economypassagier, inclusief niet-CO₂-effecten (condensstrepen, stikstofoxiden, waterdamp). Een gemiddeld Europees huishouden met gasverwarming stoot daarvoor ongeveer 2 à 3 ton CO₂ per jaar uit. De vergelijking klopt: één transatlantische retourvlucht is ongeveer één jaar verwarming. Maar het echte schandaal zit bij de superrijken. Een privéjet stoot ongeveer 2 ton CO₂ per vlieguur uit, 5 tot 14 keer meer per passagier dan een commercieel vliegtuig. Europa telde een record van 572.806 privéjetvluchten in 2022, waarvan 55% korter dan 750 km (Greenpeace en CE Delft). De populairste route: Parijs-Londen, gemiddeld 9 privévluchten per dag.
Superjachten zijn nog erger. Oxfam berekende dat een superjacht van een miljardair gemiddeld 5.672 ton CO₂ per jaar uitstoot. Een gemiddeld persoon doet er 860 jaar over om zoveel uit te stoten. Toch vallen superjachten volgens Oxfam buiten zowel de Europese koolstofprijs als de uitstootregels van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO).
Wat we gaan doen:
- Een Europese privéjettaks invoeren. Frankrijk heft sinds maart 2025 €210 tot €2.100 per passagier op privévluchten. In juni 2025 lanceerden acht landen, onder wie Frankrijk en Spanje, een internationale coalitie voor heffingen op premiumvluchten en privéjets. HART wil dat België zich daarbij aansluit en pleit voor een tarief dat de werkelijke klimaatkost weerspiegelt: minimaal €500/passagier voor vluchten onder 1.500 km, €1.000+ voor intercontinentaal.
- Een progressieve vliegbelasting voor frequente vliegers, op Europees niveau. Een studie van de New Economics Foundation, met modellering door CE Delft (oktober 2024), stelt voor: €0 voor de eerste retourvlucht per jaar, oplopend voor elke volgende vlucht. Geprojecteerd effect: -21% luchtvaartuitstoot en €64 miljard/jaar Europese inkomsten. HART pleit binnen de EU voor dit model, bovenop de Belgische luchtvaartheffing van €10-25 per passagier (zie Mobiliteit). Wie één keer per jaar op vakantie vliegt, betaalt dan enkel die gewone heffing. Wie 15 keer per jaar naar vergaderingen jet, betaalt de klimaatkost.
- Korteafstandsvluchten verbieden waar treinreizen onder 3 uur bestaan. Frankrijk verbood in 2023 drie routes waar het TGV-alternatief onder 2,5 uur lag. Een symbolische maar juiste stap. HART wil dit uitbreiden naar 3 uur en Europees verankeren: Brussel-Parijs, Brussel-Amsterdam, Brussel-Londen (Eurostar ~2u), Brussel-Frankfurt. Allemaal per trein sneller en schoner.
- Superjachten belasten via havenrechten en een uitstootbelasting. Geen enkel EU-instrument dekt superjachten. HART wil dat elke EU-haven een klimaatheffing oplegt op jachten >24 meter: €10/ton CO₂ op brandstof, plus een jaarlijkse ligplaatsbelasting gebaseerd op motorvermogen.
Bewezen in: Frankrijk: privéjettaks sinds maart 2025, €210-2.100 per passagier. Verbod op korteafstandsvluchten (mei 2023) voor routes met een treinalternatief onder 2,5 uur: 3 routes geschrapt, volgens de Franse overheid ~55.000 ton CO₂/jaar minder. New Economics Foundation en CE Delft (okt. 2024): pan-Europees model voor een heffing op frequente vliegers, €0 voor de eerste retour, progressief tot €400+ voor de negende vlucht en meer. Geprojecteerd: -21% uitstoot, €64 mrd/jaar inkomsten. Communications Earth & Environment (2024): de CO₂-uitstoot van privéjets steeg wereldwijd met 46% van 2019 tot 2023, tot 15,6 miljoen ton. Oxfam (2024): een gemiddeld superjacht stoot 5.672 ton CO₂/jaar uit, 860 jaar uitstoot van een gemiddeld persoon.
3. Klimaatadaptatie: voorbereid op wat komt
Standpunt: Mitigatie (minder uitstoot) is noodzakelijk maar niet voldoende. De klimaatverandering die al in het systeem zit, gáát effecten hebben, ook in België. De overstromingen van juli 2021, vooral in de Vesdervallei, bewezen dit: 42 doden, meer dan 100.000 getroffenen en een directe schade die de Belgische overheid bij het EU-Solidariteitsfonds op €5,56 miljard raamde. In Jalhay viel 271,5 mm neerslag in 48 uur, een hoeveelheid met een terugkeerperiode van meer dan honderd jaar. Een World Weather Attribution-studie toonde dat de kans op zo'n gebeurtenis door klimaatverandering 1,2 tot 9 keer hoger is geworden.
België is structureel niet klaar. De zeespiegel bij Oostende steeg met ongeveer 24 cm tussen 1951 en 2024, en de stijging versnelt. Vlaanderen telt 235 signaalgebieden: onbebouwde zones die als waterbuffer dienen maar onder bouwdruk staan. En de droogtezomers van 2018, 2019, 2020 en 2022 toonden dat België ook een watervoorzieningsprobleem heeft.
Wat we gaan doen:
- Een Belgische Deltawet naar Nederlands model. Nederland verankerde in 2012 het Deltaprogramma bij wet: een Deltacommissaris die het programma aanstuurt en een Deltafonds met gemiddeld bijna €2 miljard per jaar (raming 2025-2039). Sinds 2017 gelden voor alle primaire waterkeringen nieuwe, strengere veiligheidsnormen. Het programma Ruimte voor de Rivier (€2,3 mrd) creëerde overstromingsvlakten via 34 projecten. HART wil een equivalent Belgisch Klimaatadaptatiefonds met geoormerkt budget. Niet afhankelijk van jaarlijkse begrotingsonderhandelingen.
- Geen bouwvergunningen meer in overstromingsgebied. Vlaanderens 235 signaalgebieden worden wettelijk beschermd als waterbuffer. Geen uitzonderingen. Bestaande bebouwing in zones met hoog overstromingsrisico krijgt een verplicht terugkooprecht van de overheid.
- Kustbescherming: Masterplan Kustveiligheid verlengen tot 2100. Het Masterplan Kustveiligheid (2011, ongeveer €300 miljoen) beschermt de 67 km kust tegen een 1.000-jarige storm tot 2050. De langetermijn-Kustvisie overweegt zeespiegelstijging tot 3 meter. HART wil dat dit wettelijk verankerd wordt met een gegarandeerd budget. Niet elk jaar opnieuw politiek onderhandeld.
Bewezen in: Nederland: Deltaprogramma (Deltawet 2012), met een Deltacommissaris en een Deltafonds van gemiddeld bijna €2 mrd/jaar (raming 2025-2039); strengere normen voor alle primaire waterkeringen sinds 2017. Ruimte voor de Rivier: €2,3 mrd, 34 projecten. Kopenhagen: Cloudburst Management Plan (2012), na een wolkbreuk in juli 2011 met meer dan DKK 6 miljard (ongeveer €0,8 miljard) schade. Ongeveer 300 bovengrondse projecten die regenwater opvangen en afvoeren, samen met grotere riolen: voor de samenleving goedkoper dan enkel de riolen vergroten. Uitvoering over twintig à dertig jaar. Tokio: Metropolitan Area Outer Underground Discharge Channel, 's werelds grootste ondergrondse waterafvoer, 50 meter diep, 6,3 km lang.
4. Ons water: van versnippering naar waterschappen
Standpunt: Het Belgische waterbeheer is een bestuurlijke ramp. In Vlaanderen alleen al zijn tientallen instanties actief: polders en wateringen, bekkencomités, gemeenten, provincies, VMM, De Vlaamse Waterweg, Aquafin. Aquafin moet voor riolering en waterzuivering afstemmen met alle gemeentelijke rioolbeheerders, en een rioleringsproject duurt van plan tot oplevering vaak vele jaren. België werd in 2004 door het Hof van Justitie van de EU veroordeeld wegens niet-naleving van de Richtlijn Stedelijk Afvalwater, onder meer voor 114 Vlaamse agglomeraties.
Het resultaat: een Vlaamse zuiveringsgraad van 88,6% (2024). Op minstens secundaire zuivering is 84,5% van de Belgische bevolking aangesloten (2024), tegenover 97,1% in Duitsland (2022) en 99,7% in Nederland (2024). Het afvalwater van ruim een op tien Vlamingen belandt niet in een openbare zuivering. Duizenden overstortpunten lozen bij zware regenval gemengd riool- en regenwater rechtstreeks in waterlopen. Van 195 Vlaamse waterlichamen bereikt er precies 1 (0,5%) een goede ecologische toestand. Vlaanderen heeft een van de slechtste waterkwaliteiten van Europa. De EU-Kaderrichtlijn Water vraagt een goede toestand tegen 2027, en Vlaanderen is daar ver van verwijderd. De VMM raamde in 2018 dat de volledige uitbouw van het rioleringsstelsel nog €9,3 miljard kost.
Wat we gaan doen:
- Waterbeheer herorganiseren per hydrografisch bekken, naar model van de Nederlandse waterschappen. De 21 Nederlandse waterschappen, de oudste democratische instellingen van het land (sinds 1255), beheren water per stroomgebied, niet per gemeente. Ze zijn financieel zelfvoorzienend via eigen heffingen (€4,3 mrd in 2025), beheren samen 3.200 km primaire waterkeringen, 240.000 km waterlopen en 313 zuiveringsinstallaties. De OESO noemt het Nederlandse waterbeheer "een mondiale referentie." HART wil dit model aanpassen aan de Belgische context: één waterautoriteit per hydrografisch bekken (Schelde, Maas, IJzer, Dender, etc.), opgericht door de betrokken deelstaten in een concordaat (art. 32 HART-grondwet), met een eigen waterheffing die de deelstaten bij deelstaatwet invoeren, operationele autonomie en directe rapportering aan hun parlementen.
- De zuiveringsgraad naar 98-99% brengen binnen twee legislaturen. Dit vergt miljarden extra investeringen: de VMM raamde de volledige uitbouw van de riolering in 2018 op €9,3 mrd. HART wil dit financieren via een combinatie van middelen van de deelstaten, Europese cohesiefondsen en een waterzuiveringsheffing naar Nederlands model. Niet via de algemene begroting.
- Scheiding van afval- en hemelwater verplicht maken bij elke wegenwerken- of rioleringsinvestering. Waar gescheiden systemen bestaan, worden overstorten overbodig en stroomt schoon regenwater naar de grond of naar oppervlaktewater.
- Illegale lozingen bestraffen als milieumisdrijf niet met administratieve boetes maar met strafrechtelijke vervolging, verbeurdverklaring van opbrengsten, en publicatie van overtreders.
Bewezen in: Nederland: 21 waterschappen (sinds 1255), beheer per stroomgebied, financieel zelfvoorzienend via eigen heffingen (€4,3 mrd, 2025). Ruim 99% van de bevolking aangesloten op een zuivering. 3.200 km primaire waterkeringen, 240.000 km waterlopen. OESO: "mondiale referentie." Duitsland: ongeveer 97% aangesloten op een zuivering. Aquafin (Vlaanderen): 332 zuiveringsinstallaties, 99,4% ervan voldeed aan alle normen (2025). Maar het budget volstaat niet voor de resterende uitdagingen.
5. PFAS en milieucriminaliteit: straffen, niet schikken
Standpunt: De PFAS-vervuiling rond de 3M-fabriek in Zwijndrecht is het grootste milieudelict in de Belgische geschiedenis. De schadelijkheid van PFOS was binnen 3M al decennia bekend. Toch bleef het bedrijf decennialang lozen. Bloedonderzoek bij bijna 800 omwonenden in 2021 toonde bij ongeveer de helft te hoge PFAS-waarden. Een grootschalig onderzoek bij 8.568 omwonenden binnen 5 km (resultaten maart 2025) vond dat 48% boven de EFSA-richtwaarde zat.
3M verbond zich in juli 2022 tot €571 miljoen remediëring. Ter vergelijking: in de VS betaalde 3M $10,3 miljard alleen al voor schikkingen over drinkwaterverontreiniging. Een pilootzaak leverde in 2023 slechts €2.000 op voor één getroffen gezin. Daarna stapten 1.400 omwonenden (collectief Darkwater3M) samen naar de rechter; ze eisen samen een voorschot van €28 miljoen, en de zaak kwam in 2026 voor de rechtbank.
De Vlaamse parlementaire onderzoekscommissie (juni 2021-maart 2022) formuleerde 69 aanbevelingen en noemde het gedrag van 3M "onaanvaardbaar", maar wees bewust geen individuele politici als verantwoordelijke aan. Niemand werd strafrechtelijk veroordeeld. En dat past in een patroon: slechts 5 à 7% van de milieumisdrijven komt ooit voor een rechter (cijfers 2016-2020). De kans op detectie en vervolging van milieumisdrijven is bijzonder laag.
In Italië werden in juni 2025 11 voormalige directieleden van Miteni veroordeeld tot samen 141 jaar gevangenis wegens opzettelijke watervergiftiging door PFAS, een ramp die meer dan 350.000 mensen in Veneto trof. België heeft geen vergelijkbaar strafrechtelijk precedent.
Wat we gaan doen:
- Milieucriminaliteit bestraffen als misdrijf, niet als overtreding. De EU-richtlijn milieucriminaliteit (2024/1203, omzettingstermijn 21 mei 2026) verplicht maximumstraffen van ten minste 8 jaar voor de zwaarste, met ecocide vergelijkbare delicten (10 jaar bij dodelijke afloop) en bedrijfsboetes van ten minste 5% van de wereldwijde omzet of €40 miljoen. HART wil dat België deze richtlijn maximaal omzet, niet minimalistisch. Directieleden die bewust milieuvervuiling toestaan, riskeren persoonlijke gevangenisstraf.
- Een Belgisch ecocide-misdrijf invoeren dat alle deelstaten dekt. Het Belgische Strafwetboek van 29 februari 2024 voert ecocide in met straffen tot 20 jaar, maar alleen voor federale bevoegdheden (Noordzee, nucleair afval). HART wil ecocide uitbreiden naar alle milieumateries, ook die de deelstaten regelen: bodemverontreiniging, watervervuiling, luchtkwaliteit.
- Een PFAS-fonds oprichten gefinancierd door de vervuilers. De €571 miljoen van 3M is een begin, maar PFAS zit niet alleen rond Zwijndrecht en de rekening voor sanering en medische opvolging reikt veel verder. HART wil dat alle PFAS-producenten en -gebruikers in België bijdragen aan een collectief fonds voor sanering en medische opvolging, naar het Amerikaanse Superfund-model.
- De handhavingscapaciteit voor milieumisdrijven verdrievoudigen. De lage detectie- en vervolgingskans, waarbij amper 5 à 7% van de milieumisdrijven voor de rechter komt, is een uitnodiging tot fraude. HART wil meer milieu-inspecteurs, hogere boetes, en een gespecialiseerde milieukamer bij elke rechtbank van eerste aanleg.
- Het Europese PFAS-verbod actief steunen. In januari 2023 dienden vijf landen bij ECHA een restrictievoorstel in voor meer dan 10.000 PFAS-stoffen, de meest ambitieuze chemische restrictie ooit. HART wil dat België actief pleit voor een breed verbod met minimale uitzonderingen.
Bewezen in: Italië: Miteni-proces (juni 2025), 11 ex-directieleden veroordeeld tot samen 141 jaar gevangenis voor opzettelijke PFAS-watervergiftiging die meer dan 350.000 mensen trof. VS: 3M-schikkingen van $10,3 mrd voor PFAS in drinkwater; het EPA-Superfund dwingt vervuilers tot volledige sanering. EU-richtlijn milieucriminaliteit (2024/1203): maximumstraffen van ten minste 8 jaar voor de zwaarste delicten, bedrijfsboetes van ten minste 5% van de wereldwijde omzet of €40 mln. Vlaamse onderzoekscommissie PFAS-PFOS: 69 aanbevelingen, geen strafrechtelijke gevolgen.
6. Afval en kringloopeconomie: van recycleren naar verminderen
Standpunt: België is Europees kampioen verpakkingsrecyclage (79,7% in 2023) en stort nagenoeg niets meer (0,1% van het gemeentelijk afval). Maar de keerzijde: 44% van het gemeentelijk afval wordt verbrand (2023). Dat moet omlaag om de EU-doelstellingen van 2030 en 2035 te halen. Critici zoals de Fair Resource Foundation wijzen erop dat de officiële recyclagecijfers sterk afhangen van de meetmethode. Fost Plus focust nagenoeg exclusief op recyclage. Preventie en hergebruik komen nauwelijks aan bod.
België heeft geen statiegeldsysteem voor plastic flessen en blikjes (stand 2026). De Europese verpakkingsverordening verplicht lidstaten om tegen 2029 90% van die drankverpakkingen apart in te zamelen, en om statiegeld in te voeren als ze in 2026 onder 80% blijven. Duitsland haalt met zijn statiegeldsysteem een retourpercentage van meer dan 98%. Litouwen sprong van minder dan 34% naar 92% na de invoering van statiegeld. Oostenrijk haalde 81,5% in het eerste jaar. De Vlaamse lokale besturen betalen jaarlijks ongeveer €144 miljoen voor het opruimen van zwerfvuil (OVAM-studie, 2019), geld dat deels overbodig wordt met statiegeld.
Wat we gaan doen:
- Statiegeld invoeren binnen twee jaar na de start, voor plastic flessen, blikjes én glas. Niet wachten tot de EU-deadline van 2029. Duitsland, Noorwegen, Litouwen, Estland, Kroatië en Oostenrijk (sinds januari 2025) tonen dat statiegeld werkt. Tarief: €0,15-0,25 per eenheid, digitaal of fysiek retour, met een verplicht 90%+ retourpercentage als wettelijke norm.
- 100% producentenverantwoordelijkheid afdwingen, inclusief zwerfvuil. Verpakkingsproducenten dragen de volledige financiële verantwoordelijkheid voor ophaling, verwerking én opruiming van zwerfvuil. Producenten van sigaretten en kauwgom betalen mee in verhouding tot hun aandeel in het probleem, zoals de EU-richtlijn over plastic voor eenmalig gebruik (2019) vereist.
- Verbod op alle éénmalig-gebruik plastic serviesgoed handhaven en uitbreiden naar foodcontainers en koffiebekertjes. Microplastics in cosmetica en verbruiksgoederen: volledig verbieden, in lijn met de EU ECHA-restrictie.
- Maximale recyclage van elektronisch afval in eigen land. Geen export van e-waste naar ontwikkelingslanden. Elke gram kobalt, lithium en zeldzame aarden die in België terechtkomt, moet in België gerecupereerd worden. Dit vermindert importafhankelijkheid en voorkomt milieudumping.
- Van recycleren naar verminderen. Vlaanderen Circulair mikt op 30% reductie van de materiaalvoetafdruk tegen 2030. HART steunt dit en wil dat de circulariteitsgraad (22,7% in 2024, tweede in de EU) stijgt naar 30%, met focus op hoogwaardige recyclage, niet downcycling.
Bewezen in: Duitsland: statiegeldsysteem met een retourpercentage van meer dan 98% voor PET-flessen. Litouwen: van minder dan 34% naar 92% na de invoering van statiegeld. Oostenrijk: statiegeld sinds januari 2025, 81,5% ingezameld in het eerste jaar. België: 79,7% verpakkingsrecyclage (hoogste van de EU, 2023), maar ongeveer €144 mln/jaar opruimkosten voor zwerfvuil bij de Vlaamse lokale besturen en geen statiegeld. Circulariteitsgraad: België 22,7%, tweede in de EU na Nederland (32,7%) (2024). EU-richtlijn over plastic voor eenmalig gebruik (2019): producentenverantwoordelijkheid voor zwerfvuil.
7. GGO en Nieuwe Genomische Technieken: investeren in de toekomst
Standpunt: De EU keurde in 2026 de verordening over Nieuwe Genomische Technieken (NGT) goed, na een akkoord tussen Raad en Parlement in december 2025. NGT Categorie 1-planten (equivalent aan conventioneel veredeld, met ≤20 genetische wijzigingen) worden niet langer als GGO geclassificeerd. Geen risicobeoordeling, geen productlabeling, geen opt-out door lidstaten. Categorie 2 blijft onder volledige GGO-autorisatie. Herbicidetolerantie en insecticide-eigenschappen zijn uitgesloten van Categorie 1. De verordening wordt na een overgangsperiode van twee jaar van toepassing.
VIB-UGent in Gent is een van de wereldleiders in plantenbiotechnologie. Onderzoekers aan de UGent ontdekten in de jaren 1970 hoe de bodembacterie Agrobacterium tumefaciens genen overdraagt naar planten, de basis van de technologie die wereldwijd wordt gebruikt om genetisch gemodificeerde planten te maken. VIB doet vooraanstaand onderzoek naar CRISPR-Cas-genoombewerking. België werkte als EU-Raadsvoorzitter (eerste helft 2024) compromisteksten uit; het Raadsmandaat kwam er in maart 2025 onder Pools voorzitterschap, het akkoord met het Parlement in december 2025 onder Deens voorzitterschap.
Wat we gaan doen:
- België positioneren als Europees centrum voor NGT-onderzoek. VIB-UGent heeft de wetenschappelijke basis. HART wil de regulatoire en financieringsomgeving creëren om België toonaangevend te maken. Versnelde vergunningsprocedures voor NGT-veldproeven, meer publieke onderzoeksfinanciering, en een innovatiefonds voor agri-biotech startups.
- NGT inzetten voor concrete milieu-uitdagingen: ziektebestendiger gewassen (minder fungiciden), droogtetolerante variëteiten (minder irrigatie), stikstoffixerende capaciteit (minder kunstmest), hogere opbrengst per hectare (minder landgebruik). Elke kilo pesticiden minder per hectare is een directe milieuwinst.
- Transparantie garanderen. Geen labeling voor Categorie 1-planten (equivalent aan conventionele veredeling), maar volledige traceerbaarheid en publieke toegang tot alle goedkeuringsdossiers. Consumentenvertrouwen verdien je met openheid, niet met geheimhouding.
Bewezen in: VIB-UGent: wereldspeler in plantenbiotechnologie, bakermat van de Agrobacterium-transformatietechnologie, vooraanstaand in CRISPR-Cas-genoombewerking. EU NGT-verordening (akkoord december 2025, goedgekeurd in 2026): Categorie 1-planten (≤20 wijzigingen) niet langer als GGO geclassificeerd. België werkte als EU-Raadsvoorzitter in 2024 mee aan de compromisteksten.
8. Luchtkwaliteit en geluidsoverlast: de onzichtbare vervuilers
Standpunt: De Belgische luchtkwaliteit verbeterde de voorbije decennia, maar blijft ver boven de WHO-richtwaarden. Op 80% van het Belgische grondgebied ligt fijnstof (PM2.5) boven de WHO-jaarrichtwaarde van 5 µg/m³. Op de drukste verkeerslocaties meet men nog 30 à 40 µg/m³ stikstofdioxide (NO₂), 3 tot 4 keer de WHO-richtwaarde van 10 µg/m³. In Brussel liggen de hoogste waarden langs de Kleine Ring. Op die verkeerslocaties is nog veel extra inspanning nodig om de nieuwe EU-grenswaarde van 20 µg/m³ voor 2030 te halen. Luchtvervuiling hing in 2022 samen met ruim 5.800 overlijdens door fijnstof en ongeveer 2.950 door NO₂ in België.
Drie steden hebben lage-emissiezones (LEZ): Antwerpen (sinds 2017), Brussel (sinds 2018, het hele gewest van 161 km²) en Gent (sinds 2020). Een studie uit 2025 bevestigde meetbare positieve effecten op luchtkwaliteit en gezondheid, inclusief minder gebruik van diabetesmedicatie. Maar de Vlaamse regering stelde de geplande LEZ-verstrenging in september 2025 voorlopig uit, en Wallonië schafte in 2024 de geplande gewestelijke LEZ af.
Transportlawaai hoort volgens het Europees Milieuagentschap bij de drie grootste milieugezondheidsrisico's in Europa, na luchtvervuiling en extreme temperaturen: meer dan 110 miljoen Europeanen worden blootgesteld aan schadelijk transportlawaai boven 55 dB (EEA, 2025). De economische kost: minstens €95,6 miljard per jaar (~0,6% van het Europese bbp).
Wat we gaan doen:
- LEZ's handhaven en versterken, niet uitstellen. HART wil dieselwagens uit de LEZ's weren, zoals het Brusselse LEZ-traject vanaf 2030 voorziet, en dat uitbreiden. Antwerpen en Gent verstrengen de normen zoals oorspronkelijk gepland. De Waalse deelstaten voeren alsnog LEZ-zones in.
- Ondertunneling of overkapping van snelwegen in stedelijke zones. Madrid Río (2004-2011): 12 km M-30 ondertunneld, 120 hectare park gecreëerd (~€5-6 mrd). Seoul Cheonggyecheon (2003-2005): 5,8 km verhoogde snelweg verwijderd en beek hersteld ($281 mln): verkeer versnelde, vastgoedwaarde +30-50%. Hamburg A7 Deckel: 3,5 km autosnelweg overkapt (€600-700 mln), ongeveer 25 hectare groen en 2.000 nieuwe woningen. HART wil een masterplan voor overkapping van de Antwerpse Ring en de E40/E19 in stedelijke zones.
- Snelheidsbeperkingen en circulatieplannen doorvoeren in alle steden met >50.000 inwoners. Zone 30 in alle woonwijken. Luide voertuigen weren via geluidscamera's, naar Parijs-model.
Bewezen in: LEZ België: Antwerpen (2017), Brussel (2018), Gent (2020), meetbare luchtkwaliteitsverbetering en gezondheidseffecten (studie 2025). Madrid Río: 12 km snelweg ondertunneld, 120 ha park (~€5-6 mrd). Seoul Cheonggyecheon: 5,8 km snelweg verwijderd, beek hersteld ($281 mln), vastgoedwaarde +30-50%. Hamburg A7 Deckel: 3,5 km autosnelweg overkapt (€600-700 mln).
9. Bodem en brownfields: de vergeten vervuiling
Standpunt: Vlaanderen telt ongeveer 85.000 risicogronden: terreinen waar activiteiten plaatsvonden die de bodem kunnen vervuilen (OVAM). De OVAM-inventaris van 2018 telde 3.318 oude stortplaatsen, samen ongeveer 160 km², zo groot als de stad Gent. OVAM mikt erop om tegen 2036 de sanering van alle historische verontreiniging te starten. België behoort samen met Nederland tot de EU-landen met de meeste bodemverzegeling: al rond 2006 was ongeveer 10% van het grondgebied verzegeld, ver boven het EU-gemiddelde van 2,7% (2018).
De EU-richtlijn bodemmonitoring (Richtlijn 2025/2360, aangenomen november 2025) verplicht de lidstaten om de bodemgezondheid op te volgen en potentieel verontreinigde terreinen publiek in kaart te brengen, met als ambitie gezonde bodems tegen 2050. Context: volgens de Europese Commissie is 60-70% van de EU-bodems in slechte staat, met jaarlijkse kosten van minstens €50 miljard.
Wat we gaan doen:
- Brownfields versneld saneren en herontwikkelen. Elke brownfield die proper wordt, is een greenfield die gespaard blijft. HART wil de saneringsdeadline vervroegen van 2036 naar 2032 en een versnelde procedure invoeren voor terreinen in stedelijke kernen. Prioriteit voor woningbouw op gesaneerde grond (link met HART Wonen, standpunt 4: het Woonagentschap).
- Een nationaal bodemregister opzetten in lijn met de EU-richtlijn bodemmonitoring, publiek toegankelijk, met verplichte meldplicht voor eigenaars en gemeenten.
- Stortplaatsen als grondstofmijn. De ruim 3.300 oude stortplaatsen bevatten miljoenen tonnen materiaal, sommige met waardevolle metalen en zeldzame aarden. HART wil pilootprojecten voor "enhanced landfill mining" (Belgische expertise via ELFM-consortium/KU Leuven).
Bewezen in: OVAM (Vlaanderen): systematische aanpak van 85.000 risicogronden, met als doel de sanering van alle historische verontreiniging tegen 2036 te starten. EU-richtlijn bodemmonitoring (Richtlijn 2025/2360, november 2025): opvolging van de bodemgezondheid, publiek overzicht van potentieel verontreinigde terreinen, ambitie gezonde bodems tegen 2050. KU Leuven en het ELFM-consortium: Belgische expertise in enhanced landfill mining (stortplaatsen als grondstofbron).
Samenvatting: wat HART gaat doen
Stop de uitstoothandel. België pleit voor afschaffing van gratis ETS-rechten vóór 2030. Alle veilinginkomsten (€541 mln in 2023) aantoonbaar geoormerkt voor decarbonisatie. Directe fossiele uitfasering per sector met harde deadlines. Een Belgische koolstofheffing naar Noors model (gecombineerde prijs ~€150/ton op petroleum). CBAM voluit steunen. Termijn: doorlopend.
Jets, jachten en frequente vliegers belasten. Europese privéjettaks (min. €500/passagier). Europese progressieve heffing voor frequente vliegers, bovenop de Belgische luchtvaartheffing: €0 extra voor de eerste retour, oplopend tot €400+ voor 9+ vluchten. Korteafstandsvluchten verbieden waar trein <3 uur bestaat. Superjachten belasten via havenrechten. Termijn: 1-2 jaar.
Klimaatadaptatie: Belgische Deltawet. Onafhankelijke Klimaatadaptatiecommissaris met geoormerkt budget. Bouwverbod in overstromingsgebied. Verplichte vergroening steden. Kustbescherming wettelijk verankerd tot 2100. Termijn: 1 legislatuur.
Water: van versnippering naar waterschappen. Waterbeheer per hydrografisch bekken, naar Nederlands model. Zuiveringsgraad naar 98-99%. Scheiding afval-/hemelwater. Illegale lozingen strafrechtelijk vervolgen. Termijn: 2 legislaturen.
PFAS en milieucriminaliteit: straffen. EU-richtlijn milieucriminaliteit maximaal omzetten. Ecocide als misdrijf voor alle deelstaten. PFAS-fonds gefinancierd door vervuilers. Handhavingscapaciteit ×3. Termijn: onmiddellijk (de EU-omzettingstermijn liep af in mei 2026).
Kringloopeconomie. Statiegeld binnen twee jaar voor flessen, blikjes en glas. 100% producentenverantwoordelijkheid inclusief zwerfvuil. Maximale e-waste-recyclage in eigen land. Van recycleren naar verminderen. Termijn: 1-2 jaar.
GGO-innovatie. België als Europees centrum voor NGT-onderzoek. VIB-UGent als ankerpunt. Versnelde vergunningen, meer publieke financiering, innovatiefonds agri-biotech. Termijn: 1 legislatuur.
Luchtkwaliteit en geluid. LEZ's handhaven en versterken. Snelwegoverkapping in stedelijke zones. Zone 30 in alle woonwijken. Geluidscamera's. Termijn: doorlopend.
Bodem en brownfields. Sanering versnellen naar 2032. Nationaal bodemregister. Stortplaatsen als grondstofmijn. Termijn: 1 legislatuur.
België is een land dat zichzelf graag voorstelt als Europees model voor recyclage. En dat klopt, voor verpakkingsafval. Maar het is ook een land waar slechts 1 van de 195 Vlaamse waterlichamen proper genoeg is, waar nergens in de EU zo weinig beschermde habitats in goede staat zijn, waar een chemiereus de omwonenden decennialang vervuilde zonder dat iemand strafrechtelijk veroordeeld werd, waar de transportsector meer uitstoot dan in 1990, en waar de bouwshift een woord bleef in plaats van een daad. HART weigert het recht om te vervuilen te verhandelen op een beurs. HART weigert gratis uitstootrechten te geven aan multinationals die ze doorrekenen aan consumenten. HART weigert te accepteren dat het afvalwater van ruim een op tien Vlamingen niet in een openbare zuivering belandt terwijl Nederland ruim 99% zuivert. De vervuiler betaalt. Altijd, overal, zonder uitzonderingen. Wie vergiftigt, gaat naar de gevangenis. Wie vervuilt, betaalt de schoonmaak. Wie fossiel verbrandt, stopt ermee. Niet omdat het recht om te stoken te duur wordt op een handelsmarkt, maar omdat de wet het verbiedt.